Opinie

Olifant Buba

Marcel van Roosmalen

Eens in de zoveel tijd haalt circusolifant Buba het nieuws. Kort samengevat: sinds 2015 mogen wilde dieren niet meer optreden in circussen, maar Buba reist nog steeds met een circus mee omdat hij volgens zijn verzorgers al 28 jaar deel uitmaakt van de familie. Ze zien hem als volwaardig lid van het gezin en liggen al jaren overhoop met dierenactivisten die zeggen dat Buba „wordt meegesleurd en vaak in een trailer zit, vastgemaakt aan een poot”.

Door de coronacrisis zit het circus zonder inkomsten, de kosten voor de verzorging van Buba drukken zwaar op de rest van ‘het gezin’ dat smeekt om coronahulp. Minister Carola Schouten (Natuur) zei vrijdag naar „een mooi plekje” in het buitenland te zoeken voor de olifant, als het aan haar ligt vertrekt Buba zo snel mogelijk naar een olifantenopvang in Frankrijk.

Eind goed al goed, denk je dan, maar dat was buiten CDA-Kamerlid Martijn van Helvert gerekend. Hij deed eerder dit jaar nog een kortstondige poging lijsttrekker te worden, vond zichzelf tot zijn grote ontsteltenis terug op plaats 25 van de kieslijst van het CDA, maar kondigde al snel aan dat hij van plan is om met voorkeurstemmen toch weer in de Kamer te komen. Dan krijg je dus dit: een Kamerlid op werkbezoek bij een circusolifant. Met een fotograaf en Telegraaf-journalist Alexander Bakker als blinde volgers achter hem aan. Hij haalde de krant: „Geef olifant Buba verblijfsvergunning.”

Wordt vervolgd, weet je dan al.

De lezers van de krant van wakker Nederland schaarden zich meteen achter de argumenten van Martijn van Helvert – hij is hier al zo lang dat je hem niet meer weg kunt doen, hij is hier geworteld, als je hem weghaalt bij zijn familie zal hij sterven aan eenzaamheid en hij zal nooit meer kunnen wennen aan een nieuwe kudde – die ze als Buba een uitgeprocedeerde asielzoeker was geweest, meteen hadden verworpen.

Online krijgt Martijn van Helvert de duimpjes omhoog met uitspraken als: „Zolang Buba niet naar een eenzame schuur in Zuid-Frankrijk is gestuurd, blijf ook ik knokken voor de beste plek voor Buba.”

Als de Telegraaf-lezers mochten kiezen tussen een uitgeprocedeerde Afrikaanse olifant of een uitgeprocedeerde Afrikaan kozen ze de olifant. En op dat sentiment varen Alexander Bakker en Martijn van Helvert, ze voelen de wind in de zeilen. Het wachten is op iemand met een lange snuit – een hoofdredacteur zou fijn zijn – die zegt: „Ik blaas dit idiote verhaaltje uit.” Met je: „Hij hoort bij het gezin”.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.