Opinie

De macht van de koning doet wel/geen afbreuk aan de onafhankelijkheid van de rechter

Twistgesprek De Koning benoemt rechters, maar kan ook zelf voor die rechter staan: oneerlijk, stelt . De onafhankelijkheid van de rechter is gewaarborgd in de Grondwet, stelt .
Twistgesprek

Het Republikeins Genootschap kondigde deze week aan een rechtszaak aan te spannen tegen de Staat om de macht van de Koning in te perken. Daarin zou duidelijk moeten worden of zijn bevoegdheden niet in strijd zijn met de scheiding der machten. De Koning benoemt rechters, advocaten zweren trouw aan de Koning, zijn portret hangt in de rechtszaal en hij kan ook zelf partij in een rechtszaak zijn. Is het fundamentele recht op een eerlijk proces in het geding? Of is dat een verkeerde voorstelling van zaken? Advocaten Jasper van Uden en Ewout Jansen twisten over de stelling: de macht van de koning doet geen afbreuk aan de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht.

Jasper van Uden is JvU, Ewout Jansen is EJ.

JvU: „Het staat iedereen vrij kritiek te uiten op de ‘de macht’ van de koning of, zoals de naam van het Republikeins Genootschap doet vermoeden, te streven naar afschaffing van de monarchie. Een stap naar de rechter met het verwijt dat diezelfde rechter niet onafhankelijk zou zijn, schept een verkeerd én schadelijk beeld. Met de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht heeft dit niets van doen. Deze discussie hoort thuis in de publieke arena, niet in de rechtszaal.”

EJ: „Ik erger me er vaak aan dat het in dit soort discussies altijd maar gaat over beeldvorming. Zullen we het over de inhoud hebben? Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde al eerder dat het zogeheten ‘Kroonberoep’ de Koning te veel macht gaf en afbreuk deed aan de onafhankelijkheid van de rechter. Die onafhankelijkheid vereist namelijk dat de (bestuurs)rechter zelf beslist of zijn uitspraak bindend en definitief is. Dat mag niet afhankelijk zijn van de handtekening van de Koning.”

JvU: „Dat Kroonberoep bestaat al decennia niet meer. De kritiek van het Hof ging toen niet over de Koning, maar over de onmogelijkheid in bepaalde zaken naar de rechter te stappen. Nu dan echt de inhoud. De rechterlijke macht in Nederland is onafhankelijk. Dat rechters door de regering worden benoemd – en dat de rechtszaal naar onschuldige traditie wordt opgesierd met een portret van de Koning – leidt niet tot afhankelijkheid. De Grondwet waarborgt dat rechters geen verantwoording hoeven af te leggen en dat zij niet kunnen worden ontslagen (anders dan door de Hoge Raad).”

EJ: „Nederland betoogde in die zaak dat de Kroon in feite de rechtspraak van de Raad van State steeds bekrachtigde. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) overwoog: ‘this is only a practice of no binding force, from which the Crown can depart at any moment’. Het EHRM heeft ook regelmatig geoordeeld dat eisen gesteld mogen worden aan de appearance of independence. Het ophangen van een portret van een mogelijke procespartij in de zittingszaal en ook dat de rechter trouw zweert aan een van de beide partijen, is niet wenselijk. Ook is uitgemaakt dat ook een bescheiden betrokkenheid bij het totstandkomen van regelgeving, betekent dat die regelgeving niet met succes ingeroepen kan worden bij de rechter. Het is daarnaast ook staatsgeheim of de Koning altijd alle wetten tekent of niet. Na WO II heeft de Koning zijn blokkeringsmacht in ieder geval gebruikt; zou jij altijd maar alle wetten, besluiten en benoemingen tekenen, die voor je neus worden gehouden?”

JvU: „Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de kritiek zich eigenlijk richt op de rol van de Koning in de regering: wat de Koning met de premier bespreekt op maandagmiddag en welke invloed hij heeft op de besluitvorming. Met onafhankelijkheid van de rechtspraak heeft het niets te maken. Over de betrokkenheid van ministers bij de benoeming van rechters en die van de Tweede Kamer bij de benoeming van leden van de Hoge Raad, wordt met geen woord gerept.”

