Gratis retour betekent maar al te vaak: de brand erin

Zap Het gratis retour van webwinkels brengt het slechtste in ons naar boven. VPRO’s Tegenlicht toonde zondag ‘de schaduwzone van het online winkelen’. Een beschamend verhaal.
Jan Kuipers, ‘ontzorger in de fashion-logistiek’ tussen de retouren in 'Tegenlicht'.
Jan Kuipers, ‘ontzorger in de fashion-logistiek’ tussen de retouren in 'Tegenlicht'. Beeld VPRO

We zijn Europees kampioen! Voor wie een beetje nadenkt over de volksaard is het geen verrassing waar de schraperige Hollanders Europees koploper in zijn: het retour zenden van internetbestellingen. Dertien procent van wat de Nederlander bestelt, gaat terug naar de winkel – dat is immers gratis.

VPRO’s Tegenlicht toonde zondag ‘de schaduwzone van het online winkelen’. Dat draaide uit op een Marsman-variatie: Denkend aan Holland/ zagen we grote rolcontainers/ traag door oneindige/ loodsen gaan,/ rijen ondenkbaar/ volle stellages/ als hoge pluimen/ tegen de wanden staan;/ En in de geweldige/ ruimte verzonken/ de retouren/ verspreid door de loods,/ toiletpotten, sokken,/ versmade schoenen,/ blenders en bakvormen/ in een groots verband.

De beelden die regisseur Fleur Amesz toonde waren imposant, maar het verhaal was beschamend. „De klant wil niet als koning behandeld worden, maar als keizer”, zei de uitbaatster van een webwinkel. Wie geen ‘gratis’ retouren biedt, heeft geen kans en wie in discussie gaat met de klant, hangt een negatieve recensie boven het hoofd. „Deze heeft drie kleuren gekocht en stuurt er twee terug”, klonk het mismoedig bij het openen van wéér een pakje.

Natuurlijk is retourneren niet echt gratis. Het kost de ondernemer geld, het is een aanslag op het klimaat. „Dat busje rijdt toch wel”, vat een pakketbezorger samen. Een ondernemer vertelt dat hij de helft van alle kleren die hij verkoopt, weer teruggestuurd krijgt. Een sigarenhandelaar – met schrik herkende ik de winkel waar ik vorige maand nog een retourzending heb ingeleverd – somde routineus op wat hij zoal op zijn toonbankje krijgt: „Flatscreen-tv’s, een toiletpot, een parasol, een hondenmand… voor een Deense Dog. Dan ligt-ie niet lekker en moet-ie weer terug.”

Het gratis retour brengt het slechtste in de consument (in ons dus) naar boven. Het is een zwart gat, geen mens denkt aan waar de afgewezen aankoop eindigt. Dat is vaak niet eens de oorspronkelijke winkel, maar een ‘fulfilment center’, in goed Nederlands „een ontzorger in de fashion-logistiek”. Daar zagen we vrouwen snuffelen dat het een aard heeft. Ze ruiken het parfum op de ‘ongebruikte’ kleren, ze monsteren de vouwen in de chique schoenen: „Waarschijnlijk zijn ze één keer gebruikt, voor een bruiloft of zo.” Overhemden gaan weer onder de strijkbout, pakken worden gestoomd, schoenen worden bijgepoetst voor ze terug in de doos gaan.

Er komen meer nieuwe bedrijven op in de retoureconomie, elk met hun eigen loodsen. Zo zijn er de jonge ondernemers die uit teruggestuurde spullen proberen te vissen wat nog als tweedehands verkocht kan worden, maar ook dat leidt tot vervelende ontdekkingen. „Als je een stofzuiger retourneert, waarom stuur je dan al het stof uit je huis mee?”

Ook is er de opkoper, die de afdanksels per volume koopt en dan laat verschepen naar Libië, Irak of Jordanië – er is vooral veel vraag in landen waar net oorlog is geweest. „Ze willen kwalitatief hoogwaardig materiaal dat onder de China-importprijs verkocht kan worden.”

Het treurigst waren de beelden van het bedrijf dat een loods vol teruggestuurde kleding heeft. Een deel wordt verbrand, een deel zagen we in de versnipperaar verdwijnen. Het resultaat zat in grote bakken: het was uitstekende boksbalvulling, legde de eigenaresse uit.

Zeker als je het hele traject van vervuiling en kinderarbeid in ogenschouw neemt dat fast fashion aflegt voor het de winkel haalt, heeft die eindbestemming nog wel een wrange ironie. Hoe dan ook kon je na deze Tegenlicht wel een boksbal gebruiken.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.