Recensie

Recensie Media

David Attenborough rouwt om de geplunderde aarde maar weigert op te geven

Natuurserie Sir David Attenborough doet in A Life on Our Planet een emotionele oproep aan de mensheid. Een zorgwekkend pleidooi maar Attenborough weigert toe te geven aan cynisme en sluit hoopvol af.

De 94-jarige Sir David Attenborough blijft zich tomeloos inzetten voor het welzijn van onze planeet.
De 94-jarige Sir David Attenborough blijft zich tomeloos inzetten voor het welzijn van onze planeet. Foto WWF-UK

Trouwe volgers van de natuurdocumentaires van en met David Attenborough zal het al opgevallen zijn: de Britse bioloog met de zo kenmerkende dictie is de laatste jaren uitgesprokener geworden over de gevolgen van klimaatverandering. Zo sprak hij in 2018 tijdens de klimaatconferentie van de Verenigde Naties, waarbij hij hartverscheurende beelden liet zien van walrussen die zich van de rotsen storten. Omdat het zee-ijs gesmolten is, zitten ze noodgedwongen op die rotsen, op zoek naar schaars voedsel. Zich makkelijk in het water laten glijden, zoals gebruikelijk, is er niet meer bij. Die droeve beelden komen uit Our Planet (2019), de best bekeken natuurserie uit de geschiedenis van Netflix.

Op Dierendag gaat op Netflix de nieuwste film met Sir David wereldwijd in première, David Attenborough: A Life on Our Planet. In zijn voice-over noemt Attenborough het een ‘getuigenverslag’. Het is dan ook een persoonlijke film, waarin statistieken samenvallen met het leven van de in 1926 geboren natuurvorser. Die vertellen een nuchter verhaal over enerzijds de toename van de wereldbevolking en de uitstoot van CO2, anderzijds de gestage afname van wildernis. In 1937 bestond de aarde uit 66 procent wildernis, inmiddels is die teruggelopen naar 35 procent.

Holoceen

Attenborough vertelt hoe hij als jongetje fossielen ontdekte, het begin van een levenslange fascinatie voor de natuur en de geschiedenis van onze planeet. Die fossielen laten een afname van de biodiversiteit zien, die in het Holoceen alleen maar is toegenomen. De aimabele bioloog noemt dit „de ware tragedie van onze tijd”. Die afname komt door „menselijk handelen, fouten en slechte planning”. Het Holoceen was lange tijd stabiel, met ecosystemen die met elkaar in balans waren, maar dat is al lang niet meer het geval. Attenborough doet uit de doeken hoe hij zich langzaam bewust werd van de gevolgen van menselijk handelen op de biodiversiteit. Zo ging hij in de jaren zeventig voor het baanbrekende Life on Earth (1979) op zoek naar berggorilla’s. Die waren bijna uitgestorven, dus lastig te vinden. Op archiefbeelden uit die serie zien we Attenborough liggen te midden van de gorilla’s, terwijl hij in zijn terugblikkende voice-over constateert „dat het een kille realiteit is dat de mens verantwoordelijk is voor het uitsterven van soorten”. Een soortgelijk lot wachtte indertijd de bultrugwalvis en de orang-oetan. Door toegenomen bewustwording over het uitsterven van dieren – mede door zijn programma’s – is het in sommige gevallen gelukt dit proces een halt toe te roepen.

Lees ook Hoe Sir David Attenborough de biodiversiteit wil redden

Weggekapt en leeggevist

Een shot van een treurig aan een tak hangende orang-oetang op Borneo spreekt boekdelen. De rest van zijn leefomgeving is verdwenen, gekapt voor hout. Op het achtergebleven kale land wordt soja gekweekt. Het regenwoud op Borneo is inmiddels gehalveerd, elders in de wereld is het niet veel beter gesteld met de bebossing.

Vervolgens gaat Attenborough in op de kwaliteit van de oceanen die worden leeggevist door gesubsidieerde vissersvloten. Negentig procent van alle vis is al gevangen, wat niet bevorderlijk is voor de diversiteit en overlevingskans van vissoorten. Ook sterven koraalriffen af, zij gaan in de woorden van Attenborough „from wonderland to wasteland”. Dan volgt het verhaal over de poolkappen die door de opwarming van de aarde snel afsmelten. Een zichtbaar aangeslagen Attenborough concludeert „we hebben de aarde verwoest”. Op de geluidsband klinkt melancholieke cellomuziek en als kijker hang je in de touwen. Dan moet de korte, apocalyptische toekomstschets nog komen: als we niets doen, sterft de mens eerder uit dan hij denkt.

Maar Sir David zit niet bij de pakken neer. In het laatste half uur schetst hij hoopvol de contouren van verandering, waarbij de aarde stabiel wordt en ecosystemen weer in balans zijn. Om de afname van biodiversiteit een halt toe te roepen is niet veel nodig. Bevolkingsgroei afremmen, fossiele brandstoffen vervangen door hernieuwbare energie (zon, wind, water), akkerbouwgronden verkleinen, minder vlees eten en herplanten van bos. Daarbij haalt hij de Nederlandse tuinbouw aan als voorbeeld van efficiëntie, met zijn min of meer ecologisch verantwoorde verbouwing van plantaardig voedsel.

In dit alles is „de natuur onze grootste medestander en bron van inspiratie”. Een raamvertelling waarin Attenborough door een verwoest Tsjernobyl wandelt, laat zien dat de natuur niet te stoppen is, zelfs niet door een nucleaire ramp. Vosjes lopen door afgebladderde huizen en torenhoge bomen overwoekeren hele woonwijken. Volgens Attenborough moeten we niet tegen de natuur werken, maar in tandem met. De teloorgang van de aarde is te stoppen door als mensheid wijs te worden, „it’s not all doom & gloom”. De film sluit hoopvol af met de hashtag „rewild the world”. De woorden van Attenborough „stel je eens voor dat dit lukt” galmen nog lang na.