Niet-urgente zorg? Langer met pijn op de wachtlijst, door corona

Zorg Ook in de tweede golf moeten ‘gewone’ patiënten wachten op behandeling. Het maakt ze angstig, boos en onzeker.

Foto Annabel Oosteweeghel

Ontelbare patiënten hebben dit jaar meegemaakt dat hun ziekenhuisafspraak werd afgezegd, een operatie, onderzoek of opname werd uitgesteld. Cijfers zijn er niet maar tijdens de eerste coronagolf werd acht weken lang alle ‘niet-urgente’ zorg in de ziekenhuizen uitgesteld. Urgent zijn bijvoorbeeld barstende slagaderen, hersen- en hartinfarcten, bloedvergiftiging en moeilijke bevallingen. Alle niet-urgente ingrepen moesten wachten. Tijdens de tweede golf is weer een kwart van de zorg, en soms wel 40 procent, uitgesteld.

Lees ook: Het ziekenhuis ligt altijd al vol

Beroepsverenigingen van artsen en patiëntenorganisaties constateren dat veel patiënten lang moeten wachten. Sommigen krijgen er stress van. Uit een peiling onder leden van patiëntenvereniging de ‘Harteraad’ blijkt dat 80 procent van de hartpatiënten zich zorgen maakt over zijn gezondheid omdat zo veel afspraken worden afgezegd. Veel mensen hebben ook het gevoel dat niemand hen in de gaten houdt. Uit de peiling kwamen een aantal ernstige verhalen naar voren. Een vrouw, bijvoorbeeld, die ondanks haar aneurysma (mogelijk gevaarlijke uitstulping van het bloedvat) lang moet wachten op een behandeling. Ze sliep niet meer omdat ze het gevoel had een tikkende tijdbom in haar lichaam te hebben.

Alles wat het ziekenhuis nu kan ontlasten, is welkom, vinden veel artsen. Ze hopen dat een vuurwerkverbod acute behandelingen op de spoedeisende hulp tijdens de jaarwisseling kan voorkomen.

Sven Pinck (49)

Foto’s Annabel Oosteweeghel

‘Een jaar geleden herstelde ik van maagkanker. Ik had een volledige maagverwijdering gehad, bestraling en chemotherapie. Het ging begin december weer goed met me. Ik bracht de kinderen weer naar school en werkte weer, als zzp’er in de human resources. Maar afgelopen zomer kreeg ik last van een hartritmestoornis. Ik werd steeds sneller moe, zag steeds vaker zwart voor ogen en het kostte me moeite om niet flauw te vallen.”

„Ik moest een ablatie ondergaan, zei mijn cardioloog in een groot Amsterdams ziekenhuis. Dan maken ze littekens in je hartweefsel die verkeerde impulsen in je hart neutraliseren. Want door die verkeerde prikkels functioneert mijn hart nu maar voor 67 procent. Voor de ingreep bestaat een wachtlijst en het ging steeds slechter met me. Op 4 oktober werd ik eindelijk opgenomen in het ziekenhuis. Maar twee dagen later werd ik onverrichter zake naar huis gestuurd. Ze zeiden dat er te weinig anesthesiemedewerkers waren. Dat ik was opgenomen voor een informatiegesprek.”

„Inmiddels was ik boos en wanhopig. Ik kan nu niet werken terwijl ik een eigen zaak heb. Ik bel om de dag het planningsbureau van het ziekenhuis om erachter te komen of er een gaatje voor me is, omdat er misschien juist mensen úítvallen door corona. Ik probeer corona maar in mijn voordeel te laten werken. Ze zullen wel gek van me worden. Ze tonen begrip maar ik wil gewoon een datum, geen compassie. Afgelopen vrijdag kreeg ik aan de telefoon te horen dat het „door corona langer gaat duren voordat ik een ingreep zal ondergaan”. Op de vraag hoeveel wachtenden er zijn, kreeg ik geen antwoord.”

„Ik ben al meer dan twintig jaar zelfstandige en heb geen arbeidsongeschiktheidsverzekering, want die is heel duur en ingewikkeld. Ik heb nu sinds 1 juli ook geen inkomsten. Het frustreert me dat mijn medische, mentale en financiële situatie geen reden is voor bespoediging van mijn behandeling. Het systeem is krom: in deze coronatijd zijn privéklinieken gewoon open om cosmetische ingrepen te doen, onbegrijpelijk. Den Haag zou moeten ingrijpen om de capaciteit in ziekenhuizen te vergroten en de werkdruk te verminderen. Mij is beloofd dat ik voor eind 2020 een ablatie krijg. Maar ik moet maar zien wat me te wachten staat.”

