Zoommoe? Zes taalboeken aanbevolen

Woordhoek

Door een samenloop van omstandigheden heb ik hier de laatste tijd geen aandacht besteed aan nieuwe taalboeken. Dat is een beetje dom, want in aanloop naar de feestdagen verschijnen er juist veel. Daardoor kan ik er slechts (te) kort melding van maken.

Eerst nog even dit: Nicoline van der Sijs won onlangs de Taalboekenprijs 2020 voor haar boek 15 eeuwen Nederlandse taal (256 blz., € 22,50). „Een indrukwekkend overzichtswerk, boeiend én informatief”, oordeelde de jury terecht. Onmisbaar voor wie belangstelling heeft voor de geschiedenis van onze taal.

Goed, en dan nu een stapeltje min of meer verse taalboeken. Diedrik van der Wal publiceerde onlangs Alles begint met A (319 blz., € 39,90). Dit is een fraai uitgegeven, mooi geïllustreerd en toegankelijk geschreven boek met gedegen en interessante „biografieën” van de letters van het alfabet. U krijgt onder meer antwoord op de vraag: waarom begint ons alfabet eigenlijk bij de A? Dat was al zo bij de Feniciërs en ook God en baby’s blijken er een rol in te hebben gespeeld. Van der Wal schrijft met veel letterliefde, zelfs over „ziedende letterhaat”.

In Buurtaal. Een praktische gids voor het Nederlands in België en Nederland (272 blz., € 22,50) beschrijft de Vlaamse taalkundige Miet Ooms de verschillen tussen het Nederlands zoals dat in Vlaanderen en bij ons wordt gesproken. Misverstanden liggen op de loer. Eén voorbeeld: in het Belgisch-Nederlands betekent enerverend ‘zenuwslopend’, bij ons ‘spannend, opwindend’.

Sinds het begin van de coronacrisis houdt Ton den Boon, een van de hoofdredacteuren van de Dikke Van Dale, consciëntieus de pandemieneologismen bij. Het begon met een bericht in de Volkskrant over een griezelvirus uit Wuhan. Daarna volgde een ongekende stortvloed aan nieuwe woorden. Den Boon presenteert hiervan een selectie in De taal van het nieuwe normaal. Corona in 1000 en enige woorden (120 blz., € 12,50). Ze zijn alfabetisch gerangschikt: van 1,5 meter tot het fraaie zoommoe. Enigszins deprimerend is dat Den Boon voorspelt dat ook taalkundig bekeken het eind nog niet in zicht is. „Lexicografisch gezien is dit niet meer dan een eerste inventarisatie van de coronawoordenschat, waarvan de omvang zich de komende jaren ongetwijfeld verdubbelt of verdrie- of verviervoudigt.” Hopelijk krijgt hij, nu de komst van een effectief vaccin nabij is, ongelijk.

Door naar twee vrolijk makende nieuwe taalboeken. Waarom een zeemeermin geen zeemeerman heet (106 blz., € 17,50) is een jeugdboek van het Genootschap Onze Taal. Het is bestemd voor kinderen vanaf negen jaar en gaat over de verrassende herkomst van vijftig gangbare woorden, zoals schaatsen, vrijdag en drop. Met fraaie tekeningen van Josje van Koppen.

Tv-presentator en komiek Ronald Snijders zet samen met „absurdist” Fedor van Eldijk de Nederlandse woordenschat op z’n kop in De AlfabetBeter (176 blz., € 16,00). In deze opvolger van De Alfabetweter (uit 2013) presenteren zij duizend zelfverzonnen woorden en betekenissen in een „verbeterd alfabet”, namelijk de „ENA-beste volgorde” (eerst woorden die beginnen met een E omdat die volgens onderzoek de populairste beginletter zou zijn). Alleen het lijstje afkortingen maakt dit boek al de moeite waard: gel. = gelul.; slec. = slecht Nederlands; verg. = vergezocht, en zo verder. In dit werk slechts één samenstelling met corona, namelijk coronaastenliefde. Betekenis: het geven om mensen die ten minste anderhalve meter van je verwijderd zijn.

schrijft elke week over taal. Twitter: @ewoudsanders.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.