Reportage

Ze wonen met elf man in één huis en de gemeente heeft er geen zicht op

Spookwoningen in Dongen Arbeidsmigranten zijn onmisbare krachten, ook in Dongen. Ze werken vooral in de fruit- en groentekassen, en in distributiecentra. Maar waar wonen ze? NRC ging er kijken.

Een 'spookhuis' in de gemeente Dongen.
Een 'spookhuis' in de gemeente Dongen. Foto Merlin Daleman / Beeldbewerking NRC

Vanaf de weg lijkt de vrijstaande woning op het Noord-Brabantse platteland verlaten en onbewoond. Precies zoals het in het registratiesysteem van de gemeente Dongen staat. Maar op het erf staat een aantal auto’s met Poolse kentekens. Uit de openstaande ramen van de woning sijpelt de geur van gebakken knoflook. En achter de halfgesloten deuren van een loods staan vier mensen verscholen te roken.

Ze zijn hier om te werken bij een internationale fruitkwekerij in Dongen, vertellen ze in het Pools. In het huis wonen ze met zijn twaalven, voor 87 euro per week per persoon. Sommigen komen er al jaren. Maar in de computers van de gemeente Dongen staat dat het huis onbewoond is. De gemeente weet niet dat ze er wonen, laat staan dat de twaalf arbeidsmigranten samen bijna 4.200 euro per maand betalen voor de woning.

De eigenaar van het pand wil er weinig over kwijt. „Ik heb er weinig mee van doen”, zegt hij telefonisch. Hij verhuurt het pand aan een bedrijf, dat de arbeidsmigranten in het huis onderbrengt. „Welk bedrijf vertel ik niet, ik hoef niet in de krant.”

Deze vorm van ongeregistreerde woningverhuur, ook wel spookwoningen genoemd, wordt door het hele land gebruikt om arbeidsmigranten te huisvesten, blijkt uit een rondgang langs 24 gemeenten met het hoogste percentage migranten uit Midden- en Oost-Europa.

Negentien gemeenten hebben spookwoningen binnen hun gemeentegrenzen en noemen dat problematisch: zo raken ze het zicht kwijt op hun inwoners, kunnen ze niet controleren of de hygiëne en veiligheid op orde zijn en er kunnen volgens gemeenten levensgevaarlijke situaties ontstaan omdat ze bij brand niet weten hoeveel mensen er in een pand wonen. Ook vergroot spookhuisvesting de kans op uitbuiting van arbeidsmigranten. Zij zijn voor huisvesting afhankelijk van hun werkgever en moeten vaak zo’n 100 euro per week betalen voor kleine kamers in slechte omstandigheden. Als ze klagen, staan ze vaak op straat.

De gemeente Den Haag vond onlangs zestien arbeidsmigranten in een loods op bedrijventerrein Binckhorst aan. Met hekken was de ruimte in ‘kamers’ verdeeld, in het plafond zat asbest. „Dat is zowel mensonterend als gevaarlijk”, zegt wethouder Martijn Balster (Wonen, PvdA).

Onmisbare krachten

Het fenomeen bemoeilijkt verder de doorstroom op de knellende woningmarkt. Zo ziet de gemeente Medemblik dat „met name het goedkopere segment woningen wordt gebruikt voor huisvesting van arbeidsmigranten. Dit is een segment waar ook starters naar op zoek zijn”, schrijft de gemeente in een reactie.

Eind oktober bracht een commissie onder leiding van oud-SP-leider Emile Roemer een rapport uit over de positie van arbeidsmigranten, met vijftig voorstellen aan minister Wouter Koolmees (Sociale zaken, D66) om de huidige problematiek aan te pakken. Ook Roemer herkent het fenomeen van spookwoningen. „Het is een probleem om vele redenen. Die panden zijn vaak waardeloos onderhouden, en de bewoners klagen niet omdat ze afhankelijk zijn van de verhuurder voor werk. En omdat niemand weet dat ze er wonen, worden ze uitgebuit. Het is een verdienmodel voor huisjesmelkers.”

