Dit is het klimaatrisico: oranje lucht, vuile rook en miljarden dollars aan schade

Klimaatverandering De ongekend hevige natuurbranden in de Verenigde Staten veroorzaken enorme schade. Klimaatverandering vormt een groeiend economisch en financieel risico, ook elders in de wereld.

Een gesmolten uithangbord van een motel in Gates, Oregon.
Een gesmolten uithangbord van een motel in Gates, Oregon. Foto Shannon Stapleton/Reuters

Een week lang was Natalie Ambrosio Preudhomme niet op straat, want de verstikkende rook bleef maar hangen in haar woonplaats Berkeley in Californië. Donderdag was de meeste rook weggewaaid en kon ze „eindelijk weer een stukje wandelen”. Vorige week, zegt ze, was het zo donker dat het daglicht bijna verdwenen was. „De straatverlichting was bijna de hele dag aan. Verder was alles oranje.”

In een videogesprek vertelt Ambrosio Preudhomme hoe ze plotseling midden in het centrale thema van haar werk is komen te wonen. Ambrosio Preudhomme is directeur communicatie bij Four Twenty Seven, een bedrijf dat de risico’s door klimaatverandering in kaart brengt voor de financiële wereld en grote bedrijven.

De rook, zegt Ambrosio Preudhomme, is bijzonder vervelend voor Covid-19-patiënten, omdat die de ademhalingsklachten verergert. In grote delen van Californië, Oregon en Washington blijft de luchtkwaliteit zeer slecht.

De zomer van 2020 is voor de westkust van de Verenigde Staten een dubbele rampzomer. Bovenop de pandemie kwamen 87 natuurbranden, waarbij al meer dan 35 doden zijn gevallen. De schaal is ongekend. Zes van de twintig ergste branden in de geschiedenis van Californië zijn nu aan de gang, meldt de autoriteit CAL FIRE op Twitter. Het aantal vierkante kilometers dat is verbrand – tot nu toe zo’n 20.000 in Californië, Oregon en Washington – doet de records van de afgelopen jaren verbleken.

Lees ook: Natuurbranden in VS worden steeds extremer

„We staan nog maar aan het begin. Het wordt veel erger”, zegt Preudhomme. De westkust heeft altijd last van bosbranden gehad, maar de stijgende temperaturen en de toenemende droogte maken het fenomeen erger. Augustus 2020 was de heetste maand ooit op het noordelijk halfrond. Four Twenty Seven waarschuwt klanten dat het brandseizoen in Noord-Californië tussen 2030 en 2040 twee maanden langer zal duren.

De bosbranden veroorzaken toenemende economische schade in de gebouwde omgeving, waarbij meespeelt dat landelijk gebied steeds dichter bevolkt raakt, zegt Ambrosio Preudhomme. Verzekeraars „trekken weg” uit postcodegebieden met een hoog brandrisico. Four Twenty Seven let scherp op de hypotheekmarkt. Huizen die niet meer kunnen worden verzekerd, of alleen tegen zeer hoge premies, kunnen in waarde dalen. „Nu zien we dat nog niet. Wel aan de oostkust, waar de prijzen van huizen aan zee al zakken.”

Dat laatste komt door overstromingen als gevolg van de stijging van de zeespiegel en orkanen. Persbureau Bloomberg schreef in 2018 dat overstromingen in New Jersey, New York en Connecticut 14 miljard dollar aan waarde hebben weggevaagd op de huizenmarkt.

Californië kent al zogeheten ‘klimaatfaillissementen’. Merced Property and Casualty, een kleine verzekeraar, viel in 2018 om na de zogeheten Camp Fire, toen nog de grootste bosbrand ooit in de staat. „Zij konden de claims niet betalen”, zegt Ambrosio Preudhomme. Ook elektriciteitsbedrijf PG&E ging in januari 2019 failliet door bosbranden in de twee jaar ervoor. Via de elektriciteitsleidingen van PG&E zouden die zijn ontstaan, wat een stroom claims opleverde. PG&E maakte daarna een doorstart, maar beleggers in aandelen en obligaties van het bedrijf raakten veel geld kwijt.

Lees ook: Het klimaat wordt steeds meer een kredietrisico

Klimaatkennis in huis halen

Dergelijke verhalen zijn voor financiële instellingen reden om nu snel kennis in huis te halen over het klimaat. Four Twenty Seven werd vorig jaar overgenomen door Moody’s, een van de grote kredietbeoordelaars uit New York, die inmiddels het klimaat meeneemt in ratings van bedrijven en overheden.

