De lezers douchen nu anders dan 30 jaar geleden

Wekelijks stuit Karel Knip in de alledaagse werkelijkheid op raadsels en onbegrijpelijke verschijnselen.

Deze week: de vragen van lezers zijn nu lemma’s op Wikipedia.

Foto Ursula Page Photography

Van het trompetdiertje is nooit meer wat vernomen en ook over het douchegordijn lees je niet veel meer. Zelfs niet in de social media waar toch alles weleens een beurt krijgt. Er zijn tijden geweest waarin de AW-redactie bijna maandelijks post kreeg over het douchegordijn. Internet en e-mail waren nog niet in gebruik, de lezer moest ervoor postzegels plakken en naar een brievenbus gaan, maar hij deed het. Sommigen stuurden zelfs knipsels uit buitenlandse kranten op waarin het douchegordijn werd besproken, zoals dat artikel uit de Neue Zürcher Zeitung van juni 1993. Het werd tijd, was de steeds dringender boodschap, dat de AW-redactie eens uitzocht waarom het douchegordijn zo vaak onverhoeds koud en glibberig tegen het onbeschermde lichaam kletste zodra je de warme kraan opendraaide.

Zelf uitzoeken? Dat ging destijds helemaal niet zo makkelijk. Je durfde niet zomaar een geleerde uit zijn overpeinzingen te halen en in de bibliotheek vragen naar een boek over de beweging van douchegordijnen was riskant. Je had eigenlijk alleen die krantenknipsels, nee: kranteknipsels. Gelukkig bleek Jearl Walker, die in Scientifc American de rubriek ‘The Amateur Scientist’ beheerde, er in juni 1988 een stuk over te hebben geschreven. NRC Handelsblad bewaarde oude nummers van Scientific American in kartonnen dozen.

In de rubriek ‘Phänomene’ die de NZZ in 1992 was begonnen werd de douchecel primair als waterstraalluchtpomp beschouwd. De vallende druppels sleurden lucht mee, omringende lucht raakte ook in beweging en volgens het principe van Bernoulli ontstond zo een onderdruk. De druk aan de buitenzijde van de douchecel deed de rest. Een alternatieve verklaring was dat opwarming van de lucht in de douchecel een ‘trek’ deed ontstaan zoals in een schoorsteen. En de Zwitsers hadden nóg iets bedacht: vochtige lucht is lichter dan droge lucht, dat kon het ook zijn.

Een brandende kaars

Jearl Walker wees de Bernoulli-oplossing op praktische en theoretische grond van de hand maar vond het idee van schoorsteentrek niet gek. Moeilijk te begrijpen was wel dat ook een ijskoude douchestraal het gordijn naar binnen zoog. Met een brandende kaars onderzocht hij de luchtstromingen in een douchecel die open stond en in een cel die door een plastic gordijn werd afgesloten. Hij ontdekte dat de lucht rond de waterstraal in rotatie raakte en zodoende onderdruk opwekte en dat de schoorsteentrek dat versterkte.

Eigenaardig genoeg had Walker nauwelijks aandacht voor de mate waarin de douchecel aan de bovenzijde ventileerde, dat maakt alles uit. AW-proefjes met een piepschuim schaalmodel dat aan de bovenzijde wijd open stond lieten zien dat het douchegordijn ook naar binnen bolt bij een cel waarin helemaal geen water stroomt maar waarvan de wanden vooraf wat zijn opgewarmd. Rottig: ’t kon wel eens zijn dat Walker er helemaal naast zat. De betreffende AW-aflevering eindigde aarzelend.

In 2001 bracht Scientific American opeens wéér een stuk over het douchegordijn. De werktuigbouwkundig assistant professor David Schmidt had de dynamiek van vallende druppels en bijkomende luchtstromingen in zijn vrije tijd met een bestaand rekenmodel nagebootst. De computer van zijn vrouw had er twee weken aan gerekend en dat leverde een leuke verrassing op: het bleek dat er steeds dwars op de gesimuleerde waterstraal een horizontale luchtwervel (‘vortex’) ontstond en het was die wervel die het gordijn naar binnen trok. Zoals een waterhoos water opzuigt, maar dan kleiner. Schmidt kreeg er prompt een Ig-Nobelprijs voor. Ig-Nobelprijzen worden sinds 1991 uitgereikt voor geinig onderzoek.

Maar er is geen timmerman die Schmidts rekenwerk verifiëren kan? Wat was de vorm van de douchecabine, hoe goed ventileerde die, hoe hard was de waterstraal? Hoe warm? Dat is ons allemaal niet verteld. Is het niet vreemd dat Walkers kaars de horizontale wervel volledig miste?

Licht gehavende indruk

In 2003 werd het Wikipedia-lemma ‘shower-curtain effect’ opgetuigd. Het is sindsdien een paar honderd keer aangepast en terugveranderd en maakt nu een licht gehavende indruk maar zoveel is duidelijk dat er nog heel wat meer mechanismen denkbaar zijn die de gang van het gordijn kunnen verklaren. Elektrostatische krachten kunnen een rol spelen, er is de condensatie van waterdamp en vergeet ook het Coanda-effect niet.

De tientallen websites die het shower-curtain-effect bespreken komen er niet meer uit en houden het er maar op dat er een controverse is. Het heeft het aanzien van de wetenschap geen goed gedaan en het is dus maar goed dat het douchegordijn as such geleidelijk uit beeld is geraakt. Alleen in slecht bezochte Engelse hotels kom je het nog wel eens tegen, dan zit er meestal schimmel en schaamhaar op.

Zo is het gekomen dat de lezer maar liever zwijgt over zijn douchegordijn. Hoe is het gegaan met de rest van de vragen die ik instuurde, wil hij misschien weten? Goed! Vele hebben inmiddels ook de status van Wikipedia-lemma bereikt. Moet ik hard of zacht lopen in de regen? Stroomt het bad op het zuidelijk halfrond anders leeg dan hier in het noorden? Waarom eindigen theeblaadjes steevast in het midden van mijn kopje? Bekijk ook de lemma’s ‘Mpemba-effect’, ‘hot chocolate effect’ en ‘celebratory gunfire’. Is het niet aardig de eigen gedachten bij Wikipedia terug te zien? Het toont misschien aan dat ze niet uniek en origineel waren, maar de troost is dat duizenden anderen daar ook last van hadden.