Carlijn Kingma

Foto Repko van Husen

Carlijn Kingma brengt op haar tekeningen verleden en toekomst in kaart

Carlijn Kingma In Rijksmuseum Twenthe exposeert Carlijn Kingma haar visuele essays. „Ik maak kaarten om te navigeren naar de toekomst.”

Aan Het weefsel der mensheid werkte Carlijn Kingma een jaar. Een anderhalve meter brede, ontzagwekkend gedetailleerde zwart-wit tekening, een collage van gebouwen, machines en onderdelen van een menselijk lichaam, bevolkt door vele honderden mensen, als vlooien zo klein.

In dit universum vol metaforen kan probleemloos uren worden rondgedwaald en zijn steeds nieuwe ontdekkingen te doen. Kijk eens hoe Kingma in een paar vierkante centimeter het effect van de uitvinding van de boekdrukkunst in beeld brengt. De eerste drukpers spuugt papier uit en tast daarmee het weefsel van de kerkelijke macht aan.

Niet alleen door haar verfijndheid is Carlijn Kingma (1991) als kunstenaar een buitenbeentje. Ze is opgeleid als architect en noemt zichzelf cartograaf. Maar dan wel van een nieuw soort kaarten. Geen kaarten met landen, wegen, bergen en rivieren, maar routekaarten die de weg verbeelden die de mensheid heeft afgelegd, inzicht bieden in hoe de hedendaagse maatschappij werkt, en tegelijk mogelijke toekomstige vergezichten schetsen. Aan dat laatste is behoefte, denkt Kingma. De mensheid staat voor grote ideologische en ecologische keuzes. Inspirerende toekomstscenario’s kunnen volgens haar helpen om de goede weg te vinden.

Carlijn Kingma, ‘Het weefsel der mensheid’ (2020, inkt op papier, 150×115 cm). Verderop wordt ingezoomd op vier details van deze tekening.

Wat haar ook onderscheidt, is dat Kingma voor haar kaarten – ze maakte er tot nu toe acht – steeds samenwerkt met een specialist, bijvoorbeeld een wetenschapper, filosoof of schrijver. Voor Het weefsel der mensheid verplaatste ze haar tekentafel twaalf maanden lang naar de redactie van De Correspondent, het in Amsterdam gevestigde journalistieke platform. Ze deed dat om te kunnen samenwerken met historicus en journalist Rutger Bregman, ‘correspondent Vooruitgang’. Zijn bestseller De meeste mensen deugen (2019), waarin betoogd wordt dat de mens evolutionair gezien geneigd is het goede te doen, vormde het vertrekpunt voor Kingma’s kaart. Die zal vanaf 27 september te zien zijn op een overzichtstentoonstelling van al haar kaarten in Rijksmuseum Twenthe.

Met een reproductie van haar nieuwste creatie op tafel geeft Kingma tekst en uitleg over haar werkwijze.

U exposeert regelmatig in musea. Durft u zichzelf geen kunstenaar te noemen?

„Wat ik mooi vind aan ‘cartograaf’ zijn de connotaties: het in kaart brengen en de reis. Dus: de verwondering en het onderzoek, de kunst en de wetenschap. Die twee dingen waren van oudsher al nodig om een koers te kunnen uitzetten. Het verbeelden van de randen van de kaart, de monsters en het einde van de wereld, dat was het werk van schrijvers en kunstenaars. Het onderzoek, hoe moeten we varen, hoe ziet de romp van de boot eruit, de weersverwachting, daarvoor zorgden wetenschappers.

„Wat ook meespeelt: ik voel me meer onderzoeker dan kunstenaar. Met hulp van een wetenschapper breng ik verschillende ideeën en perspectieven over een thema in kaart en laat verbanden zien. En van daaruit, met metaforen, vergelijkingen en tijdlijnen ontstaat mijn eigen verhaal. Ik verbeeld dus niet, zoals veel kunstenaars doen, uitsluitend extreem autonome ideeën.”

