Joëlle Smits gaat volgende zomer van PSV naar VfL Wolfsburg.

Foto Olivier Middendorp

Interview

PSV-spits Joëlle Smits: ‘Door jongens leerde ik slim spelen’

PSV-spits Joëlle Smits (20) vertrekt volgend seizoen naar de Duitse topclub VfL Wolfsburg. „Het hoogst haalbare is op dit moment een buitenlandse competitie.”

Toine Smits wenkt zijn dochter. „Kom je erbij, Joëlle? Wil je koffie?” De spits van PSV is net met de fotograaf naar het pleintje gelopen waar ze als kind voetbalde. Vlakbij stadion De Vliert van FC Den Bosch. Bij de juiste windrichting kon ze als kind horen wanneer er een doelpunt was gevallen. Sinds haar geboorte woont de 20-jarige Smits met haar ouders en broer in een rijtjeshuis in Hintham, een stadsdeel van Den Bosch.

Dinsdag maakte PSV bekend dat Smits, de topscorer van vorig seizoen, komende zomer voor drie jaar naar VfL Wolfsburg vertrekt, de verliezend Champions League-finalist. Wolfsburg had haar liever meteen ingelijfd, maar Smits had nog een contract voor twee jaar. Dus betalen de Duitsers een (onbekende) transfersom en speelt zij nog één seizoen voor PSV.

„Het is de gunfactor”, zegt Toine Smits. „PSV speelt dit seizoen Champions League. Ze hadden makkelijk kunnen zeggen: jij dient je contract uit.”

Joëlle: „Bij de start van de competitie ga je er niet vanuit dat je nog een speelster verliest. Je hebt je tactiek, opstelling en speelstijl al bepaald. Ik begrijp heel goed dat ze me niet meteen kwijt wilden.”

Aan de keukentafel vertelt het gezin Smits over het gezin Smits. „Warm”, „hecht” en „open” zijn de woorden die vallen.

Toine is voetbalfanaat. Hij kijkt elke dag wel een wedstrijd, mannen en vrouwen. Was scout voor PSV en FC Den Bosch. „Ik kan, net als Joëlle, slecht tegen mijn verlies”, zegt hij. „En doelen halen vind ik heel belangrijk.”

Joëlle Smits: „Voetbal is mijn passie.” Foto Olivier Middendorp

Waar sommige andere voetbalouders hun kind de hemel in prijzen, kijkt hij ook naar wat er beter kan. „Wie vier doelpunten in een wedstrijd maakt, verdient niet alleen lof. Die ballen worden natuurlijk ook door iemand aangespeeld. Je moet wel reëel blijven.”

Mentaal is Joëlle door dat soort levenslessen sterk geworden, denkt hij. „Ze is leergierig, gedisciplineerd en kan goed tegen kritiek.”

Hij mag dan een fanatieke voetbalvader zijn, zegt Toine Smits, maar hij heeft Joëlle nooit gepusht. „Dat ze uitblonk bij de D’tjes, E’tjes en F’jes wilde niet zeggen dat ze doorging naar de Eredivisie, laat staan een buitenlandse topclub. Als het niet was gelukt, was het ook goed geweest.”

Rachel: „We vonden het al bijzonder toen de KNVB interesse toonde. Joëlle moet vooral dingen doen waar ze plezier aan beleeft.”

Rachel noemt zichzelf „nuchter en relativerend”. Van haar leerde haar dochter haar gevoel te volgen. Wilde ze echt al op haar vijftiende op kamers in Eindhoven om een opleiding aan het Centrum voor Topsport & Onderwijs (CTO) te volgen? Dan moest ze dat lekker doen.

Eigenlijk had Joëlle al op haar veertiende bij het CTO willen beginnen. Maar het ouderlijk huis verlaten op die leeftijd vonden ze daar wat extreem. Dus bedacht trainer Johan van Heertum een „maatwerktraject”. Joëlle speelde eerst nog een jaar met de jongens van Brabant United, de gezamenlijke jeugdopleiding van RKC en FC Den Bosch. Zo kon ze op een hoger niveau spelen en toch thuis blijven wonen. In die tijd was zij volgens Van Heertum al een „sluipmoordenaar” op het veld. „Als er een bal gespeeld werd, zat ze er áltijd tussen.”

Slim spelen

Iedereen in huize Smits vindt dat jonge, excellerende voetbalsters het beste met jongens kunnen spelen. Tot hun vijftiende, als de verschillen te groot worden. „Jongens zijn fysiek sterker en sneller”, zegt Joëlle. „Dat dwong mij om slim te spelen, andere loopacties te maken. Daar ben ik veel beter van geworden.”

