Opinie

Wat is er aan de hand in de Doelen?

Opinie 010 Vooral met weinig publiek, zoals nu, is de akoestiek in de zalen van de Doelen onder de maat. Het probleem is al jaren bekend en relatief eenvoudig op te lossen, zegt Cees Mulder. Nu is hét moment om de klank in de Doelen op orde te krijgen.

Illustratie Stella Smienk

In de Rotterdambijlage schreef Hans Koolmees een opinie (Wat is er aan de hand bij de Doelen? NRC 2/11) waarin hij een lans brak voor een meer gedurfde programmering. Graag, maar dan moeten die zalen wel klinken. Al bijna 25 jaar woon ik in Rotterdam, en ik ben een groot liefhebber van symfonische muziek. Ik heb lange tijd een abonnement gehad op een serie van het Rotterdams Philharmonisch Orkest, maar in de Doelen kom ik niet meer; dat heb ik enige jaren geleden al opgegeven. Ondanks dat ik het liefst in mijn eigen stad, naar de zaal ga van die stad, om te luisteren naar het orkest van die stad.

De reputatie van de Doelen met betrekking tot de klank in de zaal is van aanvang aan discutabel geweest. Al voor de laatste renovatie van 2009 was er sprake van versmering van de orkestklank, waardoor details verloren gingen. De orkestbalans was vaak zoek, tutti forte betekende vaak tutti koper. Maar sinds die renovatie is de klank een ware nachtmerrie. De klankversmering (dat klinkt als de vervorming bij een analoge cassetteband) is zo sterk dat veelvuldig elk detail in een compositie verloren gaat. De orkestbalans is vaak ver te zoeken en solisten spelen wel, maar waarneembaar zijn ze soms nauwelijks (bij tutti forte en sterker).

Raad voor Cultuur wil per regio experimenteren met vollere zalen

Het orkest klinkt veelal hard en agressief. Door maskering die in de zaal en met name rondom het podium optreedt (musici horen de zaal niet antwoorden op hun spel) hebben musici duidelijk moeite te beoordelen hoe luid ze spelen, dus spelen ze te luid (en worden ze doof). Musici die ik heb gesproken melden dat het na de renovatie niet beter is geworden en dat het op het podium vaak erg luid is. Mijn bevindingen heb ik kenbaar gemaakt aan de Doelendirectie, inclusief verslagen van concerten en indicaties hoe de situatie te verbeteren. Men gaf aan dat er toch echt niets aan de hand is, ondanks dat ze in hun interne correspondentie wel degelijk melden dat er iets niet klopt.

Nochtans heb ik het vorig jaar weer geprobeerd: één repetitie en drie uitvoeringen in de grote zaal (waarvan twee tijdens de Operadagen) en een uitvoering in de kleine zaal (Operadagen). In beide zalen is de klank een grote teleurstelling. In de grote zaal smeert het klankbeeld nog steeds dicht (ook bij luidsprekergebruik, zoals bij Einstein on the Beach), de orkestbalans is vaak hopeloos, de klank is nog steeds hard en agressief en details gaan verloren in een brei van geluid (versmering). O ja, solisten, je ziet ze.

Het publiek heeft de weg terug de zalen in nog niet helemaal gevonden

Bij mindere publieksbezetting, zoals in deze corona-tijden, klinkt het orkest ver weg. Leek het orkest vroeger op het Weena te zitten, nu speelt het vanaf de Provenierssingel. Tevens gaat de zaal in die situatie dan ‘sissen’ vanwege de sterke galm in de hogere frequenties. In de kleine zaal klinkt een orkest alsof het in een orkestbak speelt, de klank is hard en iedere ruimtelijkheid van het geluid in deze zaal is afwezig.

Is daar werkelijk niets aan te doen? Zeker wel! Zelfs met enkele relatief eenvoudige middelen kan men de grote zaal van de Doelen zo laten klinken dat het Concertgebouw verwordt tot een B-zaal. Het is mogelijk een orkestklank te bekomen met veel details en een zaal die wonderschoon uitklinkt, en orkesten zullen er beter gaan klinken. Voor de kleine zaal geldt hetzelfde. Met een paar relatief eenvoudige middelen kan ook deze zaal mooi ruimtelijk en warm klinken. Hoe moeilijk kan het zijn. Nu langzaam de podiumkunsten weer opstarten, zij het met veel minder publiek, is het zaak de klank in de Doelen op orde te krijgen. Doelendirectie, los het nu eens op en ik kom terug als abonnementhouder. Ik wil daar gewoon genieten van muziek.

Cees Mulder akoesticus, Rotterdam