Reportage

Hoe performer Sven Ratzke de coronatijd doorkomt

Punkrockdiva Sven Ratzke zou de hoofdrol spelen in ‘The Rocky Horror Show’, maar corona veegt zijn agenda leeg. Hij worstelt zich door de lockdown en is nu te zien in Berlijn als transseksuele punkrockdiva in de musical ‘Hedwig and the Angry Inch’. „In huiskamers optreden is niet mijn vak.”

Sven Ratzke: „Het leek alsof we honderd jaar terug in de tijd gingen.”
Sven Ratzke: „Het leek alsof we honderd jaar terug in de tijd gingen.”

Dit zou een artikel worden over de weg van performer Sven Ratzke (Nijmegen, 1977) naar de première van de musical The Rocky Horror Show, waarin hij de hoofdrol zou spelen. De voorbereidingen zijn begin dit jaar in volle gang. Op een publiciteitsfoto uit die tijd kijkt Ratzke, met parelketting en zwarte nagellak, onverschrokken de camera in als Dr. Frank-N-Furter, de ‘sweet transvestite’ die Tim Curry vertolkte in de filmversie uit 1975. Dan wordt het maart en verandert alles.

Met de landelijke theatersluiting ziet Ratzke ruim honderdvijftig shows in rook opgaan, naast de musical ook voorstellingen van zijn eigen programma. „Ik was toen wel even aan de grens van depressief”, vertelt hij twee maanden later. Hij is op een punt in zijn carrière waar hij lang naar heeft toegewerkt. „Ik speelde vijf, zes voorstellingen per week en opeens werd alles – zoep – weggezogen. Dat voelde heel oneerlijk.”

Door de lockdown wordt zijn wereld klein, terwijl Ratzkes tourschema hem normaal gesproken over de globe voert: hij treedt veel op in zijn tweede thuis, Duitsland, maar ook in New York en Nieuw-Zeeland. „Het leek alsof we honderd jaar terug in de tijd gingen. Alles werd onbereikbaar. Australië was alleen nog een stip op de wereldkaart, waarbij je dacht: ooit ga ik daar eens naar toe.”

Tijdens de lockdown komen bij Ratzke ‘alle kleuren’ aan emoties voorbij. „De eerste week was ik in shock, de tweede liet ik me gaan.” Uiteindelijk herpakt hij zich. „Na de verlamming, paniek en frustratie kwam gelukkig het gevoel van: oké, what do we have?” Hij klapt in zijn handen. „Je wilt je vak weer uit kunnen oefenen en iets hebben om naar uit te kijken.” Met theaterfestival Boulevard maakt hij plannen; hij gaat met de schouwburgen in Nijmegen en Utrecht om tafel.

Zeeën van tijd

Ook belt Ratzke zijn Duitse collega Guntbert Warns, die recent artistiek leider is geworden van het Renaissance Theater in Berlijn. Warns had hem eerder gevraagd om de musical Hedwig and the Angry Inch – die Ratzke in 2014 naar Europa haalde en Warns regisseerde – te komen spelen. Ten tijde van dat verzoek paste het onmogelijk in Ratzkes agenda; nu heeft hij zeeën van tijd.

Hedwig is geen conventionele musical, maar een brutale show over een transseksuele punkrockdiva. Dat is nu een welkom tegengeluid, vindt Ratzke. „Vanwege #metoo en zo. In hoe we met elkaar omgaan, gaan we echt terug naar een soort conservatisme.” Hedwig schopt tegen alles wat neigt naar bekrompenheid. In deze tijd, waarin het dagelijks leven deels aan banden ligt, is dat een verademing. „In lockdown dacht ik: jezus, wat een ontlading moet dit zijn, als je weer naar het theater mag en dan deze show ziet.”

Sven Ratzke Andreas Terlaak

Hulpeloze onzin

Er hangt een zweem van mysterie om Ratzke. Hij trekt zijn eigen plan, wars van de mores in ‘zijn’ sector. Als thuiszittende artiesten tijdens de lockdown filmpjes maken waarin zij hun publiek zingend een hart onder de riem steken, houdt Ratzke ieder aanbod af. „Veel van die initiatieven vond ik hulpeloze onzin. Dan zaten ze daar allemaal ongeschoren in hun pyjama, tanden niet gepoetst. Dat is niet wat ik wil representeren.” Ook thuis bij zijn publiek spelen, zoals sommige collega’s doen, weigert hij. „In huiskamers optreden is niet mijn vak.” In zijn shows speelt het spanningsveld tussen zijn publiek en hem namelijk een belangrijke rol. „Het podium is een cocon. Je bent er onaanraakbaar, zodat je het mysterie in stand kan houden.”

Ratzkes onemanshows hebben een karakteristieke stijl, waarin hij nummers aaneenrijgt met absurde verhalen. Hij flirt met het publiek, zoekt nadrukkelijk toenadering en stoot dan weer af. Zijn muzikale oeuvre strekt zich uit van popsongs tot chansons en jazzy covers van nummers die voorheen alleen door vrouwen werden uitgevoerd. Hij zingt Brecht net zo overtuigend als Falco of Shirley Bassey. Die flexibiliteit komt terug in een androgyn podiumpersona.

