Reportage

De lappendeken van Monteverdi bij het World Opera Lab

World Opera Lab World Opera Lab uit Amsterdam-West krijgt voor het eerst meer- jarige subsidie van het Fonds Podiumkunsten. Het gezelschap maakt een interculturele reconstructie van Monteverdi’s verloren opera L’Arianna, met Koerdische klaagzang.

Repetitie van de opera ‘Arianne’ door World Opera Lab, Amsterdam.
Repetitie van de opera ‘Arianne’ door World Opera Lab, Amsterdam. Foto Andreas Terlaak

Op hoeveel manieren kun je een rode draad aaien? Het is een belangrijke vraag voor de makers van Arïanna, die op anderhalve meter afstand de chemie tussen prinses Ariadne van Kreta en de jonge Atheense held Theseus willen laten knetteren. Theseus heeft net de Minotaurus gedood, Ariadne heeft hem uit het labyrint gered en nu zijn ze op de vlucht voor haar vader. Sopraan Aylin Sezer (Ariadne) rolt haar bolletje wol af, Shwan Suleiman (Theseus) trekt de draad strak. Ze proberen het op verschillende manieren, terwijl ze het duet ‘Ah ya zeyn’ (‘O schoonheid’) zingen. Regisseur en artistiek leider Miranda Lakerveld maakt een grap over het verschil tussen Atheens en Kretenzisch aaien. „Zo ja!”, zegt ze dan. „Dat is liever.”

De rode draad van Ariadne loopt door allerlei culturen, ontdekte Lakerveld tijdens haar onderzoek voor de voorstelling. En dat is koren op haar molen. Met haar interculturele gezelschap World Opera Lab brengt Lakerveld een kleurrijke ‘reconstructie’ van Monteverdi’s verloren opera L’Arianna, waarin muziek en dans en symboliek uit verschillende tradities samengaan. De première is vrijdag 11 september in Podium Mozaïek in Amsterdam-West.

Aylin Sezer is een bekende in de operawereld, maar Shwan Suleiman debuteert in een grote rol. Hij kwam in 1996 vanuit Koerdisch Irak naar Nederland, studeerde aan Codarts in Rotterdam, bespeelt allerlei instrumenten en verdiepte zich in uiteenlopende spirituele, vocale tradities. In Arïanna zingt Suleiman onder meer een emotioneel geladen Koerdisch strijdlied, waarbij hij zichzelf begeleidt op de daf, een Perzische lijsttrommel. Zijn Theseus is melancholiek en romantisch; dat hij Ariadne na hun liefdesnacht in de steek zal laten op het eiland Naxos is het gevolg van enorme sociale druk.

„Wat een stem”, verzucht sopraan Sezer in een pauze tussen de repetities. „Ik zou hem zo graag eens Wagner willen horen zingen – maar dat moet je natuurlijk helemaal niet denken.”

Foto Andreas Terlaak
Repetitie van de opera ‘Arianne’ door World Opera Lab, Amsterdam.
Foto Andreas Terlaak

Geitenpaadje

Het gaat goed met World Opera Lab, dat in 2008 door Lakerveld werd opgericht. Haar gezelschap is klein en lokaal begonnen, met workshops en optredens in winkels en buurthuizen, ondersteund door het stadsdeel. Ze hebben „een geitenpaadje” bewandeld, zegt ze, waarbij er steeds net genoeg geld was om een project te realiseren. Sinds vorig jaar ontvangt WOL meerjarige subsidie van het Gieskes-Strijbis Fonds, een „kantelpunt” volgens Lakerveld: daardoor kon ze verder vooruitplannen en zangers en musici enige zekerheid bieden. In de periode 2021-2024 ontvangt WOL bovendien voor het eerst meerjarige subsidie van het Fonds Podiumkunsten (125.000 euro per jaar), wegens bewezen kwaliteit en een „tamelijk uitzonderlijke positie” in de opera- en muziektheaterwereld, aldus de adviescommissie.