Dat steeds meer clubs in de Vrouwen Eredivisie met een eigen jeugdopleiding komen vindt zij een goede zaak, want dat zorgt voor betere doorstroming. „Maar bij PSV begin je die opleiding niet voor je vijftiende”, zegt zij. „Dus wat doen meiden die uitblinken om zich te ontwikkelen? Bij de jongens spelen, wat mij betreft.” Zelf deed ze dat vanaf haar zesde, toen ze op het schoolplein jongens zag voetballen en dacht: dat wil ik ook.

Toine: „Als we de stad in gingen nam je áltijd je bal mee. Ging je tegen een muurtje spelen. Mensen zeiden: wat moet zij toch met die bal?”

Rachel: „Het was een andere tijd. Toen was het nog meisjesvoetbal. Er waren geen Eredivisie-uitzendingen op tv. Nu kijken 100.000 mensen naar live duels bij Fox Sports.”

Toine: „De Eredivisie heeft sponsor ING binnengehaald. En internationals als Sari van Veenendaal komen terug uit het buitenland. Echt prachtig wat er allemaal gebeurt.”

Had de topscorer van de Eredivisie niet liever deel van die ontwikkeling willen uitmaken? Joëlle Smits zwijgt even. „Ik denk dat dat gewoon voetbal is”, zegt ze. „Je wil als speelster het hoogst haalbare en het hoogst haalbare is op dit moment een buitenlandse competitie. De Eredivisie gaat vooruit, maar in het buitenland hebben ze een grote voorsprong. Daar zijn ze eerder begonnen met vrouwencompetities en hebben ze meer geïnvesteerd.”

Toine: „In Duitsland voetballen een miljoen vrouwen, hier 200.000. De competitie is sterk, ook aan de onderkant.”

Beenbreuk

Na een jaar met de jongens van Brabant United te hebben gespeeld, was Smits meer dan klaar voor het CTO.

Moeder Rachel: „Maar bij de eerste de beste oefenwedstrijd brak zij haar been. Dat was een flinke tegenvaller. Een nieuwe stad, een nieuwe woning en dan ook nog die blessure. Ik zei: dit is hard, maar jij gaat voor 200 procent terugkomen.”

Toine: „Een week na de breuk deed ze al haar eerste oefeningen. Normaal staan er negen maanden voor zo’n blessure. Zij stond na vier maanden alweer op het veld.”

„Mijn zwaarste periode,” zegt Joëlle zelf. „Maar ik merkte ook hoeveel voetbal voor mij betekent. Dat gaf energie.” Tijdens de coronastop voelde ze hetzelfde gemis. Andere hobby’s of bezigheden heeft ze niet, op een cursus personal trainer na. „Voetbal is mijn passie.”

Met dezelfde verbetenheid als tijdens haar blessure-periode, wil zij zich in haar laatste jaar bij PSV blijven ontwikkelen. Niet alleen voor PSV, waarmee zij landskampioen hoopt te worden, maar ook omdat zij beseft dat Wolfsburg „echt een niveau hoger is”. Ze weet wat haar „verbeterpunten” zijn en gaat daar hard mee aan de slag.

Toine: „De concurrentie bij Wolfsburg is groot. Negen speelsters zijn international. ”

Vorige week is ze er een kijkje gaan nemen, vertelt Joëlle. „Ik heb het stadion gezien waar de vrouwen spelen. Het trainingscomplex. Het krachthonk. Het zag er allemaal goed uit.”

Zelfs voor iemand die vanaf haar vijftiende uit huis woont, zal het niet makkelijk worden het vertrouwde Brabant achter zich te laten. „Bij PSV heb ik alles wat ik belangrijk vind. Iedereen kent en groet elkaar. Dat geeft mij een fijn gevoel. Maar mijn doel is het allerhoogste niveau te bereiken. Daar heb ik veel voor over.”

Rachel: „Het is vierenhalf uur rijden vanaf Den Bosch. Dat worden veel weekendjes Wolfsburg.”

Toine richt zich tot zijn dochter. „En Dominique [Janssen] speelt bij Wolfsburg. Een leuke meid die goed kan voetballen.” Hij lacht. „Die mag daar voorlopig niet weg.”

International

Sinds maart dit jaar mag Joëlle zich international noemen. In een vriendschappelijke wedstrijd tegen Brazilië viel zij zes minuten in. Voor het EK-kwalificatieduel tegen Rusland, vrijdag in Moskou, deed bondscoach Sarina Wiegman geen beroep op haar, maar ze trainde wel mee met de selectie en staat standby.

„Dat is niet erg”, zegt Toine Smits berustend. „Die meiden zijn hartstikke goed. Je blijft er gewoon hard voor werken.”

Joëlle knikt. „Er is niets mooiers dan voor je eigen land uitkomen.”