Hoge schadevergoeding voor burgerslachtoffer Nederlandse luchtaanval

Defensie Twee villa’s in Irak werden op basis van verkeerde inlichtingen gebombardeerd. Twee gezinnen werden zwaar getroffen. Minister Bijleveld van Defensie zegt nu ‘vrijwillig’ schade te vergoeden.

Een Nederlandse F-16 voerde het bombardement op Mosul uit.
Een Nederlandse F-16 voerde het bombardement op Mosul uit. Foto Vincent Jannink/ANP

Een slachtoffer van een Nederlandse ‘vergisbom’ in Irak krijgt een, volgens zijn raadsvrouw Liesbeth Zegveld, „unieke en zeer mooie” schadevergoeding van Defensie. Het gaat om Basim Razzo, de pater familias van twee gezinnen waarvan de twee villa’s in Mosul werden platgebombardeerd door Nederlandse F-16’s in september 2015. De Amerikaanse krijgsmacht, aanvoerder van de anti-IS-coalitie, dacht dat er een hoofdkwartier van IS was gevestigd. Vier gezinsleden kwamen om.

Beide partijen willen geen mededelingen doen over de hoogte van het toegekende bedrag. Minister Ank Bijleveld (Defensie, CDA) die dinsdagmiddag een brief over de kwestie naar de Tweede Kamer stuurde, noemt daarin geen details. Volgens een bron gaat het bij de compensatie om vele tonnen die, opgeteld, uitkomen in de buurt van een miljoen euro. Dat is de helft van de meer dan 2 miljoen dollar die Razzo aanvankelijk had gevraagd op basis van Amerikaanse en Iraakse wetgeving. De VS hadden Razzo eerder 15.000 dollar geboden, wat hij als een veel te laag bod had geweigerd.

Het gaat om de hoogste vergoeding die de Nederlandse staat de laatste decennia heeft betaald aan een slachtoffer van een luchtaanval. Tijdens de missie in Afghanistan sinds 2002 betaalde Nederland in totaal 475.000 dollar aan Afghaanse burgers die schade hadden geleden. „In de twintig jaar dat ik dit soort zaken doe heb ik zoiets nog nooit eerder meegemaakt”, aldus Zegveld.

In maart stelde Razzo de Nederlandse staat aansprakelijk voor de geleden schade. De 61-jarige Irakees, opgeleid in de VS en in Mosul actief als accountmanager voor het Chinese telecombedrijf Huawei, brak tijdens het bombardement zijn heup, linkervoet en schaambeen. Door granaatscherven in zijn rug kan hij niet meer lopen en werken. Zijn vrouw, dochter, broer en neefje kwamen om. Beide villa’s werden verwoest.

Dat de schadevergoeding zo hoog uitpakt, heeft te maken met het „unieke karakter” van de zaak, zegt Zegveld. Aanwijsbare schade (woningen, letsel, niet meer kunnen werken) leidt in de Nederlandse wetgeving tot hoge vergoedingen. Emotionele schade, bijvoorbeeld door het verlies van familieleden, en reputatieschade scoren lager. Bovendien heeft Basim veel contact met media, ook in de VS. Zijn zaak kwam aan het rollen na een opiniestuk van een familielid van hem in de New York Times. Dezelfde krant publiceerde een uitgebreide reconstructie van de aanval en de gevolgen, overigens zonder de Nederlandse rol daarin te noemen.

Lees ook: Miljoenenclaim van vijftig Irakezen tegen Nederland om luchtaanval Hawija

‘Nog veel te doen’

Razzo had Bijleveld ook gevraagd te bevestigen dat hij niets met IS te maken had. Dat heeft ze in een aparte brief aan hem gedaan. Bijleveld beklemtoont in haar brief aan de Kamer dat Nederland met de overeenkomst geen aansprakelijkheid erkent. Die is op basis van vrijwilligheid gesloten. „Gelet op de bijzondere aspecten en omstandigheden van dit concrete, specifieke geval en het gesprek heb ik uit humanitaire overwegingen besloten over te gaan tot het vrijwillig aanbieden van een vergoeding”, aldus Bijleveld.

Razzo zegt blij te zijn met de uitkomst. „Het is niet het bedrag waar ik om had gevraagd, maar ik ben er tevreden mee. Ik kan nu eindelijk deze periode van vijf jaar achter me laten. Dit is het, we hebben gesetteld, er is geen reden meer voor een verdere rechtszaak. Mijn plan is om te gaan herbouwen, ik heb ook nog medische operaties te ondergaan, er is zoveel te doen.”

Claim vanwege Hawija

De vraag is of de toekenning van de hoge schadevergoeding voor Razzo iets betekent voor een andere lopende zaak van Irakese burgerslachtoffers tegen Defensie. Ongeveer vijftig slachtoffers van de aanval van Nederlandse F16’s op een bommenopslagplaats in Hawija hebben, eveneens via Zegveld, een claim ingediend bij Defensie. Bij die aanval kwamen ten minste zeventig burgers om het leven in de nacht van 2 op 3 juni.

Defensie heeft echter van meet af aan het verschil tussen beide aanvallen beklemtoond. In het geval van Razzo en Mosul was volgens Nederland sprake van een fout: de inlichtingen klopten niet; In het geval van Hawija klopten de inlichtingen wel; het ging om een grote opslag van autobommen van IS die totaal met de grond gelijk werd gemaakt. Alleen was de nevenschade veel groter dan dan tevoren was berekend. Wel heeft minister Bijleveld eerder dit jaar bekend gemaakt als gebaar van goede wil een fonds ter beschikking te willen stellen aan de gemeenschap van Hawija.