Ze worden uitgebuit. Het is een verdienmodel voor huisjesmelkers

Emile Roemer rapporteur over arbeidsmigrantenonderzoek

NRC trok twee middagen langs de deuren in Dongen. Een typische Noord-Brabantse gemeente, waar de arbeidsmigrant een onmisbare kracht is. Ze werken vooral in de vele fruit- en groentekassen in de omgeving, maar ook in distributiecentra langs de snelwegen en in de regionale industrie. Maar waar wonen ze?

Op het eerste gezicht lijken het normale straten en wijken. Maar bij een rondgang langs 53 adressen, waar volgens de gemeente niemand staat ingeschreven, lijken bij sommige panden meer auto’s te staan dan je er zou verwachten, of zijn de gordijnen op klaarlichte dag gesloten. Sommige huizen staan te koop, andere worden gesloopt. Vele deuren blijven na herhaaldelijk aanbellen gesloten. Bij een vijfde van de bezochte woningen doen arbeidsmigranten wel open: van rijtjeswoningen in buitenwijken tot aan omgebouwde boerderijen op het platteland.

Ze wonen er met elf mensen

Aan de rand van de gemeentegrens staat een vrijstaande woning, waar twee mannen in de tuin roken. Een Poolse man, wiens naam bekend is bij de redactie maar niet opgevoerd wordt omdat hij bang is zijn baan kwijt te raken, vertelt dat hij werkt in een distributiecentrum. De gezinswoning is zo verbouwd, dat overal kamers in het huis zijn: vijf tweepersoonskamers en een eenpersoonskamer. „Zelfs in de woonkamer hebben ze een extra muurtje geplaatst voor een extra kamer”, zegt hij. Ze wonen er met elf mensen en betalen volgens hem allemaal 96 euro per week. Dit betekent dat het huis per maand 4.224 euro aan huurinkomsten oplevert, veel meer dan een gangbaar rendement van 7 procent zou opleveren voor het pand met een WOZ-waarde van 350.000 euro.

De eigenaar van het huis, Aad Jansen, woont in het huis ernaast en vertelt dat hij het huis al jaren in bezit heeft. Hij „verhuurt al heel lang” aan arbeidsmigranten, maar doet dat niet zelf, maar via een uitzendbureau. „Het is een groot huis met zo’n zeven of acht slaapkamers.” Wat hij eraan verdient, wil hij niet vertellen.

Jansen verhuurt zijn huis aan Holland Real Estate Company, een vastgoedonderneming die huizen koopt of huurt om arbeidsmigranten te huisvesten. Het bedrijf heeft zo’n tachtig woningen door het hele land, zegt oprichter en eigenaar Jasper van Haaster. „We zien dat er veel huiseigenaren zijn die dit willen doen, waarom ook niet? Je kunt zo’n pand voor 1.000 euro verhuren, je kunt het ook doorverhuren aan een uitzendbureau voor 1.500 euro. Dan ben je wel gek als je dat geld niet pakt.”

Ook voor Dongen zijn spookwoningen met arbeidsmigranten een probleem, zegt wethouder Eline van Boxtel (Wonen, PvdA). In de gemeente staan 395 personen ingeschreven met als nationaliteit een Midden- of Oost-Europees land. Maar ze vermoedt dat er twee keer zoveel arbeidsmigranten verblijven, van wie een gedeelte leeft in een huis waar officieel niemand woont. „Het brengt hun veiligheid in gevaar. Als wij niet weten waar arbeidsmigranten wonen, kunnen we hun omstandigheden ook niet controleren.”

De rondgang van NRC in Dongen bevestigt de populariteit van spookwoningen. De huisvesting van arbeidsmigranten gebeurt niet alleen door uitzendbureaus die vakantieparken of oude complexen huren, maar draait ook om de verhuur van particuliere panden of woningen, in handen van bedrijven die werken met arbeidsmigranten. Hun eigenaren regelen zelf de verhuur of laten dat een uitzendbureau of een bedrijf zoals dat van Van Haaster doen.

Eén van de huiseigenaren in Dongen is Rob van der Wouw, die samen zijn broer het fruitbedrijf Jong Fruit runt. Enkele van de bezochte woningen met arbeidsmigranten staan op naam van hun bedrijf. „Eén was mijn eigen huis, maar ik ben verhuisd. Het pand even verderop was van mijn broer, die ook verhuisd is”, zegt Van der Wouw telefonisch. Er staat niemand ingeschreven „omdat er geen Nederlandse mensen wonen, of omdat de mensen die er wonen, er niet langer zijn dan tien weken. Dan gaan ze weer terug naar Polen, dan willen ze naar huis.”