EJ: „Op maandagmiddag kan de Koning weigeren (portretrecht-)wetgeving te tekenen, waar hij vrijdagmiddag last van kan hebben in de rechtszaal. Dat is niet eerlijk. Toegegeven: er zijn allerlei (tegen)machten; maar het valt niet te ontkennen dat de Koning blokkeringsmacht heeft. Het is (helaas) niet verboden om een koning te hebben. Het is wel verboden om welke functionaris dan ook macht te geven aan alle kanten van de trias politica (wetgeving, rechtspraak en regering) en oncontroleerbaar te maken of die macht wordt gebruikt.”

JvU: „Wat een minister wel of niet met de eventuele input van de Koning doet, komt volledig voor zijn of haar rekening. Hetzelfde geldt overigens voor de input van een partner, kinderen of de deelnemers aan de jaarlijkse buurtbarbecue. De minister neemt de beslissing en hij of zij moet daarover verantwoording afleggen aan het parlement. In theorie kan de Koning weigeren een wet te ondertekenen. Daarvoor geldt ook de ministeriële verantwoordelijkheid en dat zal dus nooit worden geaccepteerd. We drijven nu wel af van de discussie over de onafhankelijkheid van de rechter.”

EJ: „Het is gewoon niet waar dat het nooit is geaccepteerd dat de Koning iets niet wilde tekenen. En als de Koning (wel) alles altijd zou tekenen; wat heeft dit dan voor zin? De Koning is geen stencilmachine. De Koning voert regelmatig rechtszaken en wint altijd. Ik kan me voorstellen dat de Koning het ongemakkelijk vindt dat als hij (terecht) opkomt voor de privacy van zijn kinderen in de zittingszaal een portret van hem hangt en dat hij de rechter mede heeft benoemd. De Koning heeft ook recht op een onafhankelijke rechter.”

JvU: „Dit gaat echt alle kanten op en volgens mij dreigen er hier leerstukken door elkaar te lopen. De kritiek komt telkens terug op de rol van de Koning in de regering. Prima, maar wat heeft dat met een gebrek aan onafhankelijkheid van de rechter te maken? Ik noemde eerder dat ook ministers en soms zelfs de Tweede Kamer betrokken zijn bij de benoeming van rechters. Is dat ook ongeoorloofd?”

EJ: „In theorie mag een Koning in de regering best bevoegdheden hebben, maar dan niet ook in de rechtspraak en in de wetgeving; zeker niet als het niet-gebruiken van blokkeringsmacht slechts een ‘traditie’ is. Dat deze Koning toevallig redelijk is, raakt het principiële punt niet. In de SGP-zaak over het passief kiesrecht voor vrouwen problematiseerde de Staat in een prachtig verweer dat er geen echte zaak, maar alleen een abstract constitutioneel principe aan de orde was. Er was geen vrouw die op een SGP-lijst wilde staan. Dit verweer is door de Hoge Raad vermorzeld. Waarom zou het Republikeins Genootschap geen constitutionele problemen mogen aankaarten in de rechtszaal?”

JvU: „Omdat de stelling dat de rechter niet onafhankelijk is niet klopt. Door dat ongefundeerd te poneren, kan het vertrouwen in de rechtspraak worden geschaad. Dat vind ik onwenselijk. Ga dus het publieke debat aan als je niet blij bent met de rol van de koning!”

EJ: „We moeten niet uit angst voor beeldvorming en terechte kritiek nalaten om de democratische rechtstaat zo veel mogelijk te perfectioneren; desnoods (ook) in de rechtszaal.”

Correctie (2 oktober 2020): in een eerdere versie stond „De rechter benoemt rechters”, dat is aangepast naar „De Koning benoemt rechters”. Aanvulling (3 oktober 2020): Ewout Jansen vertegenwoordigt het Republikeins Genootschap, dat is toegevoegd.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.