Opinie

Troost

Marcel van Roosmalen

Over de zanger Wolter Kroes schreef ik meerdere keren, waarom toch? Ik denk omdat ik in hem de streek zie waarin ik ben beland. Hij is als zij. Wolter werd geboren in Wormerveer en woont tegenwoordig met vrouw, hond en vijf kinderen in Westzaan. Mijn woonplaats Wormer ligt ertussenin.

Gisteravond zat Wolter met Ton Verstraten, eigenaar van zijn stamkroeg – café De Eersteling – bij Op1 te rouwen om de sluiting van de horeca. Wat me altijd opvalt bij die Noord-Hollanders: het praten in de wij-vorm.

‘Wij zijn knuffelig.’

‘Wij vinden dat gezellig.’

‘Wij willen weer open.’

‘Wij willen weer draaien.’

Arnold Karskens is er ook zo een. Die komt oorspronkelijk uit de Beemster, ook op een steenworp afstand van hier. Het is daar nog steeds 1935 en elke vorm van vooruitgang bestrijden ze zoals ze ook de mollen te lijf gaan. Met de platte kant van de schep, pets op de kop slaan, net zo lang tot ze niet meer bewegen. Hij kondigde wat leuks aan voor tijdens de halve lockdown: een Zwarte Pietenjournaal op eigen ‘zender’ omdat hij/wij daar behoefte aan heeft/hebben.

Terug naar Wolter bij Op1, die er zat omdat zijn stamcafé moest sluiten. Hij/wij vond(en) dat de grondwet moest worden veranderd omdat die bizar was, want de kerken mochten wel openblijven en de stamkroegen niet. Kroegbaas en beste vriend Ton zei dat zijn personeel van armoede maar shoarma was gaan bakken voor ze de deur op slot draaiden.

„Een soort van laatste avondmaal.”

Wolter voegde eraan toe dat hij noodgedwongen maar was begonnen aan het opeten van zijn ‘buffer’, en dat hij de extra vrije tijd maar had benut met het schrijven van een ode aan alle horeca, die hij heel toepasselijk ‘Samen’ had gedoopt.

Samen maak je de mooiste verhalen

Deel je de lach en de tranen.

Al is het soms zwaar.

Uiteindelijk hebben we altijd nog elkaar.

Toen hij klaar was, keek hij glazig de camera in.

Hij had zichzelf getroost met zijn eigen tekst en verkeerde in de overtuiging dat hij iets had betekend voor ons allemaal. De boodschap was duidelijk en keihard: we zitten samen in de ellende, of we nou willen of niet.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.