Rotterdamse wethouder volgt advies van de cultuurraad

Cultuur Wethouder Kasmi geeft alleen architectuur respijt en is minder gul voor nieuwe groeiers

Museum Rotterdam zal in ieder geval uit het Timmerhuis verdwijnen.
Museum Rotterdam zal in ieder geval uit het Timmerhuis verdwijnen. Foto Yentl Slik

Wie krijgt hoeveel van de 86 miljoen euro jaarlijkse cultuursubsidie van de gemeente? Dat was de zenuwslopende vraag deze week voor de 122 culturele instellingen die begin dit jaar hun plan hadden ingediend voor het gemeentelijke Cultuurplan 2021-2024. Ze hadden al wel een indruk, omdat De Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) in juni advies had uitgebracht over de verdeling van de jaarlijkse bijdrage. Nu was het de beurt aan het stadsbestuur. Dat besloot zogeheten doorgroeiers minder, en architectuur méér geld te gevan dan geadviseerd.

De RRKC vond dat een deel van de doorgroeiers – culturele instellingen die dit jaar voor de tweede keer zijn opgenomen in het cultuurplan – ruimte verdienen. Over 14 van die instellingen is de RRKC enthousiast. Zij zorgen voor een verbreding en spreken ook andere Rotterdammers aan. Dat betekende een advies voor een fors hogere subsidie.

Het college van B&W neemt die verhoging niet (helemaal) over. „Wij geven minder meer”, zoals wethouder Saïd Kasmi (D66, cultuur) het zegt. House of Urban Arts kreeg 210.000 euro in het advies van de RRKC, het college houdt het op 162.000 euro. Nu krijgt de instelling in de Tarwewijk nog 54.000 euro per jaar. Verhalenhuis Belvédère op Katendrecht kreeg van de RRKC 300.000 euro toebedeeld, Kasmi maakt daar 250.000 euro van. Ook kunstcentrum Roodkapje en XClusiv Company voor urban muziek en dans krijgen tienduizenden euro’s minder dan geadviseerd.

Architectuur

„Zo’n forse groei vinden wij niet verantwoord”, zegt Kasmi. Er is geld om door te groeien, maar op een rustiger tempo dan de RRKC voor ogen had. En er is nog een reden. Door de groeiers minder geld te geven dan geadviseerd, blijft er meer geld over voor andere instellingen die van de cultuurraad juist een negatief advies hadden gekregen.

De belangrijkste; architectuur. Het stadsbestuur kiest ervoor om toch subsidie te geven aan de Internationale Architectuur Biënnale, een tweejaarlijkse manifestatie over de toekomst van steden, klimaat en sociale ongelijkheid. De RRKC adviseerde de subsidie stop te zetten omdat het evenement te weinig zichtbaar zou zijn in Rotterdam. Het college trekt er nu toch 150.000 euro voor uit – wel een stuk minder dan de huidige 431.500 euro. Daarnaast maakt de gemeente, in weerwil van het advies, ook subsidie beschikbaar voor de Dakendagen; 120.000 euro. „Om architectuur op een laagdrempelige manier bij een breed publiek onder de aandacht te brengen.”

Kasmi noemde de ingediende plannen op het gebied van architectuur ‘karig’. Maar hij vindt het belangrijk om daar wel geld voor uit te trekken. „Rotterdam staat bekend als architectuurstad. Dan zou het zonde zijn als we dat verliezen.” Ook voor het toerisme is de nadruk op architectuur belangrijk vindt Kasmi, die eveneens toerisme in zijn portefeuille heeft. Rotterdam wil vooral cultuur- en architectuurminnende toeristen trekken. Dan moet de stad hen wel iets te bieden hebben.

