Recensie

Recensie Film

Iedereen zwijgt over het seksuele roofdier op kantoor

Drama Het kost niet veel moeite om te bedenken dat ‘The Assistant’ van regisseur Kitty Green gebaseerd is op een Harvey Weinstein-achtige figuur. De film laat ons de pijn, het afgrijzen, de weerloosheid van de assistent van de man voelen. (●●●●●)

Van de door Julia Garner gespeelde assistent weten we niet veel, behalve dat ze op het punt van barsten staat, in ‘The Assistant’.
Van de door Julia Garner gespeelde assistent weten we niet veel, behalve dat ze op het punt van barsten staat, in ‘The Assistant’.

Dat je zo hard moet werken dat je nooit het daglicht ziet. Dat je op de achterbank nog even een dutje doet als de auto van de zaak je komt halen om ’s ochtends naar je werk te gaan. Niet omdat je zo belangrijk bent, maar omdat je er eerder dan wie dan ook moet zijn om de troep op te ruimen die je baas in zijn kantoor heeft gemaakt nadat de schoonmakers al zijn weggegaan. Whiskyglazen. Een oorbel op de vloer. Een hardnekkige vlek op de bank.

Het kost niet veel moeite om te bedenken dat The Assistant van regisseur Kitty Green (Ukraine Is Not A Brothel en Casting JonBenet, beide te zien geweest op IDFA) gebaseerd is op een Harvey Weinstein-achtige figuur. Maar wat Green in haar eerste speelfilm laat zien is niet hoe die vlek op de bank is gekomen, maar hoe een heel bedrijf het mogelijk maakt dat die vlekken er maar op blijven komen. Haar film is niet autobiografisch, maar wel gebaseerd op tientallen interviews met vrouwen uit de filmindustrie, onder wie ex-werknemers van de Weinstein Company.

Dat je de vrouw van je baas te woord moet staan die zich hysterisch afvraagt waar haar echtgenoot is. Dat je weet dat hij met een nieuwe assistent in een hotel is. Dat je niet voor hem wilt liegen, maar ook niet weet wat je dan moet zeggen. Dat je de lege doosjes Alprostadil (een erectiemiddel) moet opruimen. En nieuwe voorraad in de kast opstapelen, alsof het aspirientjes zijn. Dat je op het kind van je baas moet passen omdat je zowat de enige vrouw op kantoor bent.

In het etmaal dat The Assistant duurt passeren honderden van dit soort vernederende situaties en vormen van microagressie de revue. Van de door Julia Garner (bekend uit Ozark) gespeelde assistent weten we niet veel, behalve dat ze op het punt van barsten staat. De atmosfeer in dat kantoor is zo giftig, de onverschilligheid onder haar (veelal mannelijke) collega’s zo groot, al die kleine vormen van krenking en kleinering en terloops machtsmisbruik zijn zo routineus dat je er als toeschouwer zelf ook opgejaagd en geprikkeld van wordt. En machteloos.

Lees ook een interview met regisseur Kitty Green over ‘The Assistant’: Assistent zijn van Weinstein is een giftig, eenzaam bestaan

The Assistant is zo ijzingwekkend goed. Niet om waar hij over gaat. Maar om hoe dat gedaan is. Door niet de gruweldaden te laten zien, maar het zwijgen. Door hem, de hij, de baas voor wie iedereen siddert alleen een stem te geven (acteur Jay O. Sanders laat hem nu eens razend dan weer lacherig of zalvend bijna als de echte Weinstein klinken). Door het daglicht uit de film te bannen. Door de volkomen geïmplodeerde Julia Garner die bijna niks lijkt te spelen, maar in elk shot is, en in elke scène een mini-zenuwinzinking heeft. Om de moed die haar personage opbrengt om de chef personeelszaken in vertrouwen te nemen die dan alleen maar zegt: ‘Je bent niet zijn type.’

Het is de stilste horrorfilm die ik ooit gezien heb. Garner is in haar oudroze pulli zo fragiel en doorzichtig (gemaakt) dat ze bijna verdwijnt. Op dat moment realiseer je je dat de titel van de film niet alleen op haar slaat, maar ook op de nieuwe assistent. En je vraagt je af of ze misschien niet toch ooit het type van de baas is geweest. Omdat ze voorhanden was. Door haar heen schemeren al die andere vrouwen. Van #metoo naar #hertoo. De film laat ons haar pijn, haar afgrijzen, haar weerloosheid voelen. En daarmee onze verantwoordelijkheid.