Zo zet Trump Biden op achterstand

Machtsoverdracht VS Al erkent hij zijn verkiezingsnederlaag niet, toch tracht president Trump zijn erfenis snel te verankeren voor hij moet vertrekken.

Oliepijpleiding in Alaska. Op de valreep heeft Trumps regering een proces in gang gezet om boorrechten te verkopen in beschermd natuurgebied in Alaska.
Oliepijpleiding in Alaska. Op de valreep heeft Trumps regering een proces in gang gezet om boorrechten te verkopen in beschermd natuurgebied in Alaska. Foto Bonnie Jo Mount / Getty Images

Een Republikeinse president vertrekt tegen de achtergrond van een nationale crisis. Zijn Democratische opvolger treedt aan met de missie om die te bezweren. Dat was de situatie in januari 2009, toen president George W. Bush het stokje overdroeg aan Barack Obama, ten tijde van de Grote Recessie als gevolg van de financiële crisis.

Beide zijden zijn het erover eens dat de regering-Bush alles in het werk stelde om de aankomende regering van Obama zo goed mogelijk voor te bereiden op de zware taak. Die machtsoverdracht wordt dan ook als voorbeeldig beschouwd in de moderne Amerikaanse geschiedenis.

Zo gaat het deze keer niet. President Donald Trump heeft, ruim twee weken nadat de verkiezingszege van Joe Biden duidelijk werd, zijn verlies nog niet erkend. Hij weigert om leden van zijn regering te laten meewerken aan een machtsoverdracht, onder meer om Biden en zijn team voor te bereiden op de aanpak van de coronacrisis. Noch geeft hij Biden toegang tot de dagelijkse inlichtingenbriefings van de president, zoals wel gebruikelijk is.

Lees ook: Trumps verzet tegen verlies blijft vruchteloos, maar overtuigt zijn kiezers wel

Ook op andere beleidsterreinen kan Trump zijn opvolger Biden tegenwerken tot die op 20 januari wordt beëdigd. Want in de periode van ongeveer 2,5 maanden tussen de verkiezingen en het aantreden van de winnaar behoudt de zittende president, ondanks zijn demissionaire status als zogenoemde ‘lame duck’, alle macht.

Presidenten gebruiken die periode vaak om hun politieke nalatenschap te verstevigen. Soms schuwen ze omstreden stappen niet, bijvoorbeeld door hun macht om gratie te verlenen aan te wenden. Vier jaar geleden beëindigde Obama in zijn laatste dagen als president een praktijk om Cubaanse migranten die Amerikaanse bodem bereikten, toe te staan te blijven. Dat besluit vormde onderdeel van zijn beleid om de banden met Cuba te normaliseren. Ook wees hij nationale natuur- en cultuurmonumenten aan en verscherpte hij sancties tegen Syrië.

Niet alleen op het gebied van de pandemie werkt Trump zijn opvolger nu tegen. Ook op andere terreinen werpt hij obstakels op voor Biden. Wat kan Trump in de resterende 58 dagen van zijn presidentschap nog doen om Biden te dwarsbomen?

Herstel coronacrisis

Het ministerie van Financiën is ervan beschuldigd de aankomende regering-Biden moedwillig te hinderen door economisch herstel van de coronacrisis te bemoeilijken. Minister Steven Mnuchin kondigde vorige week aan dat enkele programma’s voor noodleningen na 31 december niet worden verlengd, waaronder het Main Street Lending Program voor bedrijven.

De Federal Reserve, die de programma’s beheert met fondsen van het ministerie, heeft de aankondiging bekritiseerd – een uitzonderlijke stap. Volgens het hoofd van de Amerikaanse Kamer van Koophandel, Neil Bradley, bindt de maatregel „nodeloos de handen van de aankomende regering”. De Democratische senator Sherrod Brown trok de conclusie dat de regering-Trump „actief probeert om de Amerikaanse economie te laten falen”.

Mnuchin heeft dat ontkend. Volgens hem heeft de nieuwe regering voldoende middelen om de economische gevolgen van de coronapandemie de komende maanden te bestrijden.

