Recensie

Recensie Theater

Fractal Collective puzzelt verrassend met lichamen

Theatrale breakdance De choreografie van And the rest is noise, van Fractal Collective is harmonieus en vijandig speels. De experimenteerdrift spat ervan af.

De voorstelling ‘And the rest is noise’ van de Nederlandse formatie Fractal Collective.
De voorstelling ‘And the rest is noise’ van de Nederlandse formatie Fractal Collective. Foto Kim Doeleman

Hoeveel verschillende stijlen zijn er in theatrale breakdance? Veel. Vaak op een lekkere beat, soms ook op klassieke muziek, verhalend of abstract. En soms met vormgedreven onderzoek als vertrekpunt, zoals in And the rest is noise, de nieuwe voorstelling van de Nederlandse formatie Fractal Collective. De experimenteerdrift spat ervan af.

In samenwerking met de Japanse beeldend kunstenaar Daijiro Hama treden Zino Schat, Justin de Jager (naast dansers ook choreografen van de voorstelling), Conni Trommlitz en Robert Villedieu op als ‘trait-d’union’ tussen de soundscape van Schat en Little Ambient Machine, de dynamische beelden die Hama met flessen vloeistof en computer projecteert op de ronde ‘hemel’ boven de cirkelvorminge vloer. Ja, de vloeistofdia is helemaal terug!

Freezes

Het vergt geconcentreerd focussen, maar de synchroniciteit tussen de elementen geluid, licht en beweging is te ontwaren. Het duidelijkst bij een rustig klankveld met een leeg projectiescherm en liggende dansers, het meest complex als de vier lichamen zich in een grillige verzameling van driehoeken, cirkels, bogen en lijnen opdelen om de uiteenspattende druppels van Hama te verbinden met een gelaagd geluidsfragment. In ‘freezes’ wordt de boel soms stilgezet voor een ingewikkeld bouwwerk van ledematen.

Opvallend is de ‘droge’ presentatie van And the rest is noise. Zonder verhaal of dramatiek creëert de choreografie verschillende stemmingen; harmonieus, vijandig, speels. Als er al ‘skills’ als ‘windmills’ of ‘headspins’ worden getoond, dan niet als bravourestukje, maar als pure, soms vertraagde vorm. Dat kijkt anders, en dat is verrassend. Interessant om te zien is ook hoe breakdance en Contact Improvisation (waarbij de beweging voortkomt uit lichaamscontact en niet, zoals bij traditioneel partneren, sturing met de handen) volkomen vanzelfsprekend samengaan. Soms vormen de vier dansers een toverlantaarn van perfect symmetrisch in elkaar gepuzzelde en weer uitwaaierende lichamen.

Lastig is het vaak schakelen van vloeistofdia’s naar dans en weer terug. Maar dan wint de dans glansrijk.