Raad van State: wetsvoorstel vrouwenquotum strijdt met EU-recht

Vrouwenquotum De Raad van State vreest dat de Europese rechter het vrouwenquotum afkeurt dat Nederland wil invoeren. Toch zet het kabinet door.

De Tweede Kamer vroeg vorig jaar om regels voor een bindend vrouwenquotum in de top van grote bedrijven.
De Tweede Kamer vroeg vorig jaar om regels voor een bindend vrouwenquotum in de top van grote bedrijven. Foto Bim

Het wetsvoorstel van het kabinet om een vrouwenquotum vast te stellen voor de top van het bedrijfsleven voldoet niet aan Europese regels voor gelijke behandeling van mannen en vrouwen. Dat blijkt uit het advies van de Raad van State hierover. Als het kabinet het vrouwenquotum wettelijk invoert, bestaat de kans dat het geen stand houdt bij het Hof van Justitie van de Europese Unie.

De Tweede Kamer bepaalde in december 2019 dat het kabinet een bindend vrouwenquotum moet invoeren. De Sociaal-Economische Raad (SER) had dat eerder aanbevolen: raden van commissarissen van beursgenoteerde bedrijven zouden voor ten minste 30 procent uit vrouwen moeten bestaan. Als een onderneming daar niet aan voldoet, zouden alle nieuwe benoemingen van mannelijke toezichthouders nietig moeten worden verklaard. Minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) werkte dit SER-advies uit in een wetsvoorstel.

De Raad van State keurt het wetsvoorstel niet volledig af, maar plaatst wel kritische kanttekeningen en waarschuwt voor mogelijke problemen als het in deze vorm wordt ingevoerd. Volgens de Europese regels is het toegestaan bij benoemingen de voorkeur te geven aan een vrouw, maar alleen als alle kandidaten objectief worden beoordeeld en sprake is van gelijke geschiktheid van een mannelijke en een vrouwelijke kandidaat. Wat niet is toegestaan, schrijft de kabinetsadviseur, is dat automatisch de voorkeur wordt gegeven aan een vrouw omdat er nu eenmaal een quotum geldt voor het aantal vrouwen dat moet worden benoemd. De Raad van State vreest daarom dat het Nederlandse wetsvoorstel juridisch niet houdbaar is als het bij het Europese Hof van Justitie wordt aangevochten.

Minister Dekker erkent in zijn reactie op het advies dat het wetsvoorstel niet volledig strookt met de Europese regels, maar schrijft ook dat het al lang geleden is dat het Europese Hof van Justitie voor het laatst uitspraak deed over dit soort regelingen. Dat gebeurde voor het laatst in 2002. Sindsdien hebben verschillende landen, waaronder Duitsland en België, quota ingesteld. Daar heeft het Hof nog geen enkele uitspraak over gedaan. Bovendien staat het VN-vrouwenverdrag wél toe dat lidstaten tijdelijk verplichte quota instellen om de gelijkstelling van mannen en vrouwen te versnellen. Sterker nog: als het doel niet anders bereikt kan worden, zijn lidstaten volgens het VN-verdrag zelfs verplicht om dit te doen.

Lees ook ons dubbelinterview met Herna Verhagen en Nancy McKinstry. De bestuursvoorzitters van PostNL en uitgever Wolters Kluwer zijn radicaal van mening veranderd over quota voor vrouwen aan de top. ‘Dat er niet genoeg gekwalificeerde vrouwen zijn, is gewoon niet waar’

Sancties

De Raad van State heeft ook twijfels over een ander aspect van het wetsvoorstel: de sancties voor bedrijven die zich niet houden aan het quotum. De enige sanctie die nu in het wetsvoorstel staat, is dat de benoeming van een mannelijke commissaris nietig kan worden verklaard als er te weinig vrouwen in de raad van commissarissen zitten. De Raad van State noemt dat een „stevige sanctie”, omdat die schadelijke gevolgen kan hebben voor de reputatie van het bedrijf, maar vraagt zich toch af of dit voldoende is om bedrijven zich aan het quotum te laten houden.

Het kabinet kan zich op het gebied van sancties laten inspireren door andere landen waar al langer quotaregelingen gelden, adviseert de Raad van State. Zoals Frankrijk: daar kunnen vergoedingen voor álle commissarissen worden ingetrokken als een bedrijf te weinig vrouwen (of, in theorie, mannen) benoemt.

Ook ziet de Raad van State wel iets in een ‘publieke schandpaal’. De SER zou een register kunnen bijhouden waarin is terug te vinden hoeveel commissarissen een bedrijf heeft, en hoeveel procent van hen vrouwen zijn. Nu moeten mensen voor die informatie zelf jaarverslagen napluizen. Met een publiek register is gemakkelijker te controleren (en te vergelijken) hoe bedrijven het doen.

Minister Dekker heeft na lezing van het advies van de Raad van State wel de memorie van toelichting uitgebreid, maar de wet verder niet aangepast. De tekst gaat nu voor behandeling naar de Tweede Kamer.