De familie Flodder, met (vlnr) Toet (Nani Lehnhausen), Opa (Jan-Willem Hees), zoon Kees (René van ’t Hof), Ma (Nelly Frijda), dochter Kees (Tatjana Simic), Johnny (Huub Stapel) en Henkie (Horace Cohen).

Foto WW Entertainment

Interview

Dick Maas: ‘‘Flodder’ ging doorlopend over het randje’

Interview | Dick Maas Documentaire ‘De Dick Maas Methode’ blikt terug op het roemruchte oeuvre van de nu 69-jarige regisseur. „Het is grappig om terug te zien wat we allemaal overhoop hebben gehaald.”

Regisseur Dick Maas heeft de reputatie geen lachebekje te zijn. Hij is op de set uiterst geconcentreerd en komt in interviews vaak over als een wat norse man die flink kan klagen over het gebrek aan geld en waardering waar hij en veel Nederlandse collega’s onder gebukt gaan.

Toch is het juist dát beeld, dat in de vrolijke documentaire De Dick Maas Methode naar hartelust wordt geconserveerd. Iets waar Maas achteraf wat ongelukkig over is. Ja, hij gaf regisseur Jeffrey De Vore carte blanche. „Maar er wordt wel sterk het idee gewekt dat ik bijna autistisch en zeer ontoegankelijk ben tijdens het draaien.” In zijn beginjaren was dat wellicht zo. „Maar ik denk oprecht dat ik veranderd ben. Tegenwoordig is het ook gewoon gezellig op de set.”

Verder is de man achter megahits als Flodder, Amsterdamned en Moordwijven heel blij met de film. „Het is grappig om terug te zien wat we allemaal overhoop hebben gehaald met onze films. Zeker in de jaren tachtig en negentig was the sky the limit.” Niet alleen acteurs (zoals Maas-veteraan Huub Stapel, die in vijf films speelde) zijn in de documentaire lovend, ook collega’s als Martin Koolhoven, Roel Reiné en Tim Oliehoek steken de loftrompet over de man die altijd zijn eigen weg is gegaan. „Misschien zijn negatieve uitspraken op de montagevloer beland. Dan nog is het leuk, zoveel positiviteit.”

Fantasie en vrijheid

Maas geldt als een pionier die Hollywood-grandeur combineerde met Nederlandse humor. Geen Nederlandse maker had zich aan horror durven wagen tot hij in 1983 zijn zwartkomische debuut De Lift presenteerde. „Ik vind het leuk dat jonge makers constateren dat ik de weg heb geplaveid voor een ander soort films dan we gewend waren in Nederland. De vaderlandse film stond gelijk aan truttige boekverfilmingen en saaie relatiefilms. Er is een generatie opgestaan die dat gevoel van vrijheid en kansen van Flodder en Amsterdamned heeft opgepakt en uitgebouwd.”

De komedie over het asociale gezin dat in een villawijk wordt geparkeerd, staat rotsvast in de annalen als zijn grootste hit. Met ruim 2,3 miljoen bezoekers geldt Flodder uit 1986 als een mijlpaal in de vaderlandse filmgeschiedenis. Er volgden twee bioscoopsequels en een tv-serie van vijf seizoenen. „We hebben geprobeerd een tijdloos verhaal te maken, daarom werken de films als serie nog steeds”, analyseert Maas. „Het speelt zich af in een chique wijk zoals je die overal ter wereld vindt, van Beverly Hills tot Bloemendaal. Maar we benoemen de locatie nooit. Het is uiteindelijk een heel universeel verhaal, gebaseerd op tijdloze thema’s: arm tegenover rijk, de overheid die probeert zich over de kanslozen van de samenleving te bekommeren.”

Tank in Zonnedael

In de documentaire wordt gesuggereerd dat de politiek incorrecte humor van Flodder anno 2020 niet meer zou kunnen. Veel aandacht wordt besteed aan de iconische ‘buurman, wat doet u nu’-scène, waarin dochter Kees (Tatjana Simic) in de garage buurman Neuteboom (Bert André) verleidt. Maas had niet verwacht dat juist dit moment na dertig jaar nog in het collectieve geheugen gegrift zou staan. „Je kan als maker nooit voorspellen hoe iets wat je op papier bedenkt er uiteindelijk uit gaat zien”, legt hij uit. „Op het moment van draaien klopte álles. Met andere acteurs was de scène vermoedelijk niet zo van het doek gespat.”

De geestelijk vader was zelf meer onder de indruk van andere hoogtepunten in de film: de tank die door de straten van Zonnedael rijdt, de rit met de SRV-wagen. „Maar misschien dat die meer gedateerd zijn; dat soort dingen is inmiddels al honderden keren gedaan natuurlijk.” De regisseur denkt dat je het beroemde garage-moment in zijn tijd moet zien. „Het ging allemaal best ver, we gingen doorlopend over het randje heen. Maar dat geldt óók voor de Amerikaanse komedies uit die tijd: met de Porky’s Pikante Pretpark-films zou je nu ook niet meer wegkomen.”