Reportage

‘Het appen was soms echt te grof, maar het was privé’, zegt de ontslagen agent

Interview ontslagen wijkagent Vijf Limburgse agenten werden ontslagen vanwege ondermijnend appen. „Een verdachte in een strafproces behandelen wij stukken beter”, zegt de bedenker van een ‘bestrafte’ appgroep.

Foto Yentl Slik

Een 41-jarige vrouwelijke brigadier is de bedenker van de naam: Game of Thrones. De vrouw, die werkte als wijkagent in het Limburgse basisteam Horst / Peel en Maas (HPM), koos de titel van haar favoriete tv-serie voor de WhatsApp-groep waarmee zij met vijf collega’s in de Noord-Limburgse regio communiceerde. In de apps werden volgens haar „operationele dingen gedeeld”, maar ook particuliere kwesties besproken als een ziek kind, overleden hond of frustraties. „Er wordt ook in geroddeld, echt in ontlucht als het ware. Er wordt veel humor in gedeeld.”

Deze uitleg geeft de wijkagent, wier naam bij de krant bekend is, aan twee collega’s van de afdeling Veiligheid, Integriteit en Klachten (VIK). De citaten komen uit het verhoor dat in het kader van een integriteitsonderzoek in november 2019 werd afgenomen. Na dit disciplinaire onderzoek kregen vorige maand vijf politieagenten wegens „ernstig plichtsverzuim” strafontslag.

Zes andere agenten werden lichter bestraft. De Limburgse politieagenten maakten zich volgens de leiding schuldig aan pesterijen, ondermijnend gedrag, intimidatie, schending van het ambtsgeheim en misbruik van bevoegdheden. Onacceptabele gedragingen waartegen stevig moet worden opgetreden, aldus de waarnemend politiechef eenheid Limburg, Inge Godthelp- Teunissen. „De samenleving moet kunnen rekenen op een betrouwbare politie.”

Het grootste disciplinaire massaontslag uit de geschiedenis van de Nationale Politie is vooral gebaseerd op een in april 2019 begonnen onderzoek naar vele tienduizenden appjes die wijkagenten wisselden. Het omvangrijke onderzoek werd uitgevoerd door dertig rechercheurs, die in vijftien maanden tijd 160 mensen hoorden. De bedenker van de appgroep is een van de agenten die strafontslag kregen omdat ze „kwetsende whatsapps” verstuurde. Ze handelde „respectloos”, staat in haar ontslagbesluit. Voor het eerst doet ze publiekelijk haar verhaal.

Burenruzies

‘Hier waak ik’ en een hond staan afgebeeld op het bordje bij de voordeur van het huis in de gemeente Horst aan de Maas. Het is de woning van twee politiemensen. Ook de echtgenoot van de ontslagen agent is in dienst van de Limburgse politie, hij werkt bij de districtsrecherche. Voor de wijkagent was een ‘blauwe loopbaan’ een jeugddroom. „Ik wil mensen helpen, heb een vrij sterk rechtvaardigheidsgevoel”, zegt ze. Politiewerk is voor haar meer hulpverlening dan boevenvangen. Ze behandelde vooral sociale problemen: van burenruzies tot huiselijk geweld. „Af en toe kun je het verschil maken en dat maakt het werk fantastisch.”

In 2000 gaat ze in Limburg als agent aan de slag. Sinds de reorganisatie van de Nationale Politie in 2013 is ze een van de circa tachtig agenten van het basisteam HPM. Als onderdeel van een door de voormalige korpschef van Limburg-Noord Bryan Rookhuijzen bedacht experiment om bureaucratie te bestrijden, werkt het basisteam ‘regelvrij’. De agent zit minder achter zijn bureau, werkt flexibeler en is meer op straat, is de gedachte. Het HPM bestrijkt een omvangrijk landelijk gebied waar 95.000 mensen wonen, onder wie relatief veel Oost-Europese arbeidsmigranten. Hennepteelt en drugslaboratoria zijn in dit grensgebied geen onbekende verschijnselen.

Met buikpijn naar het werk

Tot vorig jaar liep de loopbaan van de wijkagent op rolletjes, verzekert ze. „Alle beoordelingen die ik kreeg waren zonder uitzondering bijzonder goed.” Dat verandert op 10 april 2019. Dan wordt ze door Jeremy Jonker, twee jaar daarvoor aangetreden als teamchef, ontboden. Ze zegt: „Ik kreeg te horen dat collega’s met buikpijn naar het werk kwamen door mij. Ik zou ook de leiding ondermijnen en marchanderen met bevoegdheden.”