Paula Timmerman (38)

Foto Annabel Oosteweeghel

‘Ik blijf hoop houden en veel lachen. Als je negatief gaat denken, maak je het erger. Maar grappig is het natuurlijk niet. Ik heb twee keer pech. „Jij moet snel geopereerd worden”, had mijn arts in februari gezegd.

Door een val en een zwangerschap van een zware baby, zit mijn bekken los. Aan de linkerkant was ik al geholpen, alleen de rechterkant zou nog moeten. 17 maart zou ik aan de beurt zijn in het Medisch Spectrum Twente. Vanwege corona ging dat niet door.

In die tijd verslechterde ik snel en lag ik het grootste gedeelte van de dag in een bed in de woonkamer. Als ik naar de wc ging was dat zo pijnlijk, dat ik haast terug moest kruipen. Bijna alles, ook de zorg voor onze twee kinderen, kwam op de schouders van mijn man. Om het vol te houden kreeg ik oxycodon en diazepam. Terwijl dat echt troep is, met risico op verslaving.

Uiteindelijk ben ik in juni geholpen. Dat ging eigenlijk heel goed. Ik kon na vier weken al zonder krukken lopen. Ik genoot er heel erg van om weer naar buiten te gaan.

Tot ik voelde dat het aan de linkerkant niet goed zat. Die operatie blijkt niet goed uitgevoerd te zijn. Ik ga weer achteruit. Nu heb ik al moeite met de kinderen naar school brengen. Ik ga met de auto en parkeer vijftig meter verderop. Soms denk ik: hoe kom ik terug? We hebben alweer een bed geregeld voor in de woonkamer.

Vorige week sprak ik de chirurg. Hij zei: ‘Ik zet je op de wachtlijst, maar hou er vanwege corona rekening mee dat je pas in mei of juni aan de beurt bent’. Het is echt frustrerend.

Helaas moest ik weer beginnen met oxycodon. Het is zo sterk, bijna een soort drugs. Toen ik er in de zomer mee stopte kreeg ik zweetaanvallen, verhoging en spierpijn. Dus ik weet waar ik aan begin. Maar ik moet wel met de zorg voor twee kinderen.

Ik hoop natuurlijk dat we de pandemie snel onder controle krijgen. Tegelijk kan ik ook niet echt boos worden om jongeren die zich niet goed aan de regels houden. Het is dubbel: aan de ene kant vind ik het sneu voor ze, ik ben zelf ook jong geweest. Aan de andere kant denk ik: blijf alsjeblieft thuis!”

Chris Broekhof (74)

Foto Annabel Oosteweeghel

‘Net boven mijn hart zit een ICD, een kastje tegen hartfalen. Ik kreeg het toen bleek dat mijn hart nog maar 5 procent van de normale pompfunctie heeft.

Dat apparaat moet regelmatig worden uitgelezen in het ziekenhuis. Dan kijken ze of de pompfunctie van mijn hart nog goed is en of er nog genoeg stroom in het apparaat zit. Die controle deden ze altijd elk half jaar. Maar nu niet meer.

In november vorig jaar werd de ICD voor het laatst gecontroleerd. De volgende afspraak stond voor afgelopen mei. Maar voor die tijd ontving ik een brief: ‘Sorry, in verband met corona is het niet mogelijk’.

Op 18 november aanstaande zou de ICD eindelijk uitgelezen worden. Maar in augustus kreeg ik weer een brief: in verband met corona is de afspraak telefonisch. Wat heb ik daar aan, vraag ik me af, mijn apparaat is niet op afstand uit te lezen.

Ik zit ermee. In mijn achterhoofd denk ik toch: hoe zit het met de batterij in de ICD? Zit er nog genoeg stroom in om mijn leven te redden, mocht het nodig zijn?

Ik ben ook benieuwd hoe mijn hart presteert. Als het achteruit gaat, zouden ze me misschien kunnen helpen met medicijnen. Maar nu tast ik in het duister.

Aan de ene kant begrijp ik wel dat corona nu voorrang krijgt. Maar er zou toch iets te regelen moeten zijn waardoor controles zoals die van mij door kunnen gaan?

En niet alleen voor mij, maar ook bijvoorbeeld voor onderzoeken naar kanker en chemo’s. Dat soort dingen kún je gewoon niet op de lange baan schuiven.”