In zijn carrière lijkt een musicalrol een vreemd uitstapje. „Wie kunst maakt, vindt musical verschrikkelijk en to be honest: ik houd er meestal ook niet van. Het kan heel onecht zijn. Een musical is vaak een product.” Toch zijn er uitzonderingen, zoals Hedwig of The Rocky Horror Show. „En In de ban van Broadway [van regisseur Pieter Kramer uit 2016, red.]. Het blijft een commercieel product, maar heeft ook artistieke waarde.”

Survival of the fittest

Bij Where are we now – een show met enkel Bowie-nummers, die vlak voor de lockdown in première ging – wordt Ratzke alleen vergezeld door zijn pianist. De intieme performance leent zich goed voor het après-lockdown tijdperk: als de theaters op 1 juni opengaan, kan Ratzke snel de bühne weer op.

Lees ook de recensie van Where are we now: Sven Ratzke zingt Bowie met intens en beheerst pathos

Een van de eerste optredens vindt plaats in Gouda, coronaproof: de show is ingekort en het publiek zit aan tafeltjes op het toneel. In de voorstelling neemt Ratzke de maatregelen op de hak. „In Zwolle begon iedereen bij dit nummer wild te dansen”, grapt hij, „naakt! Ik riep nog: jongens, jongens, denk aan de anderhalve meter!”

Als Ratzke bijna twee maanden aan het spelen is, heeft zijn strijdlust plaatsgemaakt voor realisme. Hij is aangedaan door wat hij aantreft bij de podia. Een optreden in poptempel Paradiso was bijzonder beladen. Ratzke stond er met een speciaal Bowie-programma, wanneer net bekend is geworden dat een grote groep medewerkers hun baan zal verliezen. „Het maakt je bewust van hoe er naar cultuur wordt gekeken. Het voelt als een survival of the fittest. Zo van: zoek het zelf maar uit.”

Toch vindt Ratzke optreden in deze tijd waardevol. „Het klinkt misschien raar, maar in Paradiso voelde het alsof ik een bezoeker van een andere planeet was. Ik stond daar in zo’n lange, blauwe jas en de nummers die ik zong gingen over vergankelijkheid en verlies. Ik ben er heel dankbaar voor, dat ik niet één of ander ABBA-programma speel, maar iets kom brengen wat troost biedt.”

Hoewel Ratzkes shows bijna allemaal uitverkocht zijn, geldt dit – ondanks de beperkte zaalcapaciteit – niet voor alle voorstellingen in de theaters. Bij zijn optreden in Gouda bedankt Ratzke het publiek daarom uitvoerig voor hun komst. Toeschouwers lachen, maar hij meent het wel. „In de media worden dramatische toestanden geschetst. Daarmee creëer je een angstcultuur en zeggen mensen: ik ga echt niet in een theater zitten. Terwijl je waarschijnlijk eerder corona krijgt in de supermarkt.” Hij klinkt bevlogen, maar wil niet preken. „Daar komen mensen niet voor. Ik stip aan in wat voor bijzondere situatie we zitten. Dan zeg ik: laten we volgend jaar weer afspreken en er dan om lachen. Zo van: weet je nog hoe idioot en pijnlijk dat allemaal was?”

Sven Ratzke als Hedwig voor Hedwig and the Angry Inch Foto Dennis Veldman

Vijf meter afstand

Een half jaar na de start van de theatersluiting, op 17 september, beleeft Hedwig and the Angry Inch haar première in Berlijn. In slechts drie repetitiedagen is de musical coronaproof gemaakt. Dat was wel nodig, want het extravagante hoofdpersonage kroop in de oorspronkelijke versie zomaar bij toeschouwers op schoot en dronk hun bier op. Dat is nu ondenkbaar. „Bizar dat je bij het maken van een stuk dat gaat over zo’n vrijgevochten dame, zoveel restricties moet volgen.”

In het Renaissance Theater loopt een witte streep over het toneel, zodat Ratzke minstens vijf meter afstand van het publiek houdt. Toch komt Hedwigs verhaal – en de dreiging die van haar uitgaat – goed over, vermoedt Ratzke. „Ik gebruik nu andere technieken om emoties over te brengen. Daar leer je ook weer van.”

Over andere gevolgen van corona stapt hij moeilijker heen. „De angst is er nog steeds. Je blijft maar denken: wat hangt er nog in de lucht?” In de aanloop naar de première moest bijvoorbeeld opeens het technische team gewisseld worden, omdat het virus bij iemands partner was geconstateerd. „Binnen no time was er een nieuwe ploeg, maar zij kenden de show natuurlijk nog helemaal niet.”

De theaterzaal waar de voorstelling speelt, heeft 600 stoelen, maar door de maatregelen kunnen er maar 140 gebruikt worden. Ratzke probeert daar niet te veel bij stil te staan: „Al mijn shows zijn uitverkocht, dus ik ben heel blij. Het is ook net alsof dit publiek meer energie heeft dan een zaal van 600 man. Alsof ze denken: we mogen hierbij zijn. Dat dít weer kan!”

Hedwig and the Angry Inch is t/m 24 nov te zien in Renaissance Theater in Berlijn en vanaf eind december in Nederland. Inl: sven-ratzke.com The Rocky Horror Show van De Graaf & Cornelissen gaat volgend seizoen alsnog in première. Inl: degraafencornelissen.nl