Opinie

Niet slechts de meute richt zich tegen De Ander

Maxim Februari

Vandaag wordt de boodschap verzorgd door Michael Sandel. Althans, hij verleent er gezag aan. Want we kunnen hier wel van alles beweren, maar als een filosoof uit Harvard hetzelfde zegt, geeft dat de boodschap cachet. Het draait allemaal om de hoogopgeleide elite en zijn minachting.

In de Volkskrant werd Michael Sandel dit weekend geïnterviewd over zijn boek De tirannie van verdienste en over zijn begrip ‘meritocratische verwaandheid’. Zodra mensen slagen in het leven, zegt Sandel, schrijven ze dat succes toe aan hun eigen inspanningen en ze geloven dat anderen achterblijven door hun eigen schuld. De meritocratie heeft de laagopgeleide arbeidersklasse het gevoel gegeven dat de elite hen minacht. „Deze vernedering heeft, denk ik, gezorgd voor de huidige polarisatie. Want niemand vindt het leuk om geminacht te worden.”

De gedachte is belangrijk, zij het niet spiksplinternieuw. Michael Sandel hamert er zelf al jaren op, in Nederland hebben bijvoorbeeld Mark Bovens en Kim Putters vergelijkbare zorgen, en uit mijn mapje ‘meritocratie’ tover ik nu lukraak een tekst tevoorschijn van Yvonne Zonderop over het uiteenvallen van broederschap in „onderbroeders” en „bovenbroeders”. Het gemis aan verbondenheid wordt een steeds groter maatschappelijk probleem, schreef ze in 2009.

Zonderop verwees op haar beurt weer terug naar 1957 en het boek The Rise of the Meritocracy van socioloog Michael Young. Door de meritocratie leren veel mensen zichzelf als minderwaardig te beschouwen, schreef Young, de nadruk op succes tast hun gevoel voor eigenwaarde aan. „Ze raken gedemoraliseerd.” In zijn dystopische boek voorspelde hij dat De Populisten in opstand zouden komen tegen de lucky sperm club – zijn lichtelijk seksistische term voor de talentvolste leden van de gemeenschap.

Wie nu verveeld gaat gapen, omdat dit verhaal over een ‘kloof’ al zo oud is en omdat we het nu wel weten, omdat we het probleem hebben overwonnen, verwerkt en opgelost, moet even de krant van vorige week teruglezen. Te beginnen met het stuk van Ramsey Nasr over de stompzinnigheid die de samenleving bedreigt, een stuk dat opgewekt is gedeeld door hoogopgeleid Nederland. Het meritocratische dedain druipt ervan af.

Nasr schrijft over complotdenkers, klagers, stiekeme knuffelaars, boeren, racisten en geweldplegers als één grote groep ongeregeld. Over de afzonderlijke problemen die al die mensen ervaren en veroorzaken wil ik het nu niet hebben, wel over de manier waarop de een na de ander door de gevierde dichter en acteur Nasr wordt beschreven. De „Brabantse vrouw” die een boos filmpje post over haar angst voor een tweede lockdown. „Het is zo te zien de eerste maal dat ze de camerafunctie op haar telefoon benut.”

Het is natuurlijk „om je kapot te lachen”, schrijft Nasr. „En intussen moet ze ook nog afslaan op de rotonde.” Hij wil wel een poging wagen er niet te veel aandacht aan te besteden – „we kunnen zeggen: stompzinnigheid, de verbeten agressie van de machtelozen – dat zal er altijd zijn”. Maar er zijn simpelweg te veel machtelozen om te negeren. Je hebt ook nog een groepering, bijvoorbeeld, waarvan de leider „een ex-dakloze ex-crimineel” is.

Een paar bladzijden verderop krijgt „filantroop” Bill Gates de vraag of hij het complotdenken rationeel kan beantwoorden. Zal wel moeten, antwoordt hij. „De enige instrumenten die ik heb zijn feiten en wetenschap.” Bill Gates! Die een van de rijkste mensen ter wereld is geworden door op die wereld een technologie los te laten waarmee hij de nieuwsvoorziening ontwricht, de arbeid flexibiliseert en aan de onderkant van de samenleving voor sociale onrust zorgt en polarisatie. Die Bill Gates heeft kennelijk een monopolie op rationaliteit, en als hij een flinter van zijn vermogen besteedt aan gezondheidszorg, is hij ook nog eens filantroop.

Nou moet ik niet lelijk doen over Gates. Hij is niet persoonlijk verantwoordelijk voor de complotten. Maar hij zou zich wel rekenschap mogen geven van de rol die Microsoft speelt. En ik moet niet lelijk doen over Nasr, wiens merites ik bewonder; alleen al zijn gedicht Het huis van Europa spookt sinds 2011 door mijn hoofd. Maar waarom al die jaloersmakende talenten inzetten tegen degenen die kampen met gebrek aan opleiding of intelligentie, met machteloosheid, dakloosheid, bestaansonzekerheid?

De hysterische meutes richten zich tegen De Ander, schrijft Nasr. De wetenschappelijk en rationeel opgeleide elites doen dat natuurlijk nóóit. „Ze mogen dan heel sterk gekant zijn  tegen racisme en seksisme, maar vinden niet dat ze zich dienen  te verontschuldigen voor hun negatieve houding ten opzichte  van laagopgeleiden” – aldus Michael Sandel, naar wie ik hier graag verwijs.

Maxim Februari is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl.