Analyse

Kritiek en emotie na ‘Moria-deal’ coalitie

Tweede Kamer Na spoedberaad besloot de coalitie tóch migranten uit Griekenland te halen. In ruil daarvoor mogen andere vluchtelingen niet komen.

Voedsel wordt uitgedeeld aan migranten op het Griekse Lesbos. Daar brandde vluchtelingenkamp Moria af.
Voedsel wordt uitgedeeld aan migranten op het Griekse Lesbos. Daar brandde vluchtelingenkamp Moria af. Foto AFP

„Beschamend” (PvdA), een „uitruil” (GroenLinks), een „bindmiddel voor de coalitie” (SGP). Hiermee haalt Nederland „nog meer illegale migranten binnen” (PVV). Oppositiepartijen van links tot rechts kraakten in een emotioneel debat donderdagavond het plan van de coalitie om alsnog minderjarigen uit Moria te halen, nadat een brand het opvangkamp op Lesbos in de as legde.

In de Moria-deal is afgesproken dat Nederland honderd kwetsbare migranten van Lesbos haalt, vijftig kinderen van onder de veertien en vijftig andere mensen „in gezinsverband”. Dat aantal gaat af van de vijfhonderd vluchtelingen die Nederland jaarlijks opneemt via een VN-programma. Per saldo komen er zo geen extra vluchtelingen in Nederland bij.

Het akkoord werd eerder die dag gesloten na spoedoverleg tussen de regeringspartijen. Al langer leidde het onderwerp – vangt Nederland wel of geen kinderen op uit Griekenland – tot grote onenigheid tussen VVD en CDA, die dat nadrukkelijk niet wilden, en D66 en ChristenUnie, die daar wel voorstander van zijn.

Woensdag nog zei staatssecretaris Ankie Broekers-Knol (Migratie, VVD) dat het kabinetsstandpunt „dat we geen mensen opnemen” intact bleef. Na de brand was de druk uit de achterbannen van D66, ChristenUnie en ook het CDA niet meer te weerstaan – en veranderde het CDA van standpunt.

De uitkomst maakt opnieuw zichtbaar hoe moeilijk de migratiestandpunten van deze vier coalitiepartijen te verenigen zijn. Naast het opnemen van honderd mensen is ook beklonken mensensmokkel strenger te bestraffen en de asielprocedure in te korten, door het zogeheten aanmeldgehoor samen te voegen met het eerste gehoor. Ook zullen asielzoekers met een verblijfsvergunning die in Nederland een strafblad krijgen, sneller kunnen worden uitgezet.

Daarmee lijkt de uitwerking vooral gunstig voor de VVD. Het aantal vluchtelingen dat Nederland opneemt blijft gelijk én het asielsysteem wordt strenger. Linkse partijen vroegen uitleg aan ChristenUnie en D66, die volgens hen niets wezenlijks hebben bereikt met dit compromis.

„Er komen honderd vluchtelingen bij, maar er gaan er elders honderd vanaf”, schamperde Bram van Ojik (GroenLinks) tegen Joël Voordewind (ChristenUnie). „Daar kun je toch niet blij mee zijn?” Maarten Groothuizen (D66) beaamde dat het „geen reuzenstap” is, Voordewind noemde het „een stapje, al vinden ook wij het te weinig”.

Voor de VVD speelt, in aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen, dat zij op het terrein van migratie moeten concurreren met de PVV en FVD, die een nog strenger systeem voorstaan. ChristenUnie en D66 willen aan hun achterban tonen dat ze hun humanitaire opstelling op het gebied van migratie niet hebben geofferd aan de coalitie Rutte-III.

Minister Sigrid Kaag (Ontwikkelingssamenwerking, D66) belichaamde hoe moeilijk regeringsdeelname en partijprofilering te verenigen zijn nu de verkiezingen in zicht komen: op de vraag waar haar „morele leiderschap” is dat ze als verse partijleider van D66 zei te laten zien, gaf ze geen antwoord, daarmee duidelijk makend dat zij als minister sprak en niet als nieuwe D66-leider.

Het resultaat, zo verwoordde Farid Azarkan (Denk), is dat „de coalitie met dit compromis hoopt op complimenten van de PVV én GroenLinks”. Die partijen vertegenwoordigen op het gebied van migratie twee uitersten.

Zo ontstaat een Haags antwoord op een complex en internationaal migratievraagstuk, dat met het uitbranden van Moria uitmondt in een humanitaire ramp. Na de brand zegde het kabinet direct een miljoen euro toe voor noodhulp, maar een structurele oplossing ligt in Europa. De opstelling van Nederland laat zien hoe moeilijk dat te bereiken is.