Waarom ging u architectuur studeren?

„Ik heb op een Vrije School gezeten. Daar heb ik eindeloos getekend en met veel plezier de kunstzinnige vakken gevolgd. Tegelijk was ik goed in exacte vakken. Architectuur leek me een prachtige combinatie. Een architect moet op artistieke wijze complexe puzzels oplossen.”

Detail 1: foetus als begin van het weefsel van de mensheid (links onder)

Carlijn Kingma: „Al honderden jaren is ‘weven’ een metafoor voor het mysterie van ons bestaan. Als je een enkele draad of streng kruist met een andere draad, en deze handeling blijft herhalen, kan er een oneindig complex weefwerk ontstaan. In de baarmoeder van dit verhaal ontstaan twee soorten weefsel. Letterlijk en figuurlijk, biologisch en sociaal. We zien hier een foetus die door de navelstreng verbonden is met de moeder. Er is vrijwel geen wezen in het dierenrijk dat zo afhankelijk ter wereld komt als de mens. We kunnen niet zonder elkaar, en die verbondenheid vormt de rode draad van onze geschiedenis.”

U studeerde in 2016 af aan de TU Delft met uw eerste grote kaart: ‘De geschiedenis van de Utopische Traditie’. Verdween daarmee de ambitie om nog architect te worden?

„Ik liep stage bij een bureau waar ik vier maanden mee tekende aan het ontwerp van de rechtbank op de Zuidas in Amsterdam. Het voortdurend zoeken naar de meest efficiënte oplossingen ging me uiteindelijk tegenstaan. Architectenbureaus zijn steeds in stressvolle competities verwikkeld. Dat biedt weinig ruimte voor zoals ik architectuur graag zie. Namelijk als een vakgebied op het snijvlak van kunst en wetenschap, waarin een evenwicht wordt gezocht tussen cultuur, geschiedenis, sociologie, techniek en schoonheid.

„Als student raakte ik verliefd op de beeldend zo aantrekkelijk vorm gegeven sixties-utopieën van Constant Nieuwenhuys, Superstudio en Archigram. Hun collages waren zo anders dan al die computertekeningen die ik op de TU om me heen zag. Waar was de kleur in dat alles?

„Ik besloot architectonische utopieën te gaan onderzoeken. Met mijn afstudeerdocent, de filosoof Patrick Healy, bofte ik enorm. Hij zag niet veel in mijn eerste onderzoeksplan, maar heeft me toch van alles aangereikt. Ik las boeken van Plato, Thomas More en veertig andere utopieën, en probeerde de interactie met de gebouwde werkelijkheid duidelijk te maken. Maar het lukte me niet goed om in tekst de dwarsverbanden, onderlinge relaties en het grotere verband bloot te leggen.”

Mijn werk bestaat uit lezen, dingen begrijpen en ze in kaart brengen

Carlijn Kingma cartograaf

En toen besloot u om er een visueel essay van te maken?

„Ja, ik kocht een groot stuk papier en ben aan de slag gegaan met de kroontjespen die ik van mijn opa cadeau had gekregen. Een maand lang tekende ik van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat. Een grote kaart als een kapstok, waaruit blijkt hoe de architectuur van een bepaalde periode leek op de manier waarop de kennis en sociale organisaties waren georganiseerd, hoe die architectuur zich verhield tot utopieën en dystopieën en hoe logisch de geschiedenis van de architectuur zich ontwikkelde.”

Tweeduizend jaar cultuurgeschiedenis samenvatten in één tekening, hoe doe je dat?

„Door alles van te voren uit te denken. Ik lees veel en teken als een architect. Waar je als schrijver je verhaal lineair moet vertellen om de logische lijn vast te houden, kan ik in een kaart juist vertakken.