In persberichten meldt de politie dat er een disciplinair onderzoek volgt omdat er „signalen” zijn binnengekomen over fout gedrag en stemmingmakerij. Agenten zouden ook zelf anoniem misdaadmeldingen doen om hun werk te sturen en huiszoekingen verrichten zonder machtiging. De wijkagent en een aantal collega’s worden geschorst en moeten telefoon en wapen inleveren. Vanaf die dag zitten ze thuis.

Anderhalf jaar later kan de ontslagen agent nog steeds moeilijk praten over de kwestie. „Ik heb echt schrik voor de organisatie”, zegt ze. Na de schorsing werd het de agenten verboden met de pers te praten. Er gold ook een contactverbod met collega’s in het hele land. „Elf maanden lang mocht ik ook met mijn eigen man niet inhoudelijk praten over het onderzoek.” Twee andere bestrafte wijkagenten zijn buren in een dorp. De kinderen lopen bij elkaar over de vloer, maar de agenten mogen elkaar niet zien.

Als hij naar het gemeentehuis loopt, rij ik hem zo plat. Ik poets m’n velgen met zijn schedel

Collega in de appgroep over de chef

„Je komt in een compleet isolement van angst, verwardheid en schaamte. Ik durfde de eerste maanden niet naar buiten”, vertelt ze. Ze krijgt last van paranoia en vreest te worden gevolgd en afgeluisterd door haar collega’s. „Ik raakte van het padje, zag het niet meer zitten en had behoorlijk zwarte gedachten.”

De wijkagent doet haar verhaal omdat ze vindt dat er iets moet veranderen aan „de enorme machtspositie van de politieorganisatie” in tuchtonderzoeken tegen de eigen medewerkers. „Een verdachte in een strafproces behandelen wij stukken beter. De wijze van bejegening van agenten in een disciplinair onderzoek is zo overweldigend, dat ik inmiddels kan begrijpen hoe mensen zaken kunnen bekennen die ze niet gepleegd hebben.”

Tijdens het onderzoek zegt ze familie en vrienden huilend te hebben gesmeekt haar te geloven dat ze niets ernstigs deed. „Ik heb niet gelekt naar de mocromaffia, geen cocaïne gestolen, vertelde ik. En dan nog waren er vrienden die dachten: waar rook is, is vuur. Die zeiden: ‘Vertel me nou maar gewoon wat je gedaan hebt. We komen er wel uit’.”

Cowboygedrag

Volgens de Limburgse teamchef van HPM, Jeremy Jonker, die het disciplinaire onderzoek afdwong, maakten de nu ontslagen Limburgse agenten zich schuldig aan wat hij in zijn verhoor bij het VIK omschrijft als ‘cowboygedrag’. Het belangrijkste belastende materiaal tegen de wijkagenten bestaat uit het onderlinge appverkeer dat door het uitlezen van de mobiele telefoons is verkregen.

Een van de meest belastende appconversaties doet zich voor als de bedenker van de appgroep haar collega’s laat weten dat haar sollicitatie om operationeel expert te worden door de chef wordt afgewezen. Een collega uit de appgroep verwoordt hoe hij zijn ongenoegen richting Jonker wil uiten: „Als hij naar het gemeentehuis loopt, rij ik hem zo plat. Ik poets mijn velgen met zijn schedel, we steken ze nieuwe hut in Nijmegen in de fik. Knippen zijn remleidingen door, breken de hockeysticks van zijn dochters door, en stoppen die irritante, zelfvoldane rotkop een kwartier in een tosti-ijzer.”

De wijkagent zegt het appverkeer achteraf te betreuren. „Het is een eufemisme om de berichten ongenuanceerd te noemen. Het is soms echt te grof.” Ze meent wel dat de leiding te zwaar tilt aan het berichtenverkeer. „De appjes werden verstuurd in een besloten groep. Het is een manier om je af te reageren. Politieagenten zijn net mensen. Ook agenten lachen om de grove en beledigende grappen van Youp van ’t Hek of Hans Teeuwen. Natuurlijk heb ik als politiemedewerker een voorbeeldfunctie, maar deze appgroep was privé. Ik slaap niet in mijn uniform.”

