Europese Commissie: economisch herstel veel trager dan verwacht

Coronacrisis Brussel heeft iets beter zicht op coronavirus en maatregelen daartegen. Reden voor een somberder prognose voor de economie.

Eurocommissaris Paolo Gentiloni (Economie): „Herstel in V-vorm zal er niet komen.”
Eurocommissaris Paolo Gentiloni (Economie): „Herstel in V-vorm zal er niet komen.” Foto John Thys/AFP

Door het opflakkerende coronavirus zal het economisch herstel in Europa veel trager verlopen dan eerder verwacht. Die voorspelling deed de Europese Commissie donderdag, in haar driemaandelijkse economische vooruitblik. Waar de Commissie er deze zomer nog vanuit ging dat de Europese economie in 2021 met 6,1 procent zal groeien, is die verwachting nu verlaagd naar 4,1 procent groei.

In een persconferentie benadrukte Eurocommissaris voor Economie Paolo Gentiloni dat de voorspellingen in tijden van „grote onzekerheid” zijn gemaakt. Daarbij speelt niet alleen de verspreiding van het virus een rol, maar ook de moeizame gesprekken over een handelsakkoord tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk. In zijn voorspelling voor de komende jaren gaat Brussel nu voor het eerst uit van mislukking van die onderhandelingen.

Geen V-vorm

Dat het inmiddels zeker is dat bepaalde coronamaatregelen ook in 2021 nog van kracht zijn, dempt de groeiverwachtingen fors. Voor Nederland betekent het een voorspelde groei in 2021 van 2,2 procent, waar de Commissie eerder nog uitging van 4,2 procent groei. Het is ook lager dan de 3,5 procent die het Centraal Planbureau onlangs voorzag. Pas op z’n vroegst in 2023 verwacht Brussel dat Europa teruggekeerd is op het welvaartsniveau van vóór de coronacrisis. Eerder nog hoopte men op een herstelde economie in 2022.

„We hebben nooit op herstel in een V-vorm gerekend”, aldus Gentiloni donderdag. „En nu weten we ook zeker dat die er niet zal komen.” Hij sprak van de diepste recessie uit de geschiedenis van de EU.

Lees ook: ‘Europa beter voorbereid dan bij de eerste golf’

Het economisch herstel verliep in het derde kwartaal van dit jaar wel voorspoediger dan eerder verwacht. De economische krimp in 2020 is daardoor naar verwachting iets beperkter dan eerder voorspeld: 7,8 procent, tegenover de deze zomer verwachte 8,3 procent krimp. De verschillen tussen lidstaten zijn bovendien groot. Het meest duister is het scenario voor Spanje, dat op een krimp van 12,4 procent kan rekenen. Ook in onder meer Italië (-9,9 procent), Frankrijk (-9,4) en Portugal (-9,3) is de klap snoeihard. Nederland zit met 5,5 procent krimp bij de iets milder getroffen lidstaten, net als Duitsland (-5,6). Nog kleiner is de neergang in onder meer Zweden (-3,4) , Polen (-3,6) en Ierland (-2,3).

De verschillen zijn een gevolg van de mate waarin lidstaten getroffen worden door de pandemie. Maar ook van in hoeverre overheden in staat zijn de klap op te vangen. In maart van dit jaar besloten lidstaten alle begrotingsregels voorlopig op te schorten. De Europese Commissie benadrukt ook nu hoe belangrijk het is dat overheden de portemonnee blijven trekken om de economie te stutten. Het betekent dat het begrotingstekort overal een hoge vlucht neemt en gemiddeld stijgt naar 8,4 procent. Nederland zit daar met 7,2 procent iets onder.

Herstelfonds

Ook voor de komende jaren verwacht de Commissie dat het merendeel van de landen boven de Europese tekortnorm van maximaal 3 procent blijft. Eerder spraken lidstaten al af de begrotingsregels op zijn vroegst in 2022 weer in werking te stellen. Maar de donkere voorspellingen plaatsen ook die stip aan de horizon steeds verder weg.

De effecten van het grootschalige herstelfonds dat lidstaten deze zomer overeenkwamen, zijn nog niet volledig in de voorspellingen meegenomen. Over de precieze details daarvan wordt nog altijd onderhandeld met het Europees Parlement. Een handelsakkoord met het VK zou daarnaast de slechte vooruitzichten iets kunnen dempen. Ook zou het sneller dan verwacht beschikbaar komen van een vaccin voor sneller herstel kunnen zorgen.