Analyse

Voor het Chinese Ant gaan strengere regels gelden. En voor andere onlinebetaalbedrijven?

Financieel toezicht Er ging een streep door de Ant-beursgang vanwege strenger toezicht. Dat gaat de hoge winsten van het betaalbedrijf flink drukken.

Via een QR-code kan ook bij deze marktkraam in het Chinese Hangzhou met de betaalapp Alipay worden betaald.
Via een QR-code kan ook bij deze marktkraam in het Chinese Hangzhou met de betaalapp Alipay worden betaald. Foto Qilai Shen / Bloomberg

Het had een feestje moeten worden voor de wereldwijde onlinebetaalsector: het dubbele debuut op de beurzen van Shanghai en Hongkong van het Chinese Ant Group deze donderdag. Het afblazen dinsdag vanwege ‘toezichtissues’ zet alsnog de schijnwerper op de sector: hoe is het eigenlijk gesteld met het toezicht op fintech en onlinebetaalbedrijven?

Ant is eigenaar van het zeer populaire Chinese Alipay. Dat begon ooit als betaalapp, maar inmiddels kunnen consumenten en mkb-bedrijven via Alipay ook leningen en verzekeringen afsluiten. Deze platformaanpak wordt door menig strategieconsultant en bank- en verzekeringsbestuurder gezien als de toekomst voor de financiële sector: zorg dat gebruikers voor al hun financiële diensten alleen nog maar jouw app nodig hebben.

Daarmee haal je niet alleen vaste inkomsten binnen, maar leer je ook enorm veel over je klanten. Met die data valt vervolgens ook weer geld te verdienen, door bijvoorbeeld onlinewinkeliers van advies te voorzien over hoe en wanneer zij hun klanten moeten benaderen.

Lees ook: Een bank draaien op abonnementsgeld? N26 denkt dat het kan

Als de beursgang was doorgegaan, hadden de aandeelhouders van Ant met 11 procent van de aandelen een bedrag willen ophalen van 34 miljard dollar (bijna 29 miljard euro). Daarmee zou het bedrijf zo’n 300 miljard dollar waard zijn. Ant was zo bijna evenveel waard geweest als de grootste bank ter wereld, het Amerikaanse JP Morgan Chase (ruim 315 miljard dollar) en meer dan de grootste Chinese bank, ICBC (omgerekend 256 miljard dollar).

Wereldwijd zijn betaalbedrijven, die voor winkels en consumenten online betalingen regelen, sowieso stukken populairder onder beleggers en investeerders dan banken die spaargeld beheren en leningen verstrekken. Zo is het Nederlandse Adyen, dat Nike, Easyjet, Booking.com en zelfs Alipay tot zijn klantenkring rekent, met een beurswaarde van 46 miljard euro flink meer waard dan de grootste bank van Nederland, ING (25 miljard euro).

Die hoge waardering komt door de potentie die investeerders zien in betaalbedrijven, terwijl die bij banken lijkt te ontbreken. Betaalbedrijven maken flinke winsten en groei, dat lijkt momenteel een wetmatigheid. Zo maakte Adyen afgelopen jaren steeds meer dan 20 procent winst op het ingezette kapitaal (return on equity, of RoE), terwijl voor banken als ING een rendement van 10 procent als hoogst haalbare wordt gezien.

Maar terwijl de slingers bij wijze van spreken in het hoofdkantoor van Ant in Hangzhou al werden opgehangen, ging er dinsdag plots een streep door het feest van Ant en de betaalsector. Het probleem? Vlak voor de beursgang kondigden de Chinese toezichthouders aan dat zij strenger worden voor de fintech- en betaalsector. Hierdoor schetsen de door Ant ingediende beursgangpapieren van het betaalbedrijf niet meer de juiste situatie, aldus Shanghai Stock Exchange.

Geen bank maar een techbedrijf?

Het ‘lichte’ toezicht en de lage kapitaaleisen zorgden er mede voor dat Ant de afgelopen jaren hard kon groeien ten koste van de traag vernieuwende, maar ook veel zwaarder gereguleerde Chinese banken. Oprichter Jack Ma heeft meermaals verklaard dat Ant geen bankinstelling is, maar een technologiebedrijf. En dus zou het terecht zijn dat zijn bedrijf aan minder strenge eisen hoeft te voldoen.

Lees ook: Betaalapp Alipay is heel handig voor Chinezen én voor de Chinese overheid

De Chinese autoriteiten lijken daar nu anders over te denken. In een bijeenkomst maandag zou topman Ma van Chinese toezichthouders hebben gehoord dat zijn bedrijf voortaan net als banken genoeg kapitaal moet gaan aanhouden op leningen om eventuele verliezen beter te kunnen opvangen. Ook zou Ant verplicht worden om deels samen op te trekken met banken bij het verstrekken van leningen.

Of de maatregelen voortkomen uit oprechte zorgen over de groeiende schuldenberg in China, of dat er sprake is van wraak door recente kritische opmerkingen van Ma over de Chinese bankensector is niet helemaal duidelijk. Maar het staat buiten kijf dat de rendementen van Ant door de maatregelen flink zullen worden gedrukt. „Je moet niet alleen kapitaal opzijzetten, het toezicht kost ook veel tijd van je personeel”, legt Herman Spruit, partner bij adviesbureau Bain & Company uit.

De ontwikkelingen in China zullen door de bestuurders en beleggers van andere betaalbedrijven met argusogen worden bekeken. Want wat voor Ant geldt, gaat ook op voor de sector wereldwijd: de hoge winsten van de afgelopen jaren zijn mede te danken aan een veel lagere toezichtsdruk dan bij banken.

Hierdoor is over de grens uitbreiden voor een betaalinstelling bijvoorbeeld veel makkelijker dan voor banken.

In de EU wordt na het Wirecard-schandaal ook gevreesd voor meer regels

De vraag is of dat zo blijft. In Europa wordt gevreesd dat het accountingschandaal rond het Duitse betaalbedrijf Wirecard tot strengere regels leidt. In Nederland wordt al langer geklaagd door de Verenigde betaalinstellingen Nederland (VBIN) dat de toezichtkosten van De Nederlandsche Bank almaar stijgen. En ook wat betreft de controle op witwassen is er een enorme druk op de betaalinstellingen. „Die regels zijn voor betaalbedrijven niet anders dan voor banken, en leveren hen dan ook net zoveel kosten en risico’s op”, voorziet KPMG-adviseur Paul Koetsier.

Gaan banken en betaalbedrijven dan komende jaren weer naar elkaar toe groeien wat betreft beurswaarde? Dat is niet direct waarschijnlijk. Het lichte toezicht is immers niet het enige wat betaalbedrijven voordeel geeft. De vaak jonge betaalbedrijven hebben veel minder last dan banken van ingewikkelde, oude IT-systemen. De fees die de betaalinstellingen van hun klanten binnenkrijgen zijn in deze tijden van lage rente een veel zekerder inkomstenbron dan de rentemarge van banken. En vooralsnog zijn onlinebetaalbedrijven de winnaars van de coronacrisis, dankzij de enorme groei van het online winkelen.