De zorg moest betaalbaar blijven, en dus heeft Nederland weinig buffers – ‘we hebben geen reserves’

Interview voorzitter acute zorg In sommige regio’s dreigt coronazorg de andere zorg wederom te verdrijven. „Verspreiding van patiënten wordt nu wel dringend.”

Als het aantal coronapatiënten in Amsterdam en omgeving in hetzelfde tempo blijft stijgen als de afgelopen dagen, dan hebben de twaalf ziekenhuizen in die regio, en dus patiënten, een groot probleem. Dat zegt internist Mark Kramer, bestuurslid van het Amsterdam UMC en voorzitter van de acute zorg in Noord-Holland en Fevoland. „Er lagen dinsdag al 155 coronapatiënten op de gewone afdelingen van de 12 ziekenhuizen in Noord-Holland en Flevoland. Plus 41 op de intensive cares. Dat zouden er in onze regio volgens de ramingen nu 119 moeten zijn.”

In andere regio’s zijn de aantallen coronapatiënten nog niet zo hoog. Neem Limburg, waar dinsdag maar 22 coronapatiënten in het ziekenhuis lagen en er volgens de ramingen ruimte zou zijn voor 73 coronapatiënten. Ofwel: in theorie zou Limburg nu 51 coronapatiënten uit Noord-Holland kunnen opvangen. „Dat kan natuurlijk niet allemaal tegelijk, dan ontstaat er chaos”, zegt Kramer. „Maar de spreiding van onze coronapatiënten naar ziekenhuizen buiten onze regio wordt nu wel dringend. Dat moet echt efficiënter.”

‘Afschalen’

De tweede coronagolf begon in Amsterdam tijdens de zomer in studentenhuizen, en onder andere jongeren, en is nu uitgewaaierd naar wat oudere mensen. Kramer: „Ook in de thuiszorg en verpleeghuizen groeit het aantal besmettingen weer.”

Kramer loopt zelf geregeld in supermarkten in Amsterdam. „Men houdt zich gewoon niet aan de maatregelen. De helft draagt wel een mondkapje, nu, maar de helft ook niet.” Dat stoort hem. Groeit het aantal mondkapjesdragers niet met de dag? „Jawel, maar ik heb de indruk dat het te laat is. Er zijn echt aanvullende maatregelen nodig in Amsterdam. Een avondklok. We zitten qua besmettingen net zo hoog als Spanje.”

Intussen verdelen de twaalf ziekenhuizen in Noord-Holland en Flevoland onderling hun coronapatiënten om zo lang mogelijk ruimte te houden voor andere zorg. Dat lukte in de eerste coronagolf nog niet. „Toen moest alles binnen een paar weken wijken voor corona, nu niet. Alles werd afgezegd behalve acute operaties. Maar nu willen we dat absoluut niet. We hebben de wachtlijsten nog niet weggewerkt of afspraken en kleine operaties – aan de knie of de heup – worden alweer uitgesteld.” Afschalen, in jargon.

Lees ook: In Tilburg vrezen ze de tweede golf vooral vanwege personeelstekorten

Eén oorzaak voor de kleine buffers in de Nederlandse ziekenhuiszorg is de efficiency die de afgelopen tien jaar is afgedwongen om de zorg betaalbaar te houden. „We hebben geen reserves, er staan geen bedden leeg. Er is in Nederland ook nog eens te weinig personeel. Dat bleek tijdens de eerste golf – als zo’n virus ons bereikt, kan de zorg dat eigenlijk niet aan. De zorg voor een coronapatiënt is ook intensiever dan voor een gewone patiënt, omdat je zo veel beschermingsmiddelen nodig hebt. Dat kost meer mankracht.”

Het gaat nu wel iets beter met de Covid-zorg, zegt Kramer, doordat de artsen beter inzicht hebben in de juiste behandeling voor Covid-patiënten en ze gemiddeld iets korter in het ziekenhuis liggen dan tijdens de eerste golf. „Maar we gaan niet weer alle operatie-assistentes van hun gewone werk halen om bij te springen voor coronapatiënten.”

Manifest

Op internet circuleert een manifest dat zou zijn ondertekend door ongeveer 1.000 (van de 75.000) artsen, die zich verzetten tegen coronamaatregelen en zeggen dat het middel erger is dan de kwaal. Daar is Kramer het niet mee eens: „Covid is niet zomaar een griepje. Het is heel besmettelijk en zorgt voor maatschappelijke ontwrichting: coronapatiënten zijn heel ziek. De leraar die ziek is, kan niet naar school, de verpleegkundige kan niet werken.”

Waarom zeggen nota bene artsen dat? „Artsen zijn ook mensen. Als mensen angstig zijn, zoeken ze een antwoord.”