VS hebben ‘noodplan’ klaar liggen voor ASML’s EUV-machine

Techoorlog Ook onder president Joe Biden zal Amerika ASML ervan weerhouden EUV-machines aan China te leveren. Mogelijk zelfs met extra beperkingen.

Medewerkers van ASML sleutelen aan een EUV-machine in Taiwan. Levering van de machines aan China blijft onwaarschijnlijk.
Medewerkers van ASML sleutelen aan een EUV-machine in Taiwan. Levering van de machines aan China blijft onwaarschijnlijk. Foto Ann Wang/REUTERS

Een staakt-het-vuren in de techoorlog tussen de VS en China zit er voorlopig niet in.

Ook met Joe Biden als president zullen de Verenigde Staten voorkomen dat de Nederlandse chipmachinefabrikant ASML zijn meeste geavanceerde apparatuur naar China exporteert. Dat blijkt uit gesprekken die NRC voerde met ingewijden in de chipindustrie en Amerikaanse beleidsmakers.

De handelsoorlog tussen de VS en China treft de technologiesector, met name de productie van de belangrijkste bestanddelen: chips. De Amerikanen hebben de toevoer van chips naar de Chinese technologiereus Huawei afgesneden en zetten de rem op toeleveranciers aan SMIC, veruit het grootste Chinese chipbedrijf. Een van die toeleveranciers is ASML, het hightechbedrijf uit Veldhoven dat nu een beurswaarde van 150 miljard euro heeft - het meest waardevolle Europese techbedrijf sinds de koersval van het Duitse SAP.

China probeert een zelfstandige halfgeleiderindustrie te ontwikkelen, maar loopt technologisch achter op die van Taiwan, Zuid-Korea en de Verenigde Staten. Dat willen de VS graag zo houden.

ASML’s extreme ultraviolet lithografiemachine (EUV) is een belangrijk ingrediënt voor de Chinese expansie. Met deze complexe machines, die meer dan honderd miljoen euro per stuk kosten, kun je op grote schaal zeer fijnmazige chips fabriceren die bijvoorbeeld in de nieuwste iPhones zitten.

Lees ook: Hoe ASML in de nieuwe techoorlog wordt gezogen

EUV mag volgens de VS niet bij Chinese bedrijven belanden. Daarom wordt diplomatieke druk uitgeoefend op de Nederlandse overheid om ASML geen exportvergunning te verlenen voor een EUV-machine die SMIC bestelde.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken moet beoordelen of EUV een gevoelige technologie is, die volgens het Wassenaar Arrangement voor militaire doeleinden gebruikt kunnen houden. De toegevoegde waarde van EUV is echter vooral economisch, betoogt ASML: het maakt chipproductie in grotere volumes mogelijk, met minder fouten. Dat argument gaat in het geopolitieke strijdgewoel echter verloren.

Er is een Plan B

Al anderhalf jaar wacht ASML vergeefs op de exportvergunning. De VS zijn tevreden over deze patstelling, maar houden Nederland ondertussen onder schot. Want mocht ASML onverhoopt toch een exportvergunning krijgen voor EUV, dan is er een ‘plan B’. Meerdere bronnen in Washington bevestigen aan NRC dat er een eenzijdige exportrichtlijn klaarligt om ASML – als dat nodig is – de pas af te snijden.

De voorbereidingen voor dit voorstel zijn maanden geleden afgerond. Zoals een bron in het Witte Huis het omschrijft: „De kogel zit in de kamer.”

Zo’n eenzijdige exportrestrictie denken de Amerikanen af te dwingen met een zogeheten ‘de minimis’-regeling. Als er een fractie Amerikaanse technologie in een machine zit – de lithografiemachines van ASML hebben een lichtbron die gemaakt wordt in San Diego – kan het Amerikaanse ministerie van Handel ingrijpen. Zelfs als zulke onderdelen eerst worden verscheept naar Nederland en vandaar uit naar China. Het minimale aandeel ligt doorgaans op 25 procent, maar het verantwoordelijke Bureau of Industry and Security kan dat aandeel verlagen naar 10 procent, of zelfs 0 procent.

De nuances van Biden

„Nederland moet kiezen tussen twee kwaden – choose your poison”, zo omschrijft een ingewijde in de chipindustrie de exportrichtlijn. ASML wil niet reageren, ook Buitenlandse Zaken onthoudt zich van commentaar. Maar Nederland hoopt wel dat een nieuwe Amerikaanse president de multilaterale aanpak verkiest boven eenzijdige maatregelen.

Joe Biden zal echter geen streep trekken door de huidige exportbeperkingen. Zijn speelruimte is beperkt: door de nipte Democratische verkiezingswinst kan Biden zich niet veroorloven veel af te wijken van het beleid van zijn voorganger, legt Clete Willems uit. Deze Amerikaanse exportspecialist zat tot 2019 in de National Economic Council van de regering-Trump.

Lees ook: SMIC is het nieuwe mikpunt in Trumps techoorlog

Willems verwacht dat er op korte termijn juist meer anti-Chinese maatregelen doorgedrukt worden, zegt hij aan de telefoon. „De haviken in de regering zullen hun kans grijpen om te voorkomen dat de Democraten hun beleid afzwakken.”

„Het Chinese beleid is geen typisch ding van Trump”, aldus Willems. Wel verwacht hij van Joe Biden wel een andere, meer genuanceerde toon: „Ik verwacht minder nachtelijke tweets, meer voorspelbaarheid en overleg, en meer licenties voor de export van minder hoogwaardige technologie.”

De regering-Biden zal volgens Willems meer „sympathie” hebben voor de belangen van de Amerikaanse chipbedrijven. Zij halen 20 tot 30 procent van hun omzet uit China en willen kunnen blijven leveren aan Chinese klanten. Een volledige ontkoppeling van de technologische ontwikkeling van China en de VS, zoals de regering-Trump nastreeft, is volgens Willems geen oplossing. „We moeten onze bedrijven helpen geld te verdienen in China, om zo toonaangevend te blijven.”

Standpunt blijft intact

Het standpunt van de VS ten opzichte van EUV blijft wel intact, is de verwachting. Een bron uit de Amerikaanse chipindustrie: „Zowel Republikeinen als Democraten vinden dat EUV een zeer gevoelige, geavanceerde techniek is die niet in handen van China mag vallen. Dat verandert niet als Joe Biden president is.”

Zo blijft er voor de Nederlandse overheid weinig te kiezen bij een beslissing over ASML’s exportvergunning. „Nederland probeert zuiver te zijn”, zegt Maaike Okano-Heijmans, Clingendael-expert gespecialiseerd in Europees-Aziatische handelsbetrekkingen. „Exportvergunningen hebben in onze ogen niet het doel om onze economische concurrentiepositie te verbeteren. De VS gaan wel zover: dat land hanteert een vage definitie van nationale veiligheid, waaronder je ook de concurrentiepositie kunt scharen.”

Maar het Nederlandse standpunt ten opzichte van China staat niet stil, aldus Okano-Heijmans. „Bij de exportcontrole neemt Nederland mensenrechten – ook digitaal – mee in de overweging, op een manier zoals weinig andere landen dat doen.” Dat is relevant voor onze relatie met China, stelt Okano-Heijmans: „Vandaar dat je bedrijven ziet voorsorteren op de nieuwe werkelijkheid: een wereld waarin je niet zomaar allebei de markten tegelijk bedient.”

Lees ook: Column Menno Tamminga: China is de Trumpkaart die in het spel blijft.