Reportage

Na de voorafjes twee death metalbands als hoofdgerecht

Gourmetal in Eindhoven Een combinatie van een populaire dinervorm op kinderverjaardagen, en een van de meest nietsontziende muziekstijlen die er is: gourmetten en death metal. In de Effenaar in Eindhoven konden honderd metalfans zaterdagavond samen gourmetten en zittend headbangen, tijdens Gourmetal.

Recept voor een bijzondere avond: gourmetten onder het genot van heavy metal.
Recept voor een bijzondere avond: gourmetten onder het genot van heavy metal. Foto Patrick Spruytenburg

Oorverdovend hard klinkt Motörhead’s ‘Overkill’ door twee uit de kluiten gewassen speakers over de parkeerplaats achter poppodium de Effenaar in Eindhoven, nog vroeg op de zaterdagavond. „Harder!” schreeuwt iemand aan een van de tafels die er staan opgesteld en waarop de pannetjes meetrillen.

Inderdaad, pannetjes. Het idee is even simpel als briljant: Gourmetal. Een coronaproof avond waarop maximaal honderd bezoekers een combinatie krijgen van een van de meest nietsontziende muziekstijlen die er is, death metal, met een favoriet op vele kinderfeestjes, gourmetten.

Briljant, hoewel er geen rekening is gehouden met de wind. De vlammetjes in de gourmetstellen waaien uit en een tijdlang is het enige wat de muziek overstemt, het steeds wanhopiger geklik van keukenaanstekers. Klik. Klik. „Godver, ga aan!”, maant er een. „Het zal straks wel druk worden bij de shoarma”, grijnst een ander, terwijl hij naar z’n glazige stukje koude kip in zijn pannetje kijkt. De aanstekers worden vriendschappelijk aan elkaar doorgegeven, maar al snel verliezen sommigen het geduld en worden er stukjes hout in de vuurtjes gepropt. Meteen wordt duidelijk waarom dit niet binnen kon worden georganiseerd, zonder ook de plaatselijke brandweer uit te nodigen.

Dat een ei er ook als het vuur wel aanstaat alsnog 20 minuten over doet om de grens van de voedselveiligheid te halen, drukt de pret niet: de Effenaar doet het niet voor een Michelinster, en er is bovendien ruim de tijd genomen. De hoofdmaaltijd – de twee death metalbands Bodyfarm en Carnation – begint pas als alle vleesjes en spiesjes en andere liflafjes zijn opgepeuzeld.

Peep- en dinnershows

Je ziet het in de hele culturele wereld: van de coronabeperkingen en regels omtrent evenementen wordt men creatief. De Brakke Grond in Amsterdam bedacht een ‘peepshow’-opstelling, zodat bezoekers in aparte hokjes een voorstelling kunnen zien. Het Rotterdamse museum Boijmans Van Beuningen liet bezoekers in Ahoy met hun auto langs kunst rijden. TivoliVredenburg in Utrecht kwam met ‘Walk the Line’, een tour langs optredens door het gebouw. En in het hele land is de dinnershow weer helemaal terug. Gourmetal is eigenlijk ook gewoon een dinnershow, alleen is het eten eerst en komt de show erna.

In de grote zaal dan ook geen tafeltjes, maar huiselijke banken en prettige stoelen. „Een beetje gek, maar het is iets. Pakken wat je pakken kan!”, gromt frontman Alex Scheepers van de Amersfoortse band Bodyfarm – typisch zo’n sympathieke, hardwerkende band die je er altijd bij kunt hebben. Foutloos is het niet, maar enthousiast wel. Bovendien, alleen al de adrenalinekick van dit soort bijna puur fysieke muziek, die prikkeling van al je zintuigen tegelijk, is zo zeldzaam en uniek geworden dat de endorfinen het winnen van het al te kritisch gehoor – ook een verdienste van de band.

De Belgische band Carnation, die volgende week het album Where Death Lies uitbrengt, speelt daarna alsof ze dit nog altijd avond aan avond doen. Met een met bloed besmeurde frontman, een drummer die als een octopus over z’n drumstel raast en de diep gegorgelde aankondigingen van de nummers bewijzen ze dat death metal een kijksport is.

Zittend headbangen kan – en gebeurt – maar blijft natuurlijk behelpen, zeker voor een aantal bezoekers die het niet kan laten naar het podium toe te lopen om met een grote grijns de decibellen door hun haren te laten waaien, voordat ze terug naar hun stoel worden gestuurd. Dit is als een groot glas water na een tocht door de woestijn voor deze fans.

Krukje met shotsglaasjes

Op een goed moment staat een oudere fan – petje, grijze mat in zijn nek, spijkerjasje vol bandlogos – van zijn bank op en zwaait met een hand een rond krukje omhoog. Meteen gaat er op de bank achter hem een biertje omhoog om er tegen te proosten. Klink. Even later loopt iemand met zo’n zelfde krukje, alle gaten opgevuld met volle shotsglaasjes. Makkelijk én coronaproof deelt hij ze met uitgestoken kruk uit.

Taferelen die het bijna een gewone metalavond maken. Maar plezier en pijn zitten dicht bij elkaar in coronatijd. Dat Effenaar-medewerker Tijs bij de persaanvraag van deze krant liet weten dat dit z’n laatste evenement zou zijn, omdat hij een van de 45 gedwongen ontslagen bij het poppodium is, maakt de problemen en het beperkte perspectief in deze sector zichtbaar. Gourmetal is een van de grappigste coronaconcepten, maar voor sommigen een galgenmaal.