Nederland stelt Syrië aansprakelijk voor mensenrechtenschendingen

Syrische burgeroorlog Nederland heeft de eerste stappen gezet om Syrië internationaal voor de rechter te dagen. Minister Blok stelt het regime van president Assad aansprakelijk voor de wandaden die zijn begaan tegen burgers.

De Syrische president Bashar al-Assad eerder deze maand in Damascus.
De Syrische president Bashar al-Assad eerder deze maand in Damascus. Foto AP

Nederland stelt Syrië aansprakelijk voor mensenrechtenschendingen, in het bijzonder voor foltering. Er is volgens het kabinet genoeg bewijs dat aantoont dat Syrië, onder leiding van president Bashar al-Assad, zich „op grote schaal” heeft schuldig gemaakt aan „grove” mensenrechtenschendingen. Met een diplomatieke nota is Syrië op de hoogte gesteld van de juridische stappen die Nederland onderneemt.

Dat heeft minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) vrijdag bekendgemaakt na afloop van de ministerraad, waar het besluit werd genomen. „Het Assad-regime heeft zich keer op keer schuldig gemaakt aan vreselijke misdrijven”, aldus de minister. „De bewijzen zijn duidelijk, het kan niet zonder gevolgen blijven.”

De stap is opmerkelijk. In Syrië worden de eigen burgers al jaren stelselmatig gemarteld en verjaagd. Tot internationaal ingrijpen kwam het nooit. En in de VN-Veiligheidsraad blokkeerde Rusland tot nu toe alle pogingen om Syrië via het Internationaal Strafhof te vervolgen – ook een moeilijke route, omdat Syrië niet is aangesloten bij dat hof.

Bewijzenbank

Het moment is niet toevallig: volgende week begint de jaarlijkse Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Minister Blok vroeg eerder aandacht voor de voortdurende gruweldaden van het Assad-regime, toen Nederland in 2018 een tijdelijke zetel had in de Veiligheidsraad. „Ik moet toegeven: dat lukte me niet”, zegt Blok. Wel was Nederland aanjager van de oprichting van een ‘bewijzenbank’ bij de Verenigde Naties met documentatie over de in Syrië begane misdaden. Nederland is daar de belangrijkste financiële donor van en wil die bewijzen nu ook gaan gebruiken.

Om de vele obstakels te omzeilen is besloten om het antifolterverdrag van de VN van stal te halen. Dat heeft ook Syrië ondertekend. In eerste instantie gaat Nederland Syrië via het geschillenmechanisme in dat verdrag ter verantwoording roepen. „Heel concreet is onze vraag aan Syrië: vervolg de daders”, zegt Blok. Volgende week is er mogelijk al een ontmoeting in Genève met Syrische vertegenwoordigers.

Arbitrage

Als de arbitrage mislukt, en alleen dan pas, kan Nederland naar het Internationaal Gerechtshof, ook in Den Haag, waar Syrië wél bij is aangesloten. Met een veroordeling kan Nederland vervolgens terug naar de VN-Veiligheidsraad en vragen om sancties. Volgens Blok zou het met zo’n internationaal erkend oordeel voor een land als Rusland „moeilijker” worden om te blijven dwarsliggen.

Blok erkent dat ook de nu gekozen route niet gemakkelijk zal zijn. Dat Nederland toch doorzet, heeft niet alleen te maken met gerechtigheid. Volgens Blok wil Nederland zo ook laten zien dat het ‘multilateralisme’ leeft, ook al staat het in de huidige geopolitieke context flink onder druk. „Er zijn allerlei dictators en regimes die hopen dat landen als Nederland zullen zeggen: we leggen ons neer bij een wereld waarin het recht van de sterkste geldt”, zegt Blok. „Maar we leggen ons er niet bij neer. Dat betekent echter ook dat je aan dingen begint die heel moeilijk zijn en niet meteen zullen lukken.”

In Syrië woedt al ruim negen jaar een ontwrichtende burgeroorlog. Er kwamen honderdduizenden mensen om het leven, precieze aantallen zijn nooit vastgesteld. In Syrië zelf raakten 6 miljoen mensen ontheemd, ruim 5,5 miljoen mensen sloegen op de vlucht, zo schrijft het ministerie van Buitenlandse Zaken in een persbericht. Veel vluchtelingen probeerden ook naar Europa te komen.

Het Assad-regime heeft laten zien dat het er niet voor terugdeinst „om de eigen bevolking keihard aan te pakken, door martelingen, inzet van chemische wapens en bombardementen”, aldus Blok. Premier Mark Rutte (VVD) zei vrijdag op zijn wekelijkse persconferentie dat er pas „een zuiver politieke langetermijnoplossing kan komen voor Syrië” als de daders worden veroordeeld en de slachtoffers gerechtigheid krijgen.