„Toen ik klaar was, rolde ik mijn tekening op en ben ik er door de regen mee naar de TU gegaan. In de espressobar heb ik de tekening uitgespreid voor mijn docent Patrick Healy. Hij ging er met zijn vinger overheen en las de personages, herkende de gebouwen en somde met zijn zware stem op wat ik allemaal in die tekening had gestopt. Hij zag dat mensen via het oculus van het Pantheon in Rome terugkeken in een tijdlaag van 1500 jaar eerder. Dat hij die relaties en dwarsverbanden direct kon lezen, al die dingen waar ik soms de woorden niet voor kon vinden, voelde zo fantastisch.”

Detail 2: de uitvinding van de taal en het schrift (links)

Kingma: „Een van de grote uitvindingen van de mens is de taal en daaropvolgend het schrift. Teksten kun je zien als weefsels, de woorden ‘tekst’ en ‘textiel’ lijken dan ook op elkaar. Ze vinden hun oorsprong in het Latijnse woord texere, dat weven betekent. Op de kaart zien we de ontwikkeling van het schrift, van symbolen tot tekens en lettergrepen, afgebeeld onder de handen die naar elkaar reiken. De handreiking symboliseert de menselijke drang naar verbinding.”

En daarna heeft u nooit meer de aanvechting gevoeld om bij een architectenbureau te solliciteren?

Lachend: „De reactie van Healy gaf mij veel zelfvertrouwen; ook kreeg ik een 10 voor mijn onderzoek. Daarna ben ik meteen aan een tweede kaart begonnen, die aansloot bij mijn eerste tekening.

„De afgelopen honderd jaar is de utopie een vrij gevaarlijk vehikel geweest. Denk aan het Sovjet-communisme en het nazisme. Het idee van Utopia als inspirerend en geweldloos baken is daardoor in de knel geraakt. De afgelopen decennia zijn nauwelijks nog utopieën gepubliceerd.

„Eeuwenlang kwamen de ideeën over een betere toekomst voort uit de wetenschap. Maar de universiteit van de 21ste eeuw is vooral een oplossingsfabriek die een maatschappij van cijfers, feiten en neutrale waarheden bedient. Voor dromen over een betere toekomst is nauwelijks nog ruimte. In mijn tweede kaart tekende ik architectuur die reflecteert hoe wij tot kennis komen en op wat voor manier we die kennis zouden kunnen inzetten als we willen dat vanuit de wetenschap nog eens waardevolle utopieën ontstaan.”

Waarom is architectuur zo’n goed vertelinstrument voor zulke grote verhalen?

„Architectuur is een taal die veel mensen verstaan. Je begrijpt als iets benauwd is, hoe het voelt om op een splitsing te staan, of in een doolhof te zitten. Daarnaast kun je met architectuur goed laten zien hoe de geschiedenis van geld of onze politiek een bouwwerk is, waarin alles op het fundament van het vorig tijdperk staat. Ook kun je met architectuur goed verbanden weergeven. Je kunt laten zien of iets bereikbaar is, of er een poort naar toe is, of een brug die versperd is. Zo’n kaart is als het schema van een machine, waarin je kunt lezen hoe een proces verloopt.”

Wat hoopt u te bereiken met uw kaarten?

„Ik heb ervaren dat er veel potentie zit in de samenwerking tussen kunstenaars en wetenschappers. Grote thema’s die misschien niet zo toegankelijk zijn, omdat ze alleen in dikke boeken zijn beschreven, kunnen met een andere taal toegankelijk gemaakt worden. Ik lees gemakkelijk en kan tien dikke boeken vertalen in een leesbare, beeldende en hopelijk ook aantrekkelijke kaart. Daarmee kan ik een groot publiek misschien enthousiasmeren voor een belangrijk onderwerp.”

