Recensie

Recensie Beeldende kunst

Berghain maakt coronanoodsprong: van nachtclub tot galerie

Expositie De befaamde Berlijnse nachtclub Berghain moest dicht vanwege corona, maar besloot verder te gaan als galerie. Daar blijkt het industriële gebouw uitstekend geschikt voor.

Beeld van Dirk Bell op de expositie ‘Studio Berlin’, voor Berghain.
Beeld van Dirk Bell op de expositie ‘Studio Berlin’, voor Berghain. Foto Noshe

Dood is de beroemde Berlijnse technoclub Berghain niet. Maar na een gedwongen coronasluiting van bijna een half jaar heeft het wilde leven er plaatsgemaakt voor stille beschouwelijkheid.

De nachtclub met zijn berucht strenge deurbeleid heeft zijn kale donkere ruimtes opengesteld voor nieuw werk van Berlijnse kunstenaars. Wie wil komen kijken hoeft niet uren in de rij te staan, met het risico afgewezen te worden bij de deur, maar kan online keurig een kaartje bestellen voor een bezoek met of zonder rondleiding.

Binnen geen dreunende klanken, geen geuren van parfum, zweet of andere lichaamssappen. Wel een veelheid aan installaties, schilderijen, sculpturen en video’s van 117 bekende en minder bekende kunstenaars in de duistere zalen, hallen en gangen van dit bijzondere gebouw, ooit een centrale van de stadsverwarming.

Toen alle Berlijnse nachtclubs dit voorjaar vanwege corona dicht moesten, zagen de eigenaren van Berghain meteen voor zich hoe hun club de stille tijd kon doorkomen. Ze benaderden kunstverzamelaars Christian en Karen Boros, bekend om de bovengrondse bunker uit de Tweede Wereldoorlog waar ze, in hartje Berlijn, delen van hun collectie tentoonstellen (en wonen). Wilden ze niet een tentoonstelling in Berghain samenstellen?

Berlijnse nachtclub Berghain is hoge cultuur

„Op zo’n aanbod kan je geen nee zeggen”, zegt Christian Boros, in een najaarszonnetje voor de deur van de nachtclub. „Berghain is bekend bij mensen over de hele wereld. Niet alleen omdat ze er kunnen dansen, zich seksueel kunnen uitleven of kunnen hopen dat ze worden toegelaten. Maar vooral omdat het een plaats is die synoniem is met vrijheid. Net als kunst.”

Olafur Eliasson

Boros en zijn vrouw besloten geen kunst uit hun eigen collectie te laten zien, maar gingen bij meer dan zestig Berlijnse kunstenaars langs in hun ateliers, op zoek naar nieuwe creaties, liefst ontstaan in 2020. Het leverde, onder de naam Studio Berlin, een inspirerende greep op uit het sterk uiteenlopende werk dat de kunstenaars uit allerlei landen nu in Berlijn maken. Van Olafur Eliasson, Rosemarie Trockel en Cyprian Gaillard tot Willem de Rooij, Jonas Brinker en Sven Marquardt (ook bekend als poortwachter van Berghain).

Het gebouw, met zijn rauwe interieur van verweerd staal en beton en zijn indrukwekkende, achttien meter hoge hal, leent zich er bij uitstek voor. „We willen niet inspelen op voyeurisme van het publiek”, zegt Boros vroom, „de darkrooms blijven gesloten.” Maar als de reclameman die hij van beroep is, moet hij beseffen dat de reputatie van de club ideaal is om de nieuwsgierigheid van het kunstpubliek te prikkelen.

Wie aankomt bij Berghain wordt meteen geconfronteerd met de actuele vraag hoe het na corona verder moet – met de kunst en de rest van het leven. MORGEN IST DIE FRAGE, staat in grote zwarte letters op een wit spandoek over de volle breedte van het gebouw, een statement van Rirkrit Tiravanija.

Werk van Rirkrit Tiravanija op buitenzijde Berghain Foto Noshe

Naast de toegangsdeur staat een stalen constructie van Dirk Bell – bij nadere beschouwing een kapitale L, waarvan de twee zijden steun bieden aan een O, met daarin een V, die tussen beide benen een e heeft geklemd. Tot zover de liefde.

Ook als tijdelijke kunsthal houdt Berghain strikt vast aan zijn beleid dat binnen niet gefotografeerd mag worden – lenzen van telefoons worden bij de ingang afgeplakt. Zo wordt de bezoeker gedwongen, waar vind je dat nog, zelf te kijken en zich later op eigen kracht te herinneren wat hij heeft gezien.

In de eerste hoge hal deint hoog boven je hoofd een boei op en neer, alsof hij door golven wordt opgetild, neergesmakt en weer wegdrijft. Een ingenieuze en beklemmende installatie van Julius von Bismarck.

Een beetje flauw is de reuzekomkommer van tentdoek van Rosemarie Trockel die eerst fier uit een muur steekt en dan langzaam verslapt, getiteld My generation, no meat, Katerstimmung. Olafur Eliasson heeft drie ronde spiegels opgesteld, die kunstwerken van zijn collega’s weerkaatsen. Een grote video van een brandende fontein, van Julian Charrière, lijkt iets te veel afgekeken van Bill Viola.

Maar in een spookachtig donker hoekje verrassen drie metershoge magere gestaltes van Sandra Mujinga, louter bestaand uit zwarte leren jassen en broeken. In de stalen wand van de unisex-wc’s heeft Cyprien Gaillard een rustiek luilekkerland-tafereeltje gegraveerd. En omdat Jeewi Lee tijdens de lockdown vastzat in Casablanca, waar ze geen materiaal had, heeft ze met koffie en papier een ingetogen Rothko-voor-coronatijden gemaakt. De afgelopen maanden waren zwaar, maar ook een vruchtbare tijd, blijkt in Berghain.

Studio Berlin, in Berghain, Berlijn. Inl: studio.berlin