Bij Moody’s Analytics, de adviestak van Moody’s, werkt Adam Kamins, die eveneens deelneemt aan het videogesprek. Het is nog te vroeg om de schade door de branden te kwantificeren, zegt hij. „Maar de vernietiging is gigantisch. De kosten zullen 2 tot 4 miljard dollar bedragen, of meer, door fysieke schade en door economische activiteit die stilvalt.”

Opgeteld loopt de schade door natuurrampen in de VS snel op, blijkt uit cijfers van de federale milieu-informatiedienst NOAA. Het afgelopen decennium ging het om 80 miljard dollar per jaar, tegenover 50 miljard in de jaren 2000, 27 miljard in de jaren 90 en 13 miljard in de jaren 80 (gecorrigeerd voor inflatie). De vijf jaren met de meeste rampen met schade van één miljard of meer vielen allemaal in het voorbije decennium. „De meeste verwoesting veroorzaken orkanen, die nog meer infrastructuur kapot maken dan bosbranden”, zegt Kamins, terwijl orkaan Sally de Amerikaanse zuidkust treft. „De elektriciteit ligt na orkanen bijvoorbeeld soms langere tijd stil.”

De relatie tussen klimaatverandering en orkanen is complex, maar duidelijk is dat de opwarming zware orkanen stimuleert.

Of de toename van de schade door natuurgeweld ook leidt tot minder economische groei, is nog de vraag. De maatstaf voor groei is het bruto binnenlands product (bbp). In een analyse uit 2017 schreef Moody’s dat schade door natuurgeweld vaak amper in bbp-cijfers terechtkomt, omdat het bbp slechts de productie van goederen en diensten meet, niet de waarde van vernietigd vermogen. Tijdens een ramp valt de economische productie scherp terug, maar daarna komt zij vaak weer snel op gang – denk aan het herstel van huizen. Niettemin denkt Kamins dat klimaatverandering uiteindelijk „als een rem” zal werken op de economische groei in de VS. „Het is absoluut een economisch risico op de langere termijn.” 

Huizen in overstromingsgebieden

Dit economische risico kan zomaar een financieel risico worden. Vorige week concludeerde een federale financiële toezichthouder, de CFTC, in sterke bewoordingen dat „klimaatverandering een belangrijk risico vormt voor het financiële systeem” in de VS, onder meer vanwege de kwetsbaarheid van hypotheken op huizen in overstromingsgebieden.

Nu al, zo liet academisch onderzoek van denktank NBER vorig jaar zien, halen banken deze hypotheken van hun balans door ze te verkopen aan semi-overheidsinstellingen Fannie Mae en Freddie Mac. Daarmee wordt het klimaatrisico in feite overgeheveld naar de overheid, zei één van de onderzoekers in The New York Times.

Dat klimaatverandering nú al in de papieren loopt, en niet pas in een verre toekomst, is ook buiten de VS merkbaar. Het internationale goederentransport stuit bijvoorbeeld op problemen in het Panamakanaal. Omdat het waterpeil van de meren die het kanaal van water voorzien de laatste jaren daalt, door weinig regen en veel verdamping, moeten schepen sinds begin dit jaar een ‘zoetwatertaks’ van 10.000 dollar betalen als ze langer zijn dan 38 meter. Vorig jaar moest de belading per schip worden gereduceerd. Overigens ontstaan door klimaatverandering ook nieuwe zeeroutes via de Noordpool waar het ijs smelt.

Dichter bij huis, in Europa, is het economische klimaateffect onder meer zichtbaar aan de Rijn en zijn uitloper de Waal, die steeds vaker kampen met (extreem) laag water. Het worden, in plaats van ‘gemengde’ rivieren met smelt- en regenwater, steeds meer pure regenrivieren, omdat de gletsjers in de Alpen krimpen en doordat er minder sneeuw valt. Dat betekent dat het waterpeil sterker fluctueert. Daar komen de toenemend droge zomers in Europa bij.

Lees ook: De Waal krijgt steeds meer ups en downs

In de zeer droge en hete zomer van 2018 werd de Rijn vrijwel onbevaarbaar, waardoor Duitse industriële giganten als ThyssenKrupp en BASF hun grondstoffen en halffabrikaten niet op tijd kregen. Het effect was aanzienlijk: in het derde kwartaal van 2018 kromp de Duitse economie met 0,2 procent, een daling die volgens economisch onderzoeksinstituut IfW in Kiel volledig toe te schrijven was aan de lage waterstand in de Rijn. In Nederland leed de scheepvaartsector tussen de 65 en 220 miljoen euro schade.

In het publieke en politieke debat, ook deze week rond Prinsjesdag, gaat het vaak over de hoge kosten van het klimaatbeleid. Inmiddels is duidelijk dat ook de directe gevolgen van klimaatverandering zelf een strop aan het worden zijn.