Een eind aan de maatregelen? Deze onderzoekers zien het niet snel gebeuren

Modellen Dat het R-getal dankzij de maatregelen omlaag gaat, is zeker. Onduidelijk is in welke máte, zeggen twee onderzoekers.

Welk effect de sluiting van de horeca precies heeft op de verspreiding van het coronavirus, is heel lastig vast te stellen, zeggen onderzoekers van het Eramus UMC.
Welk effect de sluiting van de horeca precies heeft op de verspreiding van het coronavirus, is heel lastig vast te stellen, zeggen onderzoekers van het Eramus UMC. Foto Rob Engelaar

Sake de Vlas, hoogleraar infectieziekte-modellering bij Erasmus MC in Rotterdam en zijn collega-onderzoeker Luc Coffeng zeiden dit voorjaar al dat regeringen nog zeker twee jaar maatregelen zouden moeten nemen om de Covid-19-pandemie in de hand te houden. Die voorspelling deden ze op basis van hun modellen, waarin tal van data zijn verwerkt zoals de besmettelijkheid van het virus en de duur van het verblijf van een Covid-patiënt op de IC. Ze zijn dan ook niet verbaasd dat de aantallen nu al weer een tijdje oplopen. „Dat was te verwachten na de versoepeling van de maatregelen”, zegt Coffeng.

Lees hier: onderzoekers schrokken zich kapot toen ze klaar waren met hun berekeningen

Welke versoepeling het meest heeft bijgedragen aan de heropleving van het virus, is niet te achterhalen. Zoals je ook niet kunt zeggen waardoor het zogeheten R-getal, dat aangeeft hoeveel anderen een besmet persoon aansteekt, dit voorjaar zo snel omlaag ging. „Het is het hele pakket aan maatregelen plus het feit dat de schrik er toen goed in zat”, legt Coffeng uit.

De Vlas: „Vanuit wetenschappelijk oogpunt was het beter geweest als de maatregelen daarna stap voor stap waren afgebouwd. Dan hadden we het effect van een afzonderlijke maatregel kunnen zien.” De tweede golf biedt een herkansing, doordat het kabinet nu stap voor stap maatregelen neemt en de effecten afwacht.

Eerder pleidooi horecasluiting

Het Outbreak Management Team (OMT) lijkt overigens wel te kunnen voorspellen hoever iedere maatregel het R-getal omlaag drukt. Zo pleitte het OMT al in september voor een horecasluiting, wat het kabinet toen niet wilde. Dat zo’n extra maatregel de besmettingen omlaag drukt, is volgens de Erasmus-onderzoekers aannemelijk. „In welke máte de R naar beneden gaat is een lastiger vraagstuk”, schrijven ze in een aanvullende mail.

Lees ook: Hoe komen we uit de tweede lockdown?

Het OMT beschikt over een RIVM-model met aannames over hoe vaak mensen uit bepaalde leeftijdsgroepen anderen ontmoeten. Als je inschat in hoeverre bijvoorbeeld het sluiten van de horeca het aantal contacten vermindert, kun je rekenen. „Echter, die inschatting is best lastig te maken, al was het maar door het optreden van compensatiegedrag.” Mensen gaan bijvoorbeeld op andere plekken samen een glaasje drinken.

Reserves hebben de onderzoekers ook bij het voorstel van het Red Team. Dat wil een harde lockdown, gevolgd door een versoepeling waarbij het virus in bedwang wordt gehouden door intensief te testen en grondig bron- en contactonderzoek. De Vlas: „Ik heb er weinig of geen vertrouwen in dat met bron- en contactonderzoek het niveau langdurig laag kan worden gehouden. Er is iets met het virus waardoor mensen met weinig of geen symptomen het toch verspreiden.” Hard op de rem en dan weer loslaten, werkt dus niet, denkt De Vlas: „Dat pompend remmen kan ook in een mildere variant. Niet volledig op de rem, niet volledig loslaten. Daarmee blijven we voorlopig doormodderen.”

Lees ook: Angst werkt niet meer, belonen van goed gedrag werkt beter

De onderzoekers zijn wel bezig om de geografische spreiding van de besmettingen beter in kaart te brengen. „Niet iedereen komt iedereen tegen. Dus we willen meer zicht krijgen op hoe de verspreiding zou kunnen verlopen - tussen locaties en binnen een locatie”, zegt De Vlas: „Dan kun je in principe ingrijpen op plekken met een uitbraak, en hoef je dat elders niet te doen.”

Ook wordt het dan makkelijker om te bepalen of je overal bijeenkomsten moet ontmoedigen, of alleen die waar mensen uit verschillende gebieden bij elkaar komen. Maar ook bij een regionale aanpak kan de psychologie van mensen roet in het eten gooien, zegt De Vlas. „Want als er op ene plek een besmetting is, gaan ze misschien naar de andere plek - met kans op verspreiding.”