Recensie

Recensie Muziek

Dirigent Klaus Mäkelä maakt droomdebuut bij Concertgebouworkest

Het Concertgebouworkest speelde twee programma’s op één avond. De jonge Finse dirigent Klaus Mäkelä (24) maakte een geweldig debuut.

De jonge Finse dirigent Klaus Mäkelä
De jonge Finse dirigent Klaus Mäkelä Foto Heikki Tuuli

Net als getalenteerde voetballers worden dirigenten tegenwoordig steeds jonger gescout. De Fin Klaus Mäkelä is pas 24, maar overal waar hij dirigeert krijg hij prompt een aanstelling: hij is vaste gastdirigent bij het Zweedse radio-orkest, met ingang van dit seizoen is hij chef in Oslo en afgelopen zomer werd hij ook benoemd tot chef van het Orchestre de Paris. Dat beloofde wat voor zijn debuut bij het Koninklijk Concertgebouworkest. Mäkelä stelde niet teleur: hij dirigeerde alsof hij het al twintig jaar deed en liet een geweldige indruk achter. Bij thuiskomst kan hij twee weken in quarantaine nagenieten van zijn succes.

Lees ook Veel onzekerheid over code rood in cultuursector

Mäkelä is lang en wat slungelachtig, stijlvol, met een goedmoedig voorkomen en een schitterende slagtechniek. Bovenal straalt hij rust uit, hoe alert en gepassioneerd hij ook is op de bok, en de musici leken graag voor hem te spelen. Hij toonde zijn klasse in twee heel verschillende programma’s. Er was een wereldpremière van de Zuid-Koreaanse componiste Unsuk Chin (1961), die in haar idioom van krachtige kleurrijke rimpels en vegen een ode aan Beethoven bracht. Van de hier onbekende Peruaan Jimmy López Bellido, die onder meer in Helsinki studeerde, klonk symfonische muziek van het grote gebaar.

Ja, het was soms te luid. Nee, niet alle noten stonden spatgelijk onder elkaar. Maar goeie genade, met een nul-score op de gezapigheidsmeter zorgden Mäkelä en het uitmuntende orkest wel voor een ouderwets opwindende concertavond. Het klapstuk was een zinderende uitvoering van de Eerste symfonie van Mäkelä’s landgenoot Sibelius.

En laten we Beatrice Rana niet vergeten, die inviel als solist in Tsjaikovski’s Eerste pianoconcert. Alexander Gavrylyuk moest afzeggen met een peesontsteking in zijn hand en Mäkelä informeerde meteen of Rana beschikbaar was. Hun klik was onmiskenbaar. Ook Rana durft vanuit complete kalmte volop risico te nemen. Ze verstaat de kunst van het magische moment, alsof ze alles ter plekke verzint. Een van vele hoogtepunten: hoe in het slotdeel de kwikzilveren loopjes van het klavier de houtblazers in klaterden.