‘Niet iedereen hoeft zero waste te leven’

Spitsuur Martine Haitjema-Bauhuis (37) en Gert Haitjema (47) leven zoveel mogelijk zonder afval. Ze eten veganistisch en kopen de kindercadeaus tweedehands. „We krijgen geen negatieve reacties. Hooguit verbazing: eet je nog wel?”

Martine: „In maart vorig jaar zijn we overgestapt naar veganistisch eten. We zijn bij een voedingsdeskundige geweest, we willen wel dat de kinderen voldoende voedingsstoffen binnenkrijgen.”
Martine: „In maart vorig jaar zijn we overgestapt naar veganistisch eten. We zijn bij een voedingsdeskundige geweest, we willen wel dat de kinderen voldoende voedingsstoffen binnenkrijgen.” Foto David Galjaard

Gert: „Stiekem check ik ’s ochtends als ik net wakker ben geworden al of er mail is binnengekomen.”

Martine: „Ik begin ook met de werkmail, nog voordat de kinderen wakker zijn – gewoon om een schoon gevoel te hebben. Alleen ’s avond gaat de telefoon weg. Daar worden we steeds beter in.”

Gert: „Vroeger ging ik gewoon door.”

Martine: „We vinden ons werk ook allebei leuk. Niet omdat het moet, het gebeurde gewoon. Maar op een gegeven moment dachten we: hé, er is ook een gezin, en vrije tijd.”

Gert: „Ik ben ‘concerncontroller’ bij Nauta Group, een groothandel in sleutels, hang- en sluitwerk en kluizen. Ik ben het financiële geweten, zeg maar. Als Fleur, mijn dochter uit een vorige relatie, hier is, ontbijt ik met haar en onze zoon Jacob. Daarna breng ik ze naar school en de opvang.”

Martine: „Ik ben van huis uit musicus, ik ben fluitiste. Ik gaf drie dagen les en speelde de rest van de week als freelancer voor orkesten of ensembles. Ik gaf hier in Losser les, ik ben er zo ook in de ondernemingsraad van de muziekschool beland. Ook had ik ideeën voor het onderwijs, en zo ben ik in mijn huidige functie bij de organisatie van Stichting Fundament gekomen, het cultureel-maatschappelijk centrum in het dorp. Die switch was in 2017, na mijn zwangerschap. Als ik de fluit aanraakte, werd ik niet meer gelukkig. Als je mijn cv bekijkt is dat wel raar, een leidinggevende functie met een conservatoriumopleiding. Maar ik kom heel ver met mijn boerenverstand. En Gert kan het allemaal goed vertalen voor mij.”

Gert: „Ik heb als accountant gewerkt bij Deloitte, daar kreeg je veel interne opleidingen, zoals zakelijk advies geven en rapporten schrijven.”

Martine: „Op de muziekschool leerden we elkaar beter kennen. Gert zat in het bestuur. Hij was getrouwd en ik zat nog in een relatie. We dachten er verder niet bij na dat het zou kunnen uitgroeien tot een relatie. Ik was net weg bij mijn vriend, dat is in 2014 geweest. In het begin was het lastig, mijn omgeving moest wennen dat het zo snel ging.”

Voetafdruk

Martine: „In de zomer van 2018 heb ik een test ingevuld op de site van het Wereld Natuur Fonds, over onze [ecologische] voetafdruk. Ik dacht al dat we goed bezig waren: fiets pakken, biologisch eten, niet te veel vlees. Maar uit de test bleek dat ik een heel gemiddelde Nederlander ben. Later dat jaar, in oktober, was het de week van de duurzaamheid. Op ons werk kwam een aantal mannen vertellen over zonnepanelen en elektrisch rijden. Maar ze kwamen binnen met flyers en plastic bekertjes koffie. Ik moest daar om grinniken. Niet op een verwijtende manier – want ik deed hetzelfde. Maar ik ben me toen wel gaan verdiepen in de vraag: hoe kan ik een verschil maken?”

Gert: „Het verliep heel natuurlijk.”

Martine: „In het begin vond ik het wel wat ongemakkelijk. Nu heb ik geen schaamte meer. Ik ging naar de kaasboer en nam een kaasdoek mee. Hij zei: moet dat ingepakt worden als een cadeautje of zo?”

Gert: „De visboer zei juist: dat zouden meer mensen moeten doen.”

Martine: „Het is leuk dat we nu uit die oude denkwijzen komen. Brood halen we in broodzakken bij de bakker. Op zaterdag is er een kraam in Enschede met biologische groente en fruit. Cadeaus voor de kinderen kopen we tweedehands, en we hanteren een maximum van 33 kledingstukken per persoon.”

Gert: „Je kunt bovendien met veel minder toe, heel vaak.”

Martine: „In maart vorig jaar zijn we overgestapt naar veganistisch eten. We zijn bij een voedingsdeskundige geweest, we willen wel dat de kinderen voldoende voedingsstoffen binnenkrijgen. We maken veel zelf: havermelk, jam, hummus. Een keer per half jaar gaan we naar Amersfoort, naar de Nieuwe Graanschuur, waar je gedroogde peulvruchten, granen, pasta’s en oliën kunt krijgen.”

Gert: „We gaan met twee koffers daarheen, vol met zakjes, bakjes en flessen.”

Martine: „Ik denk niet dat iedereen zero waste hoeft te leven. Maar als men wat bewuster leeft, scheelt dat al een hele hoop. Op werk overstappen naar een eigen mok, bijvoorbeeld.”

Gert: „We krijgen geen negatieve reacties. Hooguit verbaasd: eet je nog wel?”

Martine: „We hebben de plasticcontainer al weggedaan. Jacob heeft nog luiers, maar zodra hij zindelijk is, dan gaat de restcontainer ook weg.”

Leerproces

Gert: „Het opstaan, de kinderen wegbrengen – ik vind het wel prettig. Het geeft veel structuur.”

Martine: „Laatst sneed Gert zich tijdens het scheren. Jacob zei: ‘Papa, je bloedt, moeten we een nieuwe wang gaan kopen?’ Dat is fantastisch. Maar het gezinsleven is ook een leerproces. Ik heb daarin moeilijkheden gehad. Maar goed, het gaat over. Je bent verantwoordelijk voor je eigen geluk en daarin moet je keuzes maken.”

Gert: „Wij staan daar allebei hetzelfde in, soms zeggen we zelfs tegelijk hetzelfde.”

Martine: „Laatst vroegen we aan Fleur: ‘Wat wil je worden?’ Ze zei: ‘Mama’. Toen zeiden we tegelijkertijd: ‘Super, maar je kunt ook meer worden dan alleen mama.’ Hij is mijn thuis. Dat klinkt heel cliché, maar zo ervaar ik het wel.”

Gert: „Ik ook.”

Martine: „Toen we de keuken gingen inrichten, liepen we de winkel in en waren we na een half uur klaar. Of toen we besloten dat we een hond namen – daar was geen gebakkelei over.”

Gert: „Maar je moet niet denken dat we nergens grondig over nadenken, hoor.”