SER: strengere wetgeving bedrijfsleven goed voor milieu en mensenrechten

Milieu Een aantal bedrijven heeft vrijwillig afspraken gemaakt op gebieden als uitbuiting of milieuschade. Wetgeving hierover moet iedereen verplichten tot actie, vindt de SER.
Aangespoeld afval op een strand in Myanmar.
Aangespoeld afval op een strand in Myanmar. Foto Nyunt Win/EPA

Nederland moet bedrijven wettelijk verplichten te verduurzamen en mensenrechten wereldwijd na te leven. Ook zouden bedrijven en organisaties onderling moeten samenwerken op deze gebieden. Dat concludeert de Sociaal-Economische Raad (SER) in een vrijdag gepubliceerd rapport. De combinatie van strengere wetgeving en samenwerking heeft volgens de raad veel positieve invloed op „mens en milieu”.

De SER prijst Nederlandse bedrijven die zich vrijwillig hebben aangesloten bij zogeheten internationaal-maatschappelijk-verantwoord-ondernemen-convenanten (IMVO-convenanten). Dit zijn afspraken tussen bedrijven, overheden, vakbonden en maatschappelijke organisaties om misstanden in logistieke en productieketens – zoals uitbuiting, dierenleed en milieuschade – wereldwijd te voorkomen.

Wetgeving voor Nederlandse bedrijven stimuleert ook andere partijen om deze regels op te volgen, stelt de SER in het door minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, D66) gevraagde rapport. „Hoe groter de schaal, hoe groter de kans op impact in de keten”, aldus de raad. Daarom zou het ook goed zijn als bedrijven binnen en tussen sectoren samenwerken.

Het verplichten van soortgelijke normen op Europees niveau heeft nog meer invloed, schrijft de SER. Nederland heeft volgens de raad een „koploperspositie” op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen en zou andere Europese lidstaten actief moeten overhalen om voor wetgeving hierover te stemmen. Naar verwachting presenteert de Europese Commissie begin volgend jaar een voorstel over verplichte convenanten op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen.