Reportage

Tweedehands is al lang geen teken van armoede meer

Doorverkoop De verkoop van tweedehandskleding groeit en blijft de komende jaren nog flink doorgroeien. Zeker in coronatijd floreert de online handel.

Tweedehands kleding in Britse supermarkt Asda, die een duurzame strategie zegt te volgen. Foto Molly Darlington/Reuters

De tijd dat het dragen van tweedehandskleding alleen een teken van armoede was, ligt al heel lang achter ons. Al in de hippietijd werd het bon ton om oude, gebruikte kledingstukken te dragen, en eigenlijk is dat sindsdien nooit meer weggeweest. Zeker voor tieners en twintigers is tweedehandskleding een manier om zich af te zetten tegen mainstreammode, om die mainstreammode vervolgens wel te inspireren. Weinig modehuizen die niet in de gaten houden wat vooruitstrevende jongeren dragen, en geen vintage kleding in het atelier hebben hangen om na te maken.

Maar nog nooit was de markt in tweedehandskleding zo groot en zo gedifferentieerd als nu. De groep jongeren die rommelmarkten, kilowinkels (waar tweedehands kleding op gewicht wordt betaald), kringloopwinkels, tweedehandskledingwinkels en opkopers als Gideon Italiaander afstruint op zoek naar hippe, goedkope, opvallende stukken is nog maar een klein deel van de consumenten die gedragen kleding aanschaft. En de klassieke tweedehandswinkels en marktstalletjes zijn lang niet meer de enige aanbieders. Veel van de handel speelt zich tegenwoordig af tussen particulieren onderling – resale, wordt dat genoemd, doorverkoop – vaak geholpen door fysieke winkels en gespecialiseerde websites. Die zijn er op alle niveaus. Om bij de sites te blijven: er zijn heel chique, zoals Vestiaire Collective. Dat stelt eisen aan de merken– van H&M worden bijvoorbeeld alleen de exclusieve lijnen geaccepteerd – en aan de staat van de kledingstukken die worden aangeboden. Ook wordt gecontroleerd of de designerspullen geen imitaties zijn.

Lees ook:Voor kledingapp Vinted is schaal van groot belang

Aan de andere kant van het spectrum staan sites als Vinted, waar ook goedkope spullen kunnen worden aangeboden. Volgens Vinted kun je voor een ongedragen kledingstuk nog 60 tot 80 procent van de nieuwprijs vragen. Het grote verschil met Marktplaats en eBay: de gespecialiseerde kledingsites vragen een commissie aan verkoper (Vestiaire Collective) dan wel koper (Vinted).

‘Pre-owned’ en ‘pre-loved’

Het woord tweedehands wordt nog nauwelijks gebruikt. Tegenwoordig worden termen als ‘pre-owned’ of ‘pre-loved’ gebruikt, en als het om wat oudere kleding gaat ‘vintage’. Veel van de aangeboden kleding is namelijk helemaal niet zo oud, soms wordt een stuk zelfs meteen doorverkocht. Als het een gewild en in kleine oplage gemaakt item is, kan er nog meer dan de oorspronkelijke prijs voor worden gevraagd en betaald. Voor veel mensen is kopen en doorverkopen een serieuze (bij)verdienste geworden. Bij Vestaire Collective staan 9 miljoen 'leden’ uit 90 landen ingeschreven – kopers en verkopers – Vinted zegt zelfs 34 miljoen gebruikers te hebben.

Lees ook: Hoe je weer snel van een Chanel afkomt

Tweedehands is in principe duurzaam. Maar dat er zoveel aanbod is, ligt aan onduurzaam gedrag

Tweedehands heeft natuurlijk nog nooit zo’n goede naam gehad als nu: het is in principe duurzaam, wat ook de reden is die Zalando geeft voor zijn net opgerichte marktplaats voor kopers en verkopers. Die laatsten krijgen na verkoop geen geld overgemaakt, maar een deel van de verkoopprijs kan worden besteed aan een goed doel. Of het kan worden omgezet in een voucher waarmee je (nieuwe) kleding op Zalando kunt kopen, waardoor het initiatief dus eigenlijk weer aanzet tot het kopen en dus verre van duurzaam is. Ook secondhand.levi.com, de nieuwe Amerikaanse marktplaats van Levi’s, geeft verkopers een tegoedbon die te besteden is bij Levi’s. Het al even nieuwe COS resell van H&M's duurdere keten Cos dat nu alleen nog actief in het VK en Duitsland, betaalt daarentegen gewoon uit, minus tien 10 procent kosten.

Meer kleding dan ooit

Dat het aanbod aan tweedehandskleding zo groot is, hebben we natuurlijk te danken aan ons onduurzame gedrag. We hebben meer kleding in huis dan ooit tevoren.

Zeker in de coronatijd floreert de online tweedehandshandel, aldus modenieuwssite Business of Fashion. Aan de aanbodzijde zijn er de mensen met geldgebrek en de tijd hun kast uit te ruimen, aan de vraagkant de mensen die winkels mijden en online op zoek gaan naar koopjes. Wat tweedehands kopen de laatste tijd extra aantrekkelijk maakt, is dat trends lang niet meer zo dwingend zijn als vroeger.

Marktonderzoekbureau GlobalData verwacht dat er in 2023 bijna 51 miljard dollar (43 miljard euro) zal omgaan in de tweedehandskledingmarkt, bijna een verdubbeling ten opzichte van 2019. Volgens een onderzoek van het Amerikaanse ThredUp, naar eigen zeggen de grootste online tweedehandswinkel, is de totale tweedehandsmarkt in 2029 twee keer zo groot als die van fast fashion, het segment waar ketens als Primark en H&M onder vallen. Resale is naar verwachting in 2024 groter dan de traditionele tweedehandsmarkt .

De doorverkoop van designermode stijgt de komende jaren naar verwachting 15 tot 20 procent per jaar, terwijl de groei van het ‘normale’ luxesegment volgens adviesbureau Boston Consulting Group al voor de pandemie onder de 10 procent lag. De doorverkoop zit de verkoop van nieuwe luxe items overigens niet in de weg. Business of Fashion schrijft dat een tweedehandsaankoop vaak de opmaat is voor een de aanschaf van een nieuw item. De wetenschap dat dat ook weer kan worden doorverkocht, maakt de drempel nog lager. Vandaar dat ook luxemerken herverkoop nu aanmoedigen. Gucci is na Burberry en Stella McCartney het derde merk dat een samenwerking is aangegaan met luxe doorverkoopsite The Realreal. Anders dan de voorgangers is het zo verstandig de verkopers niet te belonen met tegoedbonnen. Voor elke Gucci-klant op de site, wordt een boom geplant in een gebied dat te lijden heeft gehad onder klimaatverandering.