Lakerveld is opgegroeid in de diverse Utrechtse wijk Ondiep, waar ook de problemen en spanningen van de multiculturele samenleving voelbaar waren. De eveneens diverse school in Overvecht die ze bezocht ervoer ze juist als „een walhalla”. Beide ervaringen vormen de motor achter haar ambitie om bruggen te slaan en mensen bij elkaar te brengen. Is opera daarvoor de geëigende vorm? Ja!

De westerse operatraditie is niet uniek, er zijn talloze tradities die eenzelfde mix van zang, muziek, verhalen, theater en dans hebben

„Nederland is snel veranderd en dat zorgt voor onrust”, zegt Lakerveld. Steden als Amsterdam en Rotterdam hebben geen culturele meerderheid meer, maar zijn samengesteld uit minderheden. Die realiteit is de voedingsbodem voor WOL, dat staat voor dialoog tussen culturen en reflectie op de diverse samenleving.

De term ‘opera’ is belangrijk voor Lakerveld, omdat ze de ambitie heeft de uitsluitende mechanismes in de westerse operatraditie te adresseren. De westerse traditie is niet uniek, wereldwijd zijn er talloze tradities die eenzelfde mix van zang, muziek, verhalen, theater en dans hebben. Overal speelt mythologie een voorname rol. Bovendien is het westerse repertoire zelf sterk „intercultureel” gekleurd, benadrukt ze: van de Moorse dans aan het slot van Monteverdi’s L’Orfeo tot en met Verdi’s Aida en Puccini’s Turandot, die WOL vorig jaar in het Holland Festival bewerkte tot Turan Dokht. Wat sopraan Aylin Sezer bevalt aan WOL is „het lef om dingen samen te brengen” die normaliter niet samengaan, maar die vaak heel goed blijken te passen: „Opera gaat erover dat alles samenkomt, alle disciplines en kunstvormen – waarom zou je andere culturen er dan buiten houden?”

Onregelmatige maten

Sezer behaalde haar masterdiploma aan de prestigieuze academie van De Nationale Opera, maakte deel uit van het ensemble van Opera Vlaanderen en vertolkt in binnen- en buitenland rollen van barok en Mozart tot Verdi en Wagner. Ze houdt van „opera met een grote O”, waarin de zang altijd op de eerste plaats komt. Maar ze voelt zich ook erg verwant met de totaalbenadering van Lakerveld.

In de mengvormen van WOL zijn alle makers op zeker moment in hun element, zegt Sezer. Iedereen krijgt gelegenheid om te schitteren. Maar de rest van de tijd moet je je comfort zone verlaten en erop vertrouwen „dat de rest je draagt”. Zelf mag ze schitteren in Monteverdi’s beroemde ‘Lamento di Arianna’, om even later te worstelen met de ingewikkelde, onregelmatige maatsoort van een Turks volksliedje – hoewel ze in Turkije is opgegroeid bepaald geen sinecure, zegt Sezer met een brede lach. „Dus vraag ik het aan Shwan en die zegt: ‘o, dat doe je gewoon zo’. En dan luister ik en zing ik mee tot ik het ken.” Die instinctieve werkwijze is voor haar „een belangrijk leerproces” en iets wat ze meeneemt naar andere producties.

Van Monteverdi’s opera is alleen dat Lamento overgeleverd. De voorstelling is een fantasievolle lappendeken, met wintidanseressen, een kistorgel, traditionele Arabische, Griekse, Koerdische, Surinaamse en Turkse liederen én nieuwe muziek van drie componisten: Aspasia Nasopoulou, Kaveh Vares en Haytham Safia, die tevens oed speelt in het ensemble en een vaste waarde is bij WOL.

Safia komt uit een Arabisch stadje in het noorden van Israël en is al jaren actief in Nederland, onder meer met zijn eigen kwartet, met twee westerse klassieke musici en de Soedanese meesterpercussionist Osama Mileegi, die ook meespeelt in Arïanna. Tijdens de repetitie bladert Safia driftig in zijn bladmuziek, maar live moet alles uit het hoofd, vindt hij: „Ik wil in het publiek kijken, contact maken. Klassieke musici kijken vaak alleen maar omlaag, dat vind ik jammer.”

Arïanna: liefde zonder grenzen door World Opera Lab. 10/9 (try-out) t/m 18/9 Podium Mozaïek A’dam. Inl: www.arianna.nu