Opinie

Help Santokhi de Surinaamse rechtsstaat te herstellen

Behalve geld en geduld is er brede binnenlandse steun nodig om Suriname weer een rechtsstaat te maken. Piet van Reenen ziet een oude vriend met een zware taak, in de Veiligheidscolumn.
Het gerechtsgebouw in Paramaribo, Suriname.
Het gerechtsgebouw in Paramaribo, Suriname. ANP Pieter van Maele

De Surinaamse president Santokhi ligt onder vuur omdat hij en vice-president Ronny Brunswijk familieleden en intimi functies toebedelen. Dat riekt naar de vertrouwde kwaal van nepotisme, zeggen critici. Die waarschuwing is begrijpelijk, maar het is nu belangrijker hem te helpen bij de inrichting van een rechtsstaat en bij het zoeken naar een brede basis voor die opbouw.

Vernederd

„Ben je nog bedreigd deze week?” „Nee”, antwoordde ik, „in ieder geval niet dat ik weet”. De vraag kwam van Santokhi en het antwoord van mij. Het was 1991, Bouterse dong mee naar het presidentschap en Amnesty International had mij gevraagd of ik in Suriname wilde zoeken naar getuigen van de decembermoorden van’82, getuigen die bereid waren voor de camera hun verhaal te vertellen.
Santokhi, destijds tweede man bij de Surinaamse politie, bleek de hele week een beveiligingsteam paraat te hebben gehouden, mocht ik bedreigd of aangevallen worden. Zijn korps likte de wonden van de staatsgreep van 1980 toen de politie zich verzette tegen de sergeants en daar de gevolgen van droeg. Een politieman werd doodgeschoten, het hoofdbureau werd beschoten, politiebureaus in brand gestoken, politiemensen in het openbaar vernederd. Tweemaal, in 1980 en in 1982, werd de politie ontwapend. Nog in 1990 werd inspecteur Gooding, nadat hij bij de militaire politie over een arrestant uit het leger had overlegd, door gemaskerde mannen in legeruniform gevangen genomen en doodgeschoten.
Gooding deed veel onderzoeken naar onder meer drugsdelicten, waarbij ook sprake was van militaire betrokkenheid.

Rechtsstaat

Santokhi zag het aan, verbeet zich en ging de politiek in. Tijdens zijn tijd als minister van justitie werd hij „sheriff” genoemd. Ten onrechte. Zijn centrale thema is al zijn leven lang de rechtsstaat, de staat waarin recht heerst en instituties die dat ideaal behartigen bloeien. En niet het leger of corrupte partijbonzen. Zeker in een land met zulke verschillende bevolkingsgroepen, waar de tegenstellingen zo groot zijn, is de macht van het recht essentieel voor vreedzaam samenleven. Niks revolvers.

Dat is naast de aanpak van de economische crisis Santokhi’s belangrijkste opdracht, het terugbrengen van de rechtsstaat, de versterking van de wetgeving, de rechterlijke macht, het openbaar ministerie, de politie en het gevangeniswezen. Dat is in een veelvormig land als Suriname heel moeilijk. Toch is dat de vraag aan Santokhi, dat is juist waarom hij gekozen werd als partijleider, dat is ook wat hem tot president maakte.

Medestanders

De belangrijkste valkuil is dat hij die taak aanvat met uitsluitend politieke medestanders. Dat de opbouw van de rechtsstaat wordt gezien als politiek project van een partij en dat bijvoorbeeld de aanpak van corruptie die nu van de grond komt geframed wordt en als een politieke afrekening. Bij de volgende verkiezingen breekt dan de oppositie, als die aan de macht komt, het bouwwerk weer af. Voor de opbouw van een rechtsstaat is het noodzakelijk om brede steun te krijgen ook binnen andere partijen.
De tweede voorwaarde is de er voldoende tijd genomen wordt. Het duurt decennia voordat rechtsstatelijke instituties weer zijn opgebouwd en vanzelfsprekendheid krijgen. Nog langer neemt de ontwikkeling van een rechtsstatelijke cultuur. Het vraagt dus staatmanschap, meer nog dan politiek leiderschap om een rechtsstaat op te bouwen. En ook hier is de medewerking van andere politieke en maatschappelijke stromingen een extra verzekering.

Paternalisme

Een derde voorwaarde is natuurlijk geld en hulp. Geen geld geen rechtsstaat. Materiële voorzieningen staan daarbij voorop. Maar donoren helpen liever met zaken als opleiding en professionalisering dan met computers, gebouwen of voertuigen. Begrijpelijk maar onterecht. Eerst komt het eten, de gebouwen, de uitrusting, en dan de moraal. Beter nog is ze samen op te laten trekken. Moet Nederland dat doen? Daar is veel voor te zeggen. Er is in ons land brede expertise in het ondersteunen van de opbouw van rechtsstatelijke instituties elders en er is veel sympathie.
Maar dat moet Nederland niet alleen doen. Te snel schiet de koloniale kramp er in, paternalisme, gevoelens van betutteling, dreigende afhankelijkheid van de geldschieter. Er zijn veel landen in de regio, maar ook in Europa die ervaring hebben met de versterking van de rechtshandhaving en de rechtspleging elders. Gecombineerde ondersteuning vermindert de risico’s die inherent zijn aan een oude koloniale relatie.

Ruimhartig

Santokhi heeft een bijna onmenselijke taak op zijn nek. Het is daarbij zelfs begrijpelijk dat hij zich aanvankelijk omringt met mensen die hij kan vertrouwen. Maar hij ontkomt er niet aan om breder kijken. Ik pleit ervoor om hem goed en ruimhartig te helpen, om die hulp te concentreren op de wederopbouw van de rechtsstaat en om dat niet alleen te doen. Het is een gebaar naar een gedeeld verleden en naar de vele mensen van Surinaamse afkomst in Nederland die Suriname aan het hart gaan. Het is voor mij ook een wederdienst aan een man die een beveiligingsteam achter de hand had voor het geval mij iets zou worden aangedaan.

De Veiligheidscolumn wordt geschreven door deskundigen uit de politiewereld. Piet van Reenen was politieman, onderzoeker, directeur van de Politieacademie en hoogleraar politie en mensenrechten.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.