Detail 3: de toren met de grijpers (centrum rechts)

Kingma: „We zien een maatschappij die vastzit in een negatieve spiraal: alleen zij die binnen de lijntjes kleuren en de juiste hokjes aanvinken komen hogerop. En deze route naar de top, van voortrekken, vals spelen en ellebogenwerk op de carrièreladder, beïnvloedt het wereldbeeld van de machthebbers. Ze worden gecorrumpeerd door hun macht, en scheppen de maatschappij vervolgens naar dit evenbeeld. Verwachtingspatronen worden werkelijkheid. Het volk schikt zich naar de hokken en vakken en bewandelt slaafs de gebaande paden, te druk, te moe en te angstig om andere wegen in te slaan.”

U voorziet uw kaarten steeds van een boek, een navigatievideo, plus een blauwdruk waarin elk detail opgezocht kan worden. Waarom?

„Hoeveel houvast moet ik bieden voor een goed begrip van mijn verhalen, dat is nog een zoektocht voor me. Moet ik alleen de hoofdstructuur van mijn kaarten uitleggen, en kunnen kijkers daarna op eigen benen verder? De kaarten bieden daarvoor denk ik genoeg handreikingen. Ik hoop ook dat er meerdere interpretaties mogelijk zijn, zodat mijn kaarten uitnodigen tot een gesprek of debat.

„In een museum staan bezoekers gemiddeld geloof ik nog geen halve minuut voor een kunstwerk. En al is die tijd bij mijn werk mogelijk wat langer, een museum is over het algemeen toch niet de plek om een kwartier of langer voor een kunstwerk te staan. Daarom investeer ik veel tijd en energie in die toelichtingen. Bij mijn kaart met Rutger Bregman is een voor mij nieuwe online toelichting gemaakt. Naast de audiotour kan je ook zelf op ontdekkingstocht gaan. Bovendien kan voor het eerst ook gereageerd worden. De manier waarop ik verhalen vertel is nog volop in ontwikkeling. Ik ben dus heel nieuwsgierig naar de reacties.”

Lees een interview met Bregman: ‘Ik vind die hele Rutger niet zo interessant’

Bent u over vijf jaar nog cartograaf?

„Ik hoop het. Mijn werk bestaat uit lezen, dingen begrijpen en ze in kaart brengen. En dat in samenwerking met geweldige denkers. Kan het idealer? Door dat onder de vlag van de kunsten te doen, kan ik er gelukkig van leven. Al is ook dat nog een zoektocht. Gechargeerd gezegd is de kunstmarkt gebaat bij exclusiviteit en mystificeren. Terwijl ik als verhalenverteller graag zoveel mogelijk mensen wil bereiken. Mijn kaarten worden als gelimiteerde prints verkocht. Dat leidt tot veel betrokkenheid bij kopers. Sommigen hebben me geholpen bij nieuwe projecten. Maar eerlijk gezegd zou ik mijn tekeningen het liefst als vouwkaart in de boekwinkel of als Ikea-poster verspreiden.”

Detail 4: op het snijvlak van kunst en wetenschap (rechts onder)

Kingma: „In het verleden ontstonden vergezichten, utopieën, vaak op het grensvlak van wetenschap en kunst. Zo is ook deze kaart ontstaan, op het snijvlak van kunst en wetenschap. Dit is het resultaat van een samenwerking tussen Rutger Bregman en mij. Een historicus en een cartograaf. Een schrijver en een beeldmaker. Door het verbinden van twee talen, woord en beeld, door het bieden van verschillende lenzen en perspectieven, door kijkers te laten dwalen en ontdekken, hoop ik te inspireren tot het ontdekken van nieuwe horizonten.”

Carlijn Kingma, Architectuur van het onzichtbare. 27 sept. t/m 10 jan. in Rijksmuseum Twenthe. Galerie Untitled in Rotterdam vertegenwoordigt Kingma. Inl: rijksmuseumtwenthe.nl, untitled2011.com en carlijnkingma.com De audiotour bij de nieuwe tekening Het weefsel der mensheidstaat op decorrespondent.nl/hetweefseldermensheid