Lees ook: Huisvesting van arbeidsmigranten is niet sexy

Van der Wouw verdient naar eigen zeggen niets aan de verhuur van zijn huis. „Het is alleen kostendekkend.” Volgens hem weet de gemeente dat er hier mensen wonen. Sterker nog, de gemeente wilde tot voor kort niet dat Van der Wouw zijn huurders inschreef, zegt hij, „omdat het administratief werk voor niks was”.

Volgens wethouder Van Boxtel klopt het niet dat de gemeente tegen huiseigenaren heeft gezegd dat ze arbeidsmigranten beter niet kunnen inschrijven. „Misschien alleen in een uitzonderingssituatie, als iemand maar een paar weken in Dongen blijft.” Van Boxtel zegt dat er plannen voor een verblijfsbelasting voor mensen die in Dongen verblijven, maar niet ingeschreven staan: „Zo willen we spookwoningen tegengaan.” De hoogte van de belasting is nog onbekend. Ook wil de wethouder meer controles uitvoeren bij leegstaande woningen waar de gemeente vermoedt dat wel degelijk iemand woont. Als ze daar bewoners aantreffen, en het is legaal, krijgen die de keus: of zich inschrijven, of verblijfsbelasting betalen.

Grote complexen

De verhuurders wijzen erop dat leegstaande woningen gewild zijn bij uitzendbureaus en arbeidsmigranten, omdat het ontbreekt aan alternatieven. „Wij hebben elke week meerdere uitzendbureaus aan de lijn hangen die op zoek zijn naar huisvesting”, zegt Van Haaster. Hier ligt een belangrijke taak voor gemeenten, vindt Cor Konings, eigenaar van uitzendbureau Goodmorning, dat ook panden in Dongen als woonruimte ter beschikking stelt. „Gemeenten zouden meer grote woonlocaties voor arbeidsmigranten moeten faciliteren. Zulke locaties zijn efficiënt, arbeidsmigranten kunnen er terecht die nu in particuliere huizen wonen, en zo wordt de doorstroom op de woningmarkt bevorderd. In het ideale plaatje komen er dan veel woningen extra beschikbaar.”

Roemer onderschrijft dat grote locaties een goede oplossing kunnen zijn, mits de kwaliteit van de woningen voldoet aan strenge eisen, zoals minimaal 15 vierkante meter woonruimte per persoon. „Dan jaag je ze niet de woonwijken in.” Volgens Konings zijn gemeentebestuurders echter bang voor kritiek van bewoners als er in hun wijk een ‘Polenhotel’ verschijnt. „Gemeentebestuurders moeten meer lef tonen. Als je met alle partijen samenwerkt en bewoners betrekt en informeert, dan is het neerzetten van een grote locatie echt wel mogelijk.”

Een advies van Roemer is dat gemeenten een visie ontwikkelen op huisvesting van migranten. „Wethouders staan vaak graag in de krant met het nieuws dat ze een mooi bedrijf naar hun gemeente hebben gehaald, maar hebben niet nagedacht wat ze doen met de huisvesting van al die mensen die er moeten werken. Zo jaag je ze in de handen van huisjesmelkers.”

Achter de vrijstaande Dongense woning met een waarde van 350.000 euro schudt de Poolse distributiemedewerker nog maar eens zijn hoofd. Hij vertelt over de achttien jaar dat hij nu als arbeidsmigrant werkt, waarvan elf in Nederland. Over zijn inkomen, met aftrek van zijn woonkosten 290 euro per week. En dat hij wel eens uitrekent hoeveel ze met zijn allen per maand betalen voor het oude huis waarin ze wonen, waar overal kleine kamertjes zijn gemaakt. „Het is crazy”, zegt hij. „Ik werk al elf jaar in Nederland, in die tijd is mijn salaris met 2 euro per week gestegen. Maar we betalen wel big money voor dit huis. Maar ja, zo is de wereld.”