Nieuw theater wil „huiskamer voor de wijk zijn”

Museum Rotterdam

Een van de meest ingrijpende adviezen van de RRKC neemt de gemeente wél over. Zo komt er een einde aan Museum Rotterdam in de huidige vorm. Er is de slechte behuizing in het Timmerhuis, constateert de cultuurraad en de „visie-ontwikkeling en activiteiten laten een achteruitgang zien”. Ook de gemeente vindt dat het stadsmuseum te weinig bezoekers trekt en de aansluiting met het publiek mist. „Rotterdam verdient een stadsmuseum dat in staat is het verhaal van de stad op een aansprekende manier te vertellen aan alle Rotterdammers”, schrijft Kasmi in het Cultuurplan.

Toch gaat de subsidiekraan ook de komende vier jaar niet helemaal dicht. Museum Rotterdam krijgt 1.700.000 euro per jaar om de collectie te beheren en om de locatie ’40-’45 NU over de Tweede Wereldoorlog, gevestigd bij Coolhaven, open te houden. Dat is ruim een half miljoen meer dan het advies van de cultuurraad. Daarnaast reserveert de gemeente 500.000 euro voor het aanstellen van een ‘kwartiermaker’ die een nieuw concept voor het stadsmuseum ontwikkelt. „In het volgende cultuurplan vanaf 2025 moet er weer een stadsmuseum zijn”, staat in het Cultuurplan. Het stadsbestuur wil dat het Museum Rotterdam in de toekomst een plek krijgt in de te renoveren centrale bibliotheek.

Acht instellingen zijn de basis van het kunst- en cultuuraanbod in Rotterdam

Culturele basis

De gemeente werkt dit keer voor het eerst met een Culturele Basis bij de verdeling van de cultuursubsidies (85,9 miljoen euro per jaar). Acht grote namen zijn verzekerd van subsidie; De Doelen, Theater Rotterdam, Luxor Theater, Theater Zuidplein, Museum Boijmans van Beuningen, Maritiem Museum, Kunsthal en het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Gezamenlijk krijgen zij 45,8 miljoen euro. Het voordeel daarvan is dat andere instellingen meer duidelijkheid hebben over het resterende bedrag.

De RRKC had kritiek op deze manier van werken en vond de plannen van zes van de acht instellingen „mager en teleurstellend” in de rol die zij willen spelen voor de culturele sector als geheel. Theater Zuidplein en de Kunsthal vormen een positieve uitzondering. Op museum Boijmans van Beuningen heeft de cultuurraad erg veel kritiek. Dit museum „moet wat betreft de Raad echt geprikkeld worden om een andere visie te ontwikkelen op zijn rol in de stad”.

Kasmi weerspreekt dat de acht basisinstellingen achterover kunnen leunen nu zij verzekerd zijn van subsidie. „We maken nog steeds prestatie-afspraken en we beoordelen hun plannen. Doen zij het niet goed, dan korten we ze op hun subsidie.” Dat gebeurt nu bij Boijmans dat de komende vier jaar bijna 400.000 euro minder krijgt. „Het oordeel van de RRKC geeft daar aanleiding toe”, staat in het Cultuurplan.

Ook nieuw is het bedrag van 2,75 miljoen euro dat de gemeente de komende vier jaar wil uittrekken voor fair pay, een eerlijker vergoeding voor medewerkers, freelancers en artiesten. Het geld wordt verdeeld over verschillende instellingen gebaseerd op hun grootte en de sector waarin zij actief zijn en komt bovenop de toegekende subsidie.

De 122 aanvragen van Rotterdamse culturele instellingen werden voor eind januari ingediend, toen de verwoestende impact van Covid-19 nog onbekend was. De culturele sector is hard getroffen. Toch zijn er bij Kasmi nog geen signalen binnengekomen dat instellingen die zijn opgenomen in het cultuurplan het niet gaan redden. „De gemeente heeft een noodfonds opgericht van 10 miljoen euro om instellingen te ondersteunen in deze moeilijke periode.” Als het Cultuurplan 2021-2024 definitief is geworden na goedkeuring van de raad wil Kasmi eventuele aangepaste planningen ontvangen. „Wellicht kunnen instellingen niet alles waarmaken. Daar zullen wij ons coulant in opstellen.”