Amnesty: Nederland wijst asielverzoeken te rigide af

Asielzaken De IND wijst een asielzoeker af als deze zijn nationaliteit of identiteit niet direct kan aantonen. Ten onrechte, zegt Amnesty.

Wegwijzer bij het aanmeldcentrum voor asielzoekers in Ter Apel.
Wegwijzer bij het aanmeldcentrum voor asielzoekers in Ter Apel. Foto Robin Utrecht/ANP

Als asielzoekers hun nationaliteit en identiteit niet onomstotelijk kunnen bewijzen, wijst de immigratiedienst IND hen veelal af zonder hun zaak inhoudelijk te bekijken. Dat blijkt uit onderzoek van Amnesty International.

Nederland handelt daarmee in strijd met internationale voorschriften. Volgens het protocol van VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR moeten asielzoekers die hun nationaliteit of identiteit niet kunnen bewijzen ‘het voordeel van de twijfel’ krijgen als ze hun verhaal met ander relevant bewijs kunnen staven.

Amnesty analyseerde ruim vijftig vonnissen en dertig asieldossiers waarin nationaliteit of identiteit een bepalende rol speelde en zag dat het praktisch onmogelijk is voor asielzoekers om de IND te overtuigen als die een van de twee aspecten niet gelooft.

Zelfs uitvoerige contra-expertises, taalanalyses en medische onderzoeken halen dan niets uit. De dienst wijst asielzoekers zo af zonder te toetsen of zij in hun thuisland een risico lopen, een verplichting in Europa.

Nederland kan deze asielzoekers veelal niet uitzetten omdat het herkomstland onduidelijk is. Volgens onderzoek van de Europees Commissie wordt asielzoekers soms aangeraden identificatie bij aankomst te vernietigen om uitzetting te bemoeilijken. De meesten komen terecht in de illegaliteit of eindeloze procedures, maar in enkele gevallen weet de voor uitzettingen verantwoordelijke Dienst Terugkeer & Vertrek (DT&V) alsnog de nationaliteit vast te stellen na samenwerking met ambassades. De DT&V doet dit om uitzetting toch mogelijk te maken, maar koppelt de nieuw verkregen informatie niet terug aan de IND.

Zo ontstaat de paradox dat de DT&V een asielzoeker uit wil zetten naar een land dat volgens de IND niet het herkomstland is, terwijl die onbewezen nationaliteit juist de reden was om het verzoek af te wijzen.

Lees ook: Broekers-Knol: achterstand IND dit jaar niet weggewerkt

In maart deporteerde Nederland een 30-jarige man naar Tanzania die beweerde gevlucht te zijn voor de terroristische groep Al-Shabaab in Somalië. In Nederland had hij verklaard met een vals Tanzaniaans paspoort te zijn gevlucht. Hij toonde vervolgens zijn Somalische identiteit aan, maar de IND hield eraan vast dat hij ook Tanzaniaans was. Na zijn uitzetting arresteerden de Tanzaniaanse autoriteiten hem direct en zetten hem weer uit naar Somalië. De man, die anoniem wil blijven uit angst voor Al-Shabaab, is ondergedoken, zegt zijn advocaat.

Het instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (iMMO), dat nagaat of trauma’s en littekens passen bij het verhaal van een asielzoeker, onderschrijft de bevindingen van Amnesty en zegt onderzoek nauwelijks meer aan te gaan als de nationaliteit of identiteit van een vreemdeling niet vaststaat. Volgens directeur Annemieke Keunen negeert de immigratiedienst iMMO-rapporten in die gevallen toch, zelfs als het gaat om medische klachten en littekens die sterk het gevolg lijken van marteling of geweld. Extra schrijnend is volgens Keunen dat van sommige asielzoekers die echt wat hebben meegemaakt de nationaliteit en identiteit niet wordt geloofd omdat zij „als gevolg van trauma en schaamte” hun verhaal niet coherent en consistent doen.

De IND reageert inhoudelijk pas na lezing van het Amnesty-rapport, maar zegt in algemene zin wel de juiste invulling te geven aan ‘het voordeel van de twijfel’-principe. Amnesty zou zich in het onderzoek te veel hebben gericht op afwijzingen.