Troepen uit Afghanistan

Waarnemend minister van Defensie Christopher Miller kondigde vorige week aan dat de Verenigde Staten voor 15 januari duizenden militairen zullen terughalen uit Afghanistan en Irak – een plan waarmee Trump haastig een belofte aan zijn kiezers lijkt te willen nakomen, maar dat zijn opvolger in problemen kan brengen.

Volgens het plan blijven in beide landen ongeveer 2.500 Amerikaanse militairen achter. Nu zijn er zo’n 4.500 in Afghanistan en 3.000 in Irak. Critici vinden dat ondoordacht. Vooral in Afghanistan brengt een snelle terugtrekking volgens hen het vredesproces in gevaar. Ook kan bij een haastig vertrek Amerikaans materieel in de handen van de Taliban vallen. Dergelijke tegenslagen zouden op het bord van Biden belanden.

De Democratische senator Tammy Duckworth, een veteraan van de oorlog in Irak, zei in een reactie dat „we onze nationale veiligheidsbelangen op de lange termijn en regionale stabiliteit niet kunnen opofferen voor een roekeloze, chaotische terugtrekking die meer is gericht op de gewenste tijdlijn van Donald Trump”.

Boren in Alaska

Ook op het gebied van natuur en milieu probeert de regering-Trump op de valreep een doorbraak te forceren die Biden kan opbreken. Vorige week heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken het proces in gang gezet om boorrechten te verkopen in het Arctic National Wildlife Refuge (ANWR), een enorm beschermd natuurgebied aan de noordkust van Alaska.

Lees ook: Gespletenheid beheerst Trumps nadagen

Boren in het ANWR is zeer omstreden. In 2017 werd het wettelijk mogelijk gemaakt door het Congres. Milieuactivisten verzetten zich er fel tegen. Biden wil dat het gebied beschermd blijft. Maar als de nodige stappen zo snel mogelijk worden doorlopen, kunnen oliemaatschappijen nog net voor zijn beëdiging boorrechten verkrijgen. Die zouden moeilijk ongedaan kunnen worden gemaakt als ze zijn vergeven.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken wil ook boorrechten op federaal land in andere delen van de VS snel per opbod verkopen en olievoorraden in Alaska verder openstellen voor exploitatie.

Nucleair akkoord Iran

Met nieuwe sancties of andere stappen tegen Iran kan de regering-Trump in haar laatste paar maanden verdere obstakels opwerpen voor het voornemen van Biden om het nucleair akkoord met Teheran nieuw leven in te blazen. Biden heeft beloofd om te proberen het verdrag opnieuw aan te gaan. De VS stapten er in 2018 uit op initiatief van Trump.

De vertrekkende president lijkt vastbesloten om de spanningen met Iran juist op te voeren. Vorige week informeerde hij bij zijn adviseurs naar de mogelijkheid van een militaire aanval op de belangrijkste nucleaire faciliteit van Iran. Hoewel hem dat uit het hoofd zou zijn gepraat wegens het risico op een breder conflict, zint hij volgens The New York Times op manieren om het land nog voor zijn vertrek op andere manieren te treffen.

„Het lijkt duidelijk dat de regering-Trump een beleid van maximale druk wil blijven voeren tussen nu en januari”, zei Naysan Rafati, Iran-deskundige van de International Crisis Group, tegen NBC News. „Ze zien dit als een periode om hun eigen beleid zo veel mogelijk vast te leggen.”

Druk op China

Datzelfde geldt ook voor het China-beleid. Trump, die zich vier jaar hard heeft opgesteld tegenover Beijing, voert in de laatste weken de druk verder op. De regering-Trump heeft een zwarte lijst opgesteld van Chinese bedrijven die volgens Washington banden hebben met het Chinese leger. Die ondernemingen, meer dan dertig in totaal, is via een executive order toegang ontzegd tot de Amerikaanse kapitaalmarkt.

Late maatregelen tegen China kunnen het Biden moeilijker maken om de banden met Beijing te verbeteren, voor zover hij dat wil. Het is nog niet geheel duidelijk hoe Biden zich zal opstellen tegenover China; er zijn aanwijzingen dat hij een harde Amerikaanse lijn zal voortzetten. De zwarte lijst zal de spanningen tussen de twee grootmachten, die al in conflict zijn over het coronavirus, de onderlinge handelsbetrekkingen en de Chinese aanpak van Hongkong, verder doen toenemen.