Het plezier is ver te zoeken voor de Trumpkijker

Zap We kennen de hilarische overexposure van de Amerikaanse presidentsverkiezingen in de Nederlandse media als een vierjaarlijks feestje, maar het plezier is nu ver te zoeken.

Twan Huys interviewt Ayaan Hirsi Ali in Buitenhof.
Twan Huys interviewt Ayaan Hirsi Ali in Buitenhof. Beeld VPRO

Ayaan Hirsi Ali had geen zin om te vertellen op wie ze gaat stemmen, zei ze meteen. Buitenhof had Twan Huys naar New York gevlogen om daar twee speciale verkiezingsuitzendingen te maken. De eerste begon zondagmiddag met een videogesprek met Hirsi Ali, die zich nog vierduizend kilometer verder westwaarts bevond, in Californië. De verbinding galmde, bibberde en kraakte in zijn voegen – een beetje als de Verenigde Staten zelf.

Intussen nam Hirsi Ali een dubbel standpunt in. Donald Trump noemde ze zonder omhaal ‘onpresidentieel’; in 2016 had ze op Clinton gestemd. Tegelijkertijd viel ze de Democratische partij hard aan. Ze gaf mainstream kritiek, zoals de constatering dat die partij volledig geobsedeerd is door Trump. Maar ze ventileerde ook de onverdund uit de Republikeinse campagne afkomstige bewering dat Joe Biden gegijzeld wordt door Black Lives Matter. Een dilemma dus, met een onpresidentiële en een gegijzelde kandidaat. Juist daarom was het zo jammer dat ze haar keuze voor zich hield.

Hirsi Ali verwachtte dat bij verlies van Trump zijn aanhangers rustig hun wonden zouden likken, maar voorspelde geweld als de Democraten zouden verliezen. In de New Yorkse studio bij Huys betoogde historicus Russell Shorto precies het omgekeerde. Arnon Grunberg waarschuwde dat veel praten over geweld, dat geweld juist dichterbij kan brengen. Ambassadeur Pete Hoekstra bleek bereid om vanuit Zeeland (Michigan) nog een beetje ruzie met Huys te zoeken.

De New Yorkse Buitenhof was het begin van een lange Amerikaanse dag op de Nederlandse tv, inclusief reportages in de nieuwsrubrieken en een laatste videobrief uit de serie van Arnon Grunberg.

We kennen de hilarische overexposure van de Amerikaanse presidentsverkiezingen in de Nederlandse media als een vierjaarlijks feestje, maar het plezier is nu ver te zoeken. Tekenend was dat het enige grapje dat Arjen ‘the Netherlands second’ Lubach ’s avonds over de VS maakte over ‘de Amerikaanse burgeroorlog’ ging.

Een extra uitzending van Op1 belichtte de vraag ‘Hoe Trump zijn wij?’, maar het gesprek over de vertrumping van Nederland ging vooral heel erg over de VS. Wat niet hielp, was dat men alweer de eigen presentator Charles Groenhuijsen als Amerika-duider had gevraagd, wat een buitengewoon ongeïnspireerde indruk maakt. Een programma met de journalistieke pretenties van Op1 mag de loonlijst en de gastenlijst wel wat beter gescheiden houden. Geestig was het sippe gezicht van Groenhuijsen toen hij in een analyse over de geweldsdreiging werd onderbroken door Jeroen Pauw met de woorden: „Ja, dat zei Ayaan Hirsi Ali vanmorgen in Buitenhof ook al.”

De laatste halte voor de Trumpkijker was de driedelige Britse documentaire The Trump Show (VPRO). Die brengt de Trumpjaren als een realityshow waarin de ontwikkelingen over elkaar heen buitelen en de held op wonderlijke wijze uit elke val weet te ontsnappen. Journalist Michael Wolff zei dat Trump vertrouwt op zijn vermogen „to get away with anything”. Er kwam veel langs: van de Russische inmenging in de verkiezingen tot Stormy Daniels, de ex-pornoster die uiteindelijk evenveel schade toebracht aan de reputatie van Twan Huys als aan die van Donald Trump.

The Trump Show is knap gemaakt, maar tekende de terugblikzucht waar veel journalisten zich aan overgeven, wellicht in de door de wens verwekte gedachte dat het eind in zicht is. Terwijl uit diezelfde programma’s blijkt dat het vermogen tot wederopstanding misschien wel de grootste gave van Donald Trump is.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.