Necrologie

Britse schrijver die tot haar spijt vooral herinnerd zal worden als man die vrouw werd

Jan Morris (1926-2020) De Britse auteur Jan Morris is vrijdag overleden. Morris schreef een baanbrekende autobiografie over geslachtsverandering.

De Britse schrijver Jan Morris, in 2007. Foto Colin McPherson/Getty
De Britse schrijver Jan Morris, in 2007. Foto Colin McPherson/Getty

Op de dag in 1953 dat de Britse koningin Elizabeth II gekroond werd, bracht The Times nog meer wereldnieuws: een journalist van die krant, een atletische oud-militair, was met Edmund Hillary en sjerpa Tenzing Norgay meegeklommen tot onder de top van de Mount Everest en was na hun terugkeer door de Himalaya gerend om Londen te telegraferen dat de hoogste berg ter wereld was bedwongen.

James Morris, de schrijver, journalist en historicus die vrijdag op 94-jarige leeftijd is overleden, werd door die scoop wereldberoemd en een icoon van Britse mannelijkheid.

Maar er was een geheim: als kind al wist James in het verkeerde lichaam te zijn geboren. Ik schuilde onder de piano terwijl mijn moeder speelde, en het idee sloeg in als een bliksem, herinnerde ze zich: „I should really be a girl”, schreef Morris in Conundrum (Raadsel), het geruchtmakende verslag van de reis van man naar vrouw, die begon met hormoonpillen en culmineerde in een operatie in Casablanca in 1972, toen geslachtsverandering nog niet in het Britse ziekenfonds zat. Al die tijd „voelde ik een verlangen naar iets, alsof er een deel in mijn weefsel ontbrak, iets dat hard en permanent moest zijn, in plaats van diffuus.”

Voortaan schreef James als Jan – een doelbewust gekozen androgyne Engelse voornaam – verder aan haar gigantische oeuvre aan non-fictie (en één roman). Zoals Pax Britannica, de trilogie over opkomst en ondergang van het Britse Rijk, dat sinds de Tweede Wereldoorlog geen collectief ‘verhaal’ meer zou behelzen en dat zijn „zelfvertrouwen, ongeacht je klasse” verloren had. Ze schreef een biografie van de charismatische admiraal Jack Fisher („met hem begin ik in het hiernamaals een verhouding”, zei ze). En ze schreef talloze fonkelende portretten van steden (Venetië, Sydney, Oxford, Hongkong) en van landen (Spanje, Wales). „Maar als ik doodga, zullen de krantenkoppen vast alleen luiden: Sex Change Writer Dies”, verzuchtte ze.

Conundrum (1974) werd een wereldwijde bestseller, maar stuitte ook op onbegrip. Bij Germaine Greer, bijvoorbeeld, en bij Rebecca West, die Morris een raadsel bleef vinden en het boek niet overtuigend, „meer zoals een man denkt dat een vrouw is”.

„Venetië is een ‘zij’, Manhattan kan alleen maar een ‘hij’ zijn”, vertelde Morris in 2002 in NRC, in de boerderij in Wales, waar zij nog steeds woonde met Elizabeth, de vrouw met wie ze als man was getrouwd en met wie ze vijf kinderen kreeg. „Steden, de mooiste op aarde althans, zijn als mensen, met een geslacht en een ziel”.

Lees ook het interview met Jan Morris uit 2002: ‘De identiteit verdwijnt onvermijdelijk’

Al haar reisboeken – ze haatte die term, omdat ze „niets met beweging” te maken hebben – waren stuk voor stuk pogingen om de ziel van een plaats, de genius loci, te vangen, dat ze ooit „een bijna seksueel verlangen” noemde. 2002 was het jaar waarin Morris besloot te stoppen als ‘boekenschrijver’, al zou ze nog volop essays en literaire recensies blijven publiceren (die werden gebundeld). Haar laatste ‘reisboek’, Trieste and the Meaning of Nowhere (2001), was gewijd aan Triëst, de stad aan de Adriatische Zee, die noch Italiaans, noch Kroatisch, noch Oostenrijks noch Sloveens is. „Of een beetje van alles, maar niets volkomen. Triëst is als ikzelf, een permanent compromis”, zei ze.

Triëst zou ook het fysieke bewijs zijn voor de ‘onzin van de nationaliteiten’, die volgens haar overal ter wereld vervloeien onder invloed van globalisering. Maar ze was er tegelijkertijd dubbelzinnig over: haar Welshe identiteit – ze was half Welsh, half Engels – was over de jaren alleen maar sterker geworden, zei ze. Hoewel, of misschien juist omdat, de identiteit van Wales zelf onder invloed van het Engels en de Engelsen alleen maar zwakker wordt. „Wales, een eiland dat geen eiland is”, schreef ze aan het eind van haar laatste bundel, Thinking Again, die begin dit jaar verscheen.

Ze wist precies waar ze begraven wilde worden: op een eilandje in de rivier die langs haar huis stroomt, samen met Elizabeth (die haar overleeft). Haar grafschrift stond ook al vast, vertelde ze: „Here are two friends, at the end of one life”.