Lees ook:Ruzie op politiebureau over racisme

In de meest onwelvoeglijke appjes die de wijkagent naar eigen zeggen zelf verstuurde, werd een vrouwelijke collega soms een ‘kutwijf’ genoemd. „Ik krijg ook het verwijt dat ik me nadrukkelijk had moeten distantiëren van sommige appjes”, vertelt ze. „Ik had anderen moeten aanspreken op hun uitlatingen. Ik weet dat het schelden enkel gebeurt om elkaar te laten lachen en spanningen te doorbreken.”

In het ontslagbesluit van de wijkagent staat niets over de aanvankelijke verdenkingen van eventuele onrechtmatige huiszoekingen of het zelf doen van ‘anonieme misdaadmeldingen’. Wel wordt haar schending geheimhoudingsplicht verweten omdat ze politie-informatie deelde met ‘netwerkpartners’ als de gemeente of een woningbouwvereniging.

De leiding verwijt haar ook dat ze in de appgroep met collega’s soms zelf gemaakte foto’s deelde van plaatsen delict of van overleden of verbrande mensen. Het uitwisselen van wat de agenten zelf ‘schmutsige’ foto’s noemen, is volgens de leiding respectloos en een privacyschending. In haar verhoor heeft de wijkagent verklaard dat de foto’s deels waren voor een collega die ze voor onderwijsdoelen kon gebruiken. Ze zegt nu dat het maken en delen van gruwelijke foto’s veroorzaakt werd door „ongezonde beroepsdeformatie”.

‘Veel angst binnen het team’

Ze vindt dat sprake is van rechtsongelijkheid in de behandeling van tuchtzaken bij de politie. Agenten die zich bij de Haagse en Rotterdamse politie recentelijk schuldig maakten aan racistisch taalgebruik in appgroepen zijn niet ontslagen en soms in het geheel niet bestraft. „Elk korps doet op zijn eigen manier onderzoek. Bij ons is alles uit de kast gehaald: de hele telefoon leeggetrokken, alle mails bekeken, alle bevragingen die je ooit deed en alle zaken die je afwikkelde, zijn onderzocht. En aan 160 collega’s is gevraagd wat ze van je vinden.” Het onderzoek in Limburg kreeg zijn eigen dynamiek en was niet meer te stoppen. „Ze wilden hoe dan ook bewijzen dat de verdenkingen ook echt klopten. Als ze je willen pakken, gaan ze je krijgen”.

Ze hekelt ook de willekeur in bestraffing bij disciplinaire onderzoeken. In de maanden voor het onderzoek tegen de wijkagenten heeft de bedenker van de appgroep de vrouwelijke plaatsvervangend teamchef en een hoofdagent aangesproken op „overvloedige signalen” dat zij een intieme relatie zouden hebben met elkaar. „De affaire zorgde voor behoorlijk wat onrust op de werkvloer.”

Lees ook: Agenten die op Twitter collega belasterden niet vervolgd

Wegens liegen over die verhouding zijn deze twee agenten uiteindelijk overgeplaatst. Eén agent uit de appgroep heeft alleen voorwaardelijk strafontslag gekregen. „Als je ziet hoe verschillend er disciplinair wordt gestraft, krijg je niet de indruk dat er een strafmaatoverleg is geweest. Je zou wensen dat in dit soort zaken gestreefd wordt naar gelijkheid, onafhankelijkheid en zorgvuldigheid”.

Het Openbaar Ministerie in Limburg is nog bezig met een strafrechtelijk onderzoek in deze zaak. De wijkagent zegt „angst” te hebben voor vervolging „omdat er de afgelopen maanden steeds zulke rare dingen gebeuren”. De agenten vechten met steun van de politievakbonden hun ontslag aan. Ook het Tweede Kamerlid Chris van Dam (CDA) heeft het in het parlement nadrukkelijk opgenomen voor de ontslagen agenten. Hij wil een onafhankelijk onderzoek naar het Limburgse VIK-onderzoek en naar de rol van de leiding.

In het oude basisteam zijn de verhoudingen en de werksfeer nog lang niet hersteld, vertelt de wijkagent. „Er zit ontzettend veel angst binnen het team. Nu er geen contactverbod meer is, komen er huilende collega’s langs die zich ook niet veilig voelen. Ze hebben anderhalf jaar lang van de teamchef te horen gekregen dat de geschorste collega’s absoluut niet deugen. ‘Wacht maar tot je straks hoort wat die rotte appelen allemaal gedaan hebben’, werd hun verteld. ‘Ze zijn jullie tranen niet waard.’ Nu zien ze zelf hoe beroerd de politieorganisatie haar eigen mensen behandelt. Morgen kunnen zij disciplinair aan de beurt zijn.”