Maria Goos’ ‘Cloaca’ (2002) is weer actueel: het knettert binnenskamers

Het Meesterwerk #6 Het kunstaanbod is schraal in coronatijd. Waarvan kun je, ook nu, nog wel genieten? NRC-recensenten gidsen je langs werken die afleiding bieden: tijdloos en coronaproof. Aflevering 6. Maria Goos: Cloaca

Scène uit ‘Cloaca’ met Gijs Scholten van Aschat en Marleen Stolz.

Scène uit ‘Cloaca’ met Gijs Scholten van Aschat en Marleen Stolz.

Foto Topkapi Films

Wie zegt dat het leven tussen vier muren, zoals in lockdown, saai is? Het toneelstuk Cloaca van Maria Goos speelt zich af in één appartement, maar het is zenuwslopend. Bijna twintig jaar geleden trok de voorstelling duizenden toeschouwers. Het werd ook in het buitenland opgevoerd, van Argentinië tot Zwitserland. In deze krant schreef Wilfred Takken: ‘[je beseft] ineens hoe zelden je in het theater een avond lang zo intens kan genieten.’ Dat was niet alleen een verdienste van Goos’ tekst, maar ook van de cast, die bestond uit topacteurs als Pierre Bokma en Gijs Scholten van Aschat. Inmiddels is het stuk – en zeker ook de verfilming – een moderne klassieker, en ideale kost voor coronatijd.

De ballon knapt

In Cloaca proberen vier veertigers hun vriendschap op te pakken op het moment dat ieder van hen in crisis zit. Tom krabbelt op na een mentale instorting, Maarten wordt verteerd door verlangen naar een meisje van nauwelijks achttien (ook nog eens de dochter van één van zijn vrienden) en Joep ontvlucht zijn strandende huwelijk.

De vrienden ontmoeten elkaar in het appartement van Pieter, die óók in een benarde positie zit: zijn werkgever beticht hem van diefstal. Jaarlijks mocht hij een schilderij uit het gemeentelijk depot halen, maar nu wordt ontkend dat dit giften waren. De gemeente eist teruggave. Dit vormt het centrale probleem waar de vrienden omheen cirkelen – een probleem dat – als een ballon – groter en groter wordt tot het het hele appartement vult en knapt.

De filmbewerking (net als het toneelstuk geregisseerd door Willem van de Sande Bakhuyzen) won twee Gouden Kalveren en is het gedroomde substituut voor de toneelversie. De film is minder komedie, maar er zíjn luchtige momenten, zoals wanneer Joep bij Tom voor de deur staat, hem bellend. Twee wildvreemden doen open. ‘Tom’, zegt Joep verontwaardigd, ‘wie zijn die types die de deur opendoen?’ Hij vraagt het op een toon, alsof hij niet degene is, die een fout maakt. Tom is verhuisd: de scène illustratief voor de staat van hun vriendschap.

Lees ook: Droomcast op dreef in knappe komedie van Goos

Echo’s

In Cloaca kiest iedereen uiteindelijk voor zichzelf. Soms is er een uitgestoken hand, maar die wordt snel teruggetrokken waar het eigen belang in het geding komt. De personages zijn teleurgesteld in het leven en in zichzelf, wat wordt versterkt door hun samenzijn. Van de kameraadschap en de bevlogenheid van vroeger is nog maar weinig over. Aanvaringen zorgen voor vuurwerk in het appartement, maar er zijn ook tedere momenten, zoals waar Pieter besluit dat Tom bij hem in moet trekken, omdat dat beter voor hem is.

In de oerversie zijn Pieter, Joep, Tom en Maarten ‘witte mannen van middelbare leeftijd’, vandaag de dag geen populair label. Maar het verhaal biedt houvast voor iedereen die weleens twijfelt aan zijn of haar levenspad, en wie doet dat niet? De samenstelling van de vriendengroep is niet van belang; het zouden net zo goed vrouwen kunnen zijn, in deze binnenshuis-snelkookpan.

Tot iemand zich aan een frisse toneelherneming waagt, is de film het (her)bekijken meer dan waard. Bij voorkeur nu, tijdens lockdown, hét moment voor reflectie.

Cloaca is o.a. te zien op NPO3.nl en Cinetree of te koop op dvd bij bol.com