Scheiden via een mediator is goedkoper, maar niet altijd beter

Uit elkaar Nederlanders scheiden vaker met hulp van een mediator in plaats van hun conflict voor de rechter uit te vechten. Hoe komt dat?

Illustratie Ank Swinkels

Worden Nederlanders vredelievender? Je zou het bijna denken als je het onderzoeksrapport leest dat de vereniging van Familie- en erfrecht Advocaten Scheidingsmediators (vFAS) deze maand publiceerde ter gelegenheid van de jaarlijkse Dag van de Scheiding. Had in 2011 nog 21 procent van de stellen de rechter nodig om afspraken vast te leggen, nu is dat nog maar 6 procent.

Het gaat dan om stellen wier relatie zozeer is ontwricht, dat ze niet meer in staat zijn afspraken te maken over bijvoorbeeld de verdeling van het vermogen, de omgang met de kinderen of wie er in het huis mag blijven wonen. Maar ook schijnbaar simpele zaken als ‘wie krijgt de auto’ kunnen onoverkomelijke obstakels blijken.

Steeds vaker regelen mensen hun scheiding via mediation: 41 procent schakelt een advocaat-mediator in, die met beide partijen om de tafel gaat zitten om afspraken te maken. In 2011 was dat nog maar 13 procent. In 20 procent van de gevallen zoeken de partners een eigen advocaat. Het onderzoek werd uitgevoerd onder ruim vijfhonderd mensen die de afgelopen twee jaar zijn gescheiden.

Bij mediation proberen mensen die willen scheiden onder begeleiding van een mediator (een advocaat of notaris) samen afspraken te maken over bijvoorbeeld alimentatie, pensioenaanspraken en co-ouderschap. Mediators worden het meest ingeschakeld door 35- tot 55-jarigen, ouders, en bij relaties die langer dan tien jaar duurden.

In gesprek

Saskia Braun, advocaat-mediator in Rotterdam en bestuurslid van de vFAS, vindt het „een goede ontwikkeling” dat steeds meer mensen via mediation scheiden. „Een mediator hoort beide partijen tegelijkertijd, kan mensen weer met elkaar in gesprek brengen, en zo zorgen voor een bevredigende oplossing voor beide partners. Het is een goed alternatief voor de langere en vaak veel duurdere gerechtelijke procedure met twee advocaten.”

Braun waarschuwt wel dat mediation niet voor iedereen geschikt is. „Sommige mensen hebben een eigen advocaat nodig, omdat ze minder goed voor zichzelf kunnen opkomen, bijvoorbeeld vanwege heftige emoties of onvoldoende overzicht. Ik kijk altijd welke begeleiding het beste past: mediation, ieder een eigen advocaat, of een procedure bij de rechtbank.”

Lees ook dit verhaal: Waar je op moet letten bij scheiden

Advocaat-mediator Rachel Vlielander, partner bij Rietmeesters in Utrecht, ziet regelmatig ex-partners die alsnog een advocaat inschakelen, omdat ze bij hun scheiding hebben gekozen voor een te goedkope (en dus te snelle) mediator. „Een mediator moet veel kennis hebben van zaken als alimentatie, pensioen en huwelijksvermogensrecht om een scheiding goed te kunnen regelen. Maar omdat het geen beschermd beroep is, mag iedereen zich mediator noemen.” En dat wreekt zich vaak na verloop van tijd, legt Vlielander uit, omdat er geen goede afspraken zijn gemaakt.

De populariteit van mediation is vaak ook een financiële kwestie, legt advocaat-mediator Carla Smeets van SmeetsGijbels in Amsterdam uit. „De gang naar de rechter is duurder geworden sinds de vergoeding door de rechtsbijstandsverzekering is verlaagd en de inkomensgrens steeds verder is verhoogd.” Bij een fiscaal jaarinkomen vanaf 39.400 euro voor een samenwonende, moet deze de advocaatkosten volledig zelf betalen.

Ook het feit dat mediation gemiddeld drie tot zes maanden duurt en een gerechtelijke procedure zeker een jaar, heeft veel partners ertoe gebracht het eerst via mediation te proberen.

Gezamenlijk gezag

Ook co-ouderschap wordt meer en meer de norm na een scheiding, blijkt uit het onderzoek van de vFAS. Koos in 1980 slechts 1 procent van de gescheiden ouders voor een gezamenlijke opvoedingstaak, inmiddels is dat ongeveer een derde. De toename van co-ouderschap is vooral te danken aan het feit dat meer vrouwen werken en meer mannen zorgen, aldus Saskia Braun van de vFAS.

Het ligt ook aan de veranderde wetgeving. „Tot 1998 was in de wet geregeld dat bij scheiding een van de ouders de voogdij [nu ouderlijk gezag] kreeg.” Sindsdien loopt het gezamenlijk gezag door na de scheiding en in 2009 is in de wet het gelijkwaardig ouderschap vastgelegd.

„Ik begin in een gesprek met ex-partners eigenlijk altijd met de kinderen”, vertelt Carla Smeets. „Die factor bepaalt namelijk ook de huisvesting en een deel van de financiële afwikkeling. Enerzijds vormen kinderen een moeilijk onderdeel van een scheiding, maar ze kunnen er ook voor zorgen dat ouders met elkaar in gesprek blijven.”

Al neemt dat niet weg dat toch problemen kunnen ontstaan rondom de kinderen: vader eist een deel van de zorg op, terwijl moeder vindt dat hij zich daar tijdens het huwelijk nooit om bekommerde, bijvoorbeeld. „De vraag is hoe je een relatie als ex-partners ombuigt in een nieuwe relatie als co-ouders”, zegt Smeets.

Nog een opmerkelijke ontwikkeling betreft de huwelijkse voorwaarden: terwijl nog steeds 85 procent van de paren in gemeenschap van goederen trouwt, geeft de helft van de respondenten in het vFAS-onderzoek aan de volgende keer op huwelijkse voorwaarden te willen trouwen.

Saskia Braun: „Veel mensen ontdekken bij een scheiding pas dat ze graag meer grip op hun financiën hadden willen hebben. En dat kun je regelen in de huwelijkse voorwaarden.” Standaard voorlichting vóór de huwelijksvoltrekking over de zakelijke aspecten van een leven samen, zou volgens haar daarom goed zijn.

Toch hebben ook mensen mét huwelijkse voorwaarden vaak problemen bij afwikkeling van de scheiding, zegt Carla Smeets. „Tijdens het huwelijk kunnen natuurlijk dingen veranderen. Een van de partners kan bijvoorbeeld meer voor de kinderen zijn gaan zorgen.” Huwelijkse voorwaarden kun je tijdens het huwelijk wel aanpassen aan die nieuwe situatie, maar in de praktijk gebeurt dat zelden, zegt Smeets.

Hoogopgeleiden

Rachel Vlielander zou graag zien dat huwelijkse voorwaarden de norm worden bij het sluiten van een huwelijk of geregistreerd partnerschap. „Nu zie je dat vooral hoogopgeleiden en mensen met vermogen trouwen op huwelijkse voorwaarden. Bij veel mensen gaat de aandacht voornamelijk uit naar de trouwdag. Naar de notaris gaan om afspraken te maken voor als het huwelijk spaak loopt, dat vindt men niet gezellig. Huwelijkse voorwaarden zijn geen garantie voor een soepele scheiding, maar er staan wel afspraken op papier. In die zin zouden we een beetje terug moeten naar het verstandshuwelijk.”