Waarom zijn windmolens altijd wit?

Durf te vragen De kleuren van windmolens zijn niet willekeurig gekozen. Er zit een wereld van regelgeving achter.

Wandelend door het Drentse Bargerveen vallen ze op: de windmolens, net over de Duitse grens. Alle wieken hebben wit met rode strepen. Nederlandse windturbines kennen zo’n kleurcode niet. Soms heeft de zuil een ander kleurtje, maar de wieken zijn steevast wit. En zelfs wieken die wel een rode decoratie hebben – zoals in Duitsland en de VS – zijn toch hoofdzakelijk wit, of hooguit lichtgrijs. Waarom?

De voornaamste reden lijkt esthetisch van aard, schreven Britse wetenschappers in 2013 in het European Journal of Wildlife Research: wit valt vanaf de grond niet te veel op. Er zijn zelfs standaardkleuren voor windmolenverf: RAL 9010 (wit) of RAL 7035 (lichtgrijs). De Delftse ingenieur Bart Ummels, gespecialiseerd in offshore-windenergie: „ In de jaren 80 was in Denemarken al aandacht voor het reduceren van visuele hinder door windturbines: wit is weinig overheersend, en drie rotorbladen ogen rustiger dan twee. Die Deense standaard werd wereldwijd gangbaar.”

Rode strepen of puntjes

Nog een reden: vanuit de lucht zijn witte objecten goed zichtbaar voor piloten. Rode strepen of puntjes vergroten de zichtbaarheid bij mistig weer of bij sneeuw, zegt Ummels. Zo hebben Duitse windmolens die zich binnen 5 kilometer van een vliegveld bevinden één rode streep aan de wiekpunt. Staan ze er verder vanaf, dan hebben ze twee strepen.

In de VS heeft de Federal Aviatian Administration officiële kleurcoderingen uitgegeven: windmolens mogen ofwel geheel wit zijn (met rood knipperlicht bovenin) ofwel (in gebieden met veel sneeuw) een rood-wit gestreepte mast hebben. Al is het geen écht rood, maar aviation orange. De wieken moeten altijd wit zijn.

Windmolenmasten zijn ook in Nederland niet altijd wit. Exemplaren van fabrikant Enercon hebben aan de onderkant vijf groene strepen. Daardoor zou het contrast tussen mast en weiland minder storend zijn, en zou het ‘groene’ karakter van de turbines worden benadrukt. Andere kleurcodering is aanwezig bij windturbines op zee: daar is het onderstel van de mast geel, om de zichtbaarheid voor schepen in slecht weer te vergroten.

Extra veel insecten

De keuze voor windmolenkleur heeft ook gevolgen voor de natuur. In de Britse studie uit 2013 bleek dat witte windmolens extra veel insecten aantrekken, en daardoor ook extra veel vogels en vleermuizen – met dodelijke botsingen tot gevolg. Paarsgeverfde wieken zouden de minste insecten trekken – maar, zo benadrukken de onderzoekers, ook andere factoren spelen vermoedelijk een rol. Zo zouden insecten ook op de warmte van de turbines kunnen afkomen. En vleermuizen gebruiken windmolens wellicht ook voor echolocatie om prooien op te sporen.

Noorse biologen opperen in een recente studie in Ecology & Evolution om één wiek per windmolen zwart te verven, en zo ‘motion smear’ (bewegingsonscherpte) te voorkomen. Dat concluderen ze op basis van kleinschalig veldonderzoek en op basis van labonderzoek uit 2003 (daaruit bleek: één geverfde of gestreepte wiek is het meest effectief). Vooral roofvogels zouden hierdoor minder snel tegen de wieken aanbotsen. Han Lindeboom, emeritus hoogleraar mariene ecologie: „Roofvogels zijn erop getraind om bewegingen waar te nemen en het zou kunnen dat juist zo’n zwarte wiek ervoor zorgt dat ze een pulserend beeld zien in plaats van een continu witte waas. Maar of andere vogels net zo scherp zouden reageren is de vraag.” Een laagvliegende soort als de moerassneeuwhoen heeft sowieso geen baat bij de uitkomst: die vliegt tegen de mast in plaats van tegen de wieken.