Kabinet trekt bij nieuwe stikstofwet miljard extra uit om bouwprojecten door te laten gaan

Stikstof Minister Schouten heeft het langverwachte wetsvoorstel naar de Kamer gestuurd waarmee ze het stikstofbeleid wil vastleggen. De bouw krijgt daarin meer ruimte.

De ruimte die vrijkomt door investeringen in stikstofreductie komt ten goede aan natuurherstel en de bouw.
De ruimte die vrijkomt door investeringen in stikstofreductie komt ten goede aan natuurherstel en de bouw. Foto Hans van Rhoon

Voor de bouw wordt het makkelijker om projecten uit te voeren waarbij stikstof vrijkomt. De sector wordt vrijgesteld van aanvraag van natuurvergunningen, nodig voor bouwplannen bij natuurgebieden, als bouwprojecten slechts tijdelijk uitstoot opleveren.

Ter compensatie neemt het kabinet voor 1 miljard euro aan extra maatregelen om stikstofuitstoot te beperken. Dat meldt minister Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, ChristenUnie) bij het nieuwe voorstel voor een stikstofwet dat ze dinsdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Schouten wil die uitstoot de komende tien jaar met 26 procent terugdringen.

Het voorstel is onderdeel van Schoutens langverwachte plan om het Nederlandse stikstofbeleid wettelijk vast te leggen. Het was al bekend dat het kabinet in dat kader 5 miljard uittrekt voor natuurherstel en reductie van stikstofneerslag. Met dat geld kunnen boeren bijvoorbeeld met hun bedrijf stoppen.

Daar komt nu dus een miljard euro bij. Dat geld is met name bedoeld voor investeringen in het terugdringen van de uitstoot van de bouw zelf, bijvoorbeeld door elektrische trucks te gebruiken. De ‘stikstofruimte’ die daarbij ontstaat, kan dan weer worden gebruikt om de bouw vrij te stellen van natuurvergunningen.

De bedrijfstak heeft nog altijd last van de stikstofcrisis. Hoewel eerdere stikstofmaatregelen, waaronder de verlaging van de maximumsnelheid op autowegen naar 100 kilometer per uur, al veel ruimte hebben opgeleverd om te bouwen, is dat nog lang niet overal zo. Dat geldt met name voor de Randstad, waar de woningnood het hoogst is. Hier liggen projecten nog steeds stil, of moeten complexe maatregelen genomen worden die de uitstoot compenseren.

Gedeeltelijke oplossing

Het huidige wetsvoorstel moet helpen dat probleem op te lossen. Dat doet het echter uitdrukkelijk alleen voor de – tijdelijke – bouwfase van een weg of een woonwijk. Als zo’n project na voltooiing bijdraagt aan een permanente verhoging van de uitstoot, bijvoorbeeld via wegverkeer, is daar wel een natuurvergunning voor nodig. De maatregel is daarom vermoedelijk vooral bij kleinere (woning)bouwprojecten voldoende.

Een woordvoerder van brancheorganisatie Bouwend Nederland reageert dan ook nog terughoudend. Volgens hem is de organisatie blij met de vrijstelling, maar is er daarmee nog steeds een probleem bij bijvoorbeeld infrastructuur. „Want voor de gebruikersfase is dit geen oplossing.” Je kunt dan wel een weg bouwen, maar hem niet gebruiken.

Naar het wetsvoorstel van Schouten is lang uitgekeken. Stikstofreductie moet concreet zijn vastgelegd in de wet. In 2019 haalde de Raad van State een streep door de toenmalige stikstofwetgeving, waarbij ruimte voor uitstoot al werd uitgegeven voordat écht zeker was dat deze beschikbaar zou komen.

Veel bouwprojecten kwamen vervolgens stil te liggen. Onterecht, vond de commissie-Remkes afgelopen juni, die was aangesteld om met oplossingen voor het stikstofprobleem te komen. De bouw stoot maar relatief weinig stikstof uit, en doet dat bovendien tijdelijk, maar heeft wel flink te lijden onder de uitspraak van de Raad van State.

Lees ook: Hoe intimidatie en radicale acties het stikstofoverleg blokkeerden

Eerder dit jaar sneuvelde nog een ander voorstel dat ook al een bijdrage had moeten leveren aan het op gang brengen van de bouw. Schouten wilde vastleggen dat vee minder eiwitrijk voedsel zou eten, wat zou leiden tot een lagere stikstofuitstoot. Dit plan stuitte op grote weerstand bij boeren. De maatregel werd uiteindelijk niet ingevoerd.

Schouten meldde toen al dat het zou betekenen dat de agrarische sector in het huidige wetsvoorstel een andere bijdrage zou moeten leveren. Een deel van de 5 miljard euro gaat nu bijvoorbeeld naar een zogenoemd ‘Omschakelfonds’, om boeren te helpen hun mest efficiënter te gebruiken of – als ze dit willen – minder eiwitrijk voedsel te gebruiken.