Waar ging het mis tussen Hoekstra, de bonden en KLM?

Onderhandelingen De staatssteun voor KLM wordt bedreigd door een krachtmeting tussen piloten en de minister. Hoe kon het zo misgaan?

Foto Robin Utrecht

Slechte communicatie tussen de hoofdrolspelers lijkt een belangrijke oorzaak van de crisis over de staatssteun voor KLM. Minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) dacht dat zijn voorwaarden duidelijk waren. KLM dacht aan Hoekstra’s voorwaarden te voldoen. De vakbonden dachten afdoende afspraken met KLM te maken. Het liep anders, en nu staat de steun op het spel. Hoekstra eist dat de bonden zich voor vijf jaar verbinden aan loonmatiging, drie jaar langer dan nu het geval is. Waar ging het mis in de driehoek Financiën-KLM-vakbonden?

Volgens de vakbonden was er veel ruis omdat Hoekstra zich bemoeide met het cao-overleg tussen werkgever en werknemers. Hij liet de „invulling” aan KLM en bonden, maar legde wel het einddoel van de personeelsbijdrage vast. Financiën en KLM spraken af dat ze het document met de precieze voorwaarden, de zogenoemde term sheet, niet zouden delen met de bonden of derden. Wob-verzoeken werden afgewezen. Volgens Financiën stonden de voorwaarden afdoende geformuleerd in de Kamerbrief van Hoekstra over de steun aan KLM, van 26 juni.

De bonden die afgelopen weekend niet wilden tekenen voor loonmatiging met een looptijd van vijf jaar – FNV bereikte maandagavond alsnog een akkoord met KLM, alleen pilotenbond VNV weigert nog – werden afgelopen vrijdag naar eigen zeggen „overvallen” door de „aanvullende eis” van Hoekstra. In de brief van 26 juni is namelijk geen sprake van een looptijd voor het loonoffer. Alleen dividend en bonussen moeten worden opgeschort „gedurende de looptijd van de steun”.

Lees ook: Gaat KLM nu failliet? In barre tijden kan het altijd nog Parijs bellen

Hadden de bonden kunnen weten dat Hoekstra ook voor het loonoffer een bepaalde looptijd eiste? Ja.

Op 8 juli stuurde KLM een mail naar alle bonden met als bijlage één pagina uit de term sheet, met daarop de twee voorwaarden van Financiën ten aanzien van personeelsbijdragen. Onder de staffel die bepaalt dat de hoogste inkomens het meest bijdragen, staat: „Bovenstaande bijdrage van het personeel kan trapsgewijs worden opgebouwd en duurt voor zolang de steun niet is terugbetaald en beëindigd.”

In een aantal interne uitingen van KLM, zoals videoboodschappen van topman Pieter Elbers, is de laatste maanden gemeld dat de voorwaarden voor de steun gelden voor de duur van de leningen. De tekst van de vrijdag door KLM aan de bonden voorgelegde clausule was een week eerder, op 23 oktober, al besproken met de bonden. In die tekst staat: „In het kader van dit steunpakket van de Nederlandse overheid wordt een arbeidsvoorwaardelijke bijdrage verlangd in alle drie cao-domeinen. Deze bijdrage moet gelden voor de volledige looptijd van deze steun (naar verwachting 5 jaar).”

Dat FNV en VNV op 30 oktober volledig werden verrast door de „nieuwe” eisen van Hoekstra is dus verrassend.

Niet verder dan 2022

Maar als KLM wist dat Hoekstra een lange looptijd wilde, waarom sloot het bedrijf dan op 1 oktober akkoorden met de bonden die niet verder gingen dan maart 2022 (piloten) en eind 2022 (grond- en cabinepersoneel)? Had KLM niet kunnen voorzien dat Hoekstra daar geen genoegen mee zou nemen?

Bronnen rond de onderhandelingen zeggen dat KLM het wel heeft geprobeerd, maar dat langere afspraken er niet inzaten. KLM hoopte dat Hoekstra genoegen zou nemen met de toezegging van de bonden dat ze in 2022 opnieuw om tafel wilden gaan zitten. Zo is het op 23 oktober ook vastgelegd in het protocol voor het grondpersoneel: „Partijen treden medio 2022 in overleg op basis van de dan actuele bedrijfssituatie en marktverwachtingen en in relatie tot het steunpakket.”

Vreemd genoeg wijkt die formulering nauwelijks af van de afspraak die pas maandagavond met FNV is gemaakt, en die de VNV in een brief van zondag aan Hoekstra heeft voorgesteld. Het wekt de indruk dat een onafhankelijke bemiddelaar de kloof eerder al had kunnen dichten. De twee hulplijnen van Financiën, adviesbureau PA Consulting en state agent Jeroen Kremers, konden kennelijk niet in die taak voorzien.

Lees ook deze analyse: Steun voor KLM wankelt, maar valt niet

Contract met KLM-directie

Minister Hoekstra, op zijn beurt, toonde zich verbaasd over de bonden. Volgens hem kan er geen misverstand zijn ontstaan over de looptijd van de voorwaarden voor het steunpakket. Dat is volgens een woordvoerder van Financiën „in juni in een contract met de directie van KLM vastgelegd”.

Het ‘contract’ is de eerder genoemde, geheime term sheet. Het besluit om dit document niet te delen met de bonden, en de KLM-onderhandelaars de voorwaarden van Hoekstra te laten ‘vertalen’ naar de bonden, heeft voor veel verwarring gezorgd. Zoals een vakbondsbestuurder zegt: „Die geheimhouding heeft geleid tot waar we nu zijn.”

Volgens dezelfde bestuurder hebben de bonden „naar eer en geweten” gehandeld bij hun onderhandelingen met KLM over het vereiste loonoffer. Ze waren onaangenaam verrast toen kort na de gesloten akkoorden van 1 oktober bleek dat er voor de piloten een kortere looptijd was afgesproken dan voor het grond- en cabinepersoneel. De bonden gingen bij hun onderhandelingen uit van de voorwaarden zoals die zijn geformuleerd in de Kamerbrief van 26 juni.

Piketpalen

De minister sloeg in zijn brief naar eigen zeggen slechts „piketpalen” voor de onderhandelingen tussen KLM en bonden. De nadruk lag op de staffel, met de eis dat de breedste schouders de zwaarste lasten moeten dragen. Elk van de drie domeinen grond, cabine en cockpit moet een bezuiniging van 60 miljoen euro opbrengen.

De verdeelsleutel tussen vast salaris en variabele beloningselementen laat Hoekstra aan KLM: „De invulling van deze voorwaarde is verder aan de onderneming en de vakbonden.” Als de bezuiniging van 15 procent maar wordt gehaald.

Toen Financiën begin oktober het herstructuringsplan van KLM ontving, met daarin de cao-afspraken tussen KLM en de bonden, viel ambtenaren snel op dat de afspraken een beperkte looptijd hadden. Aanvankelijk dacht men op het ministerie dat de gevraagde bezuinigingen dan wellicht op een andere manier zouden worden gerealiseerd. Dat verklaart waarom Financiën niet meteen na ontvangst van het plan aan de bel trok bij KLM. Nadere bestudering door PA Consulting leerde echter dat er geen compenserende of latere maatregelen werden aangekondigd.

Dus oordeelde Hoekstra dat het plan „niet aan de gestelde voorwaarden voldeed”. Hij wilde meer ‘commitment’ van de bonden. En dus moest KLM terug naar de bonden met een ‘commitment clausule’. Een noodgreep op de valreep.