Opinie

EU en Turkije strijden met publieke wapens

Luuk van Middelaar

„Merci!” Met een korte retweet uitte de Franse ambassadeur in Den Haag blijdschap over de steun die premier Rutte uitsprak voor president Macron in diens hoog oplopende conflict met Erdogan. Afgelopen weekeinde zei de Turkse president tot tweemaal toe dat de Fransman „geestelijke verzorging” nodig had. In het koor van veroordelingen uit Europa klonk onze premier luid en duidelijk: „Nederland blijft met Frankrijk pal voor de gemeenschappelijke waarden van de EU staan. Voor het vrije woord en tegen extremisme en radicalisme.”

Er is Parijs veel aan gelegen niet alléén te komen staan tegenover Turkije, maar de EU als blok achter zich te weten. Maandagavond telde de Franse staatssecretaris voor Europese Zaken 24 publieke steunbetuigingen op 26 EU-medelidstaten. Inmiddels ontbreekt alleen Hongarije – maar voor premier Orbán is vrijheid dan ook geen kernwaarde.

Bij alle persoonlijke elementen in de confrontatie Macron–Erdogan mag niet uit het zicht verdwijnen dat het in de kern om een conflict tussen Europa en Turkije gaat. De Turkse president tart het EU-grondgebied met gasspeurtochten in Griekse en Cypriotische wateren en chanteerde de Unie dit voorjaar met migrantenchaos. Twee weken terug liep het in Ankara hoog op tussen de Zweedse en Turkse ministers van Buitenlandse Zaken, Ann Linde en Mevlut Cavusoglu: hij ontzegde haar op een persconferentie het recht zijn land aan te sporen zich niet met Syrië te bemoeien, zij repliceerde dat ze hoopte dat de Turken zich in het openbaar even eerlijk mochten uitspreken als hun minister.

Nederland ervoer Erdogans voorliefde voor escalatie in januari 2017, toen Rutte de Turkse minister die ondanks een Haags ‘nee’ voor haar president campagne kwam voeren in Rotterdam, robuust het land uitzette. De premier had gelijk een streep te trekken. Wie zich door Erdogan laat intimideren, krijgt de volgende keer een hardere trap.

Fascinerend is hoe de Turks-Europese machtsstrijd tegelijk een waardenstrijd is

Fascinerend is hoe de Turks-Europese machtsstrijd in de recentste episode tegelijk een waardenstrijd is – en zich dus meer dan ooit in de openbaarheid afspeelt. Beide partijen spreken hun publiek aan, willen overtuigen, zoeken zichtbaarheid, en dan worden consumentenboycot en publieksdiplomatie wapens. Belangrijk dus dat de Tweede Kamer dinsdag – in aanwezigheid van de Franse ambassadeur – de vermoorde leraar Samuel Paty herdacht. Het trof dat Parijs zwaar aanstoot nam aan het lang uitblijven van officiële condoleances van Turkije na de gruwelijke onthoofding (hoewel Ankara zich achteraf beriep op een discreet bericht van de ambassadeur in Parijs). Met deze publieke stilte liet Erdogan de grenzen vervloeien tussen vreedzame geloofspraktijk en islamterreur. Voor Europese landen met een grote moslimbevolking is zulke ambivalentie in communicatie dodelijk.

Deze publieke botsingen zijn nog maar een begin. Om zich te meten met rivalen als Rusland, China, Turkije en de VS kan de Europese Unie niet langer buiten de openbaarheid. Ze moet het eigen publiek duidelijk maken – en daar ook te horen krijgen – wie we zijn en wat we willen verdedigen. Macht is niet verkrijgbaar als bouwpakket vol beslisprocedures en beleid bij de Brusselse IKEA. Geopolitiek speler zijn betekent allereerst dat je geraakt wordt door dezelfde gebeurtenissen, dus een besef deelt van ruimte en van tijd.

Terwijl het in genoemde mediterrane grensschermutselingen om een gedeelde ruimte draait (waar nog niet alle EU-lidstaten van willen horen), gaat het in de zaak-Paty om gedeelde tijd. Oftewel om het besef dat we als Europese landen een beschaving delen, een manier van leven, met een verleden en een toekomst. Bij gebrek aan krachtige symbolen of gedeelde vertellingen spreken we van ‘Europese waarden’.

Met de nationale herdenkingsceremonie voor Paty op de binnenplaats van de eeuwenoude Sorbonne, woensdag 20 oktober, toonden de Fransen zich meesters van de mise-en-scène. Het was een seculiere eredienst met voorlezingen uit het geestelijk erfgoed van de Republiek van vrije burgers, zoals Albert Camus’ brief aan zijn leraar. Toch wapperden ook de Europese vlaggen zeer zichtbaar naast de Franse tricolores.

Aan het slot van zijn hommage aan Samuel Paty riep president Macron het beeld op van een leraar die leerlingen inspireerde zelf leraar te worden en op hun beurt jonge burgers op te leiden. „En ook zij zullen hun leerlingen onze natie, onze waarden en ons Europa bijbrengen, in een keten van de tijd die niet verbroken kan worden.”

Luuk van Middelaar is politiek filosoof, historicus en hoogleraar EU-recht (Leiden).

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.