Kan fraude als bij Wirecard ook hier?

Drie vragen over | Financieel toezicht In Duitsland faalde het toezicht op het frauduleuze Wirecard. Toezicht in Nederland is anders georganiseerd. En dat maakt wat uit.

Een poster in Keulen, waarop om tips wordt gevraagd die kunnen leiden tot de opsporing van de van fraude verdachte Wirecard-manager Jan Marsalek.
Een poster in Keulen, waarop om tips wordt gevraagd die kunnen leiden tot de opsporing van de van fraude verdachte Wirecard-manager Jan Marsalek. Foto Sascha Steinbach/ANP

Wat wisten de Duitse minister Olaf Scholz (Financiën) en bondskanselier Angela Merkel over de fraude bij Wirecard? Op die vraag en vele andere zullen ze komende tijd antwoord moeten geven in de Bondsdag. De parlementaire enquête naar het debacle zal vermoedelijk het hele politieke jaar tot aan de verkiezingen in 2021 beslaan.

De pijlen zijn ook gericht op toezichthouder BaFin. Die zou hebben zitten slapen of mogelijk bewust hebben weggekeken. In Nederland zijn sinds de Wirecard-affaire nog geen vergelijkbare gevallen opgedoken, maar dat wil niet zeggen dat ze er niet zijn. Hoe waarschijnlijk is het dat Nederland zijn eigen Wirecard kent? Kan het toezicht hier ook op die manier falen? Een vergelijking met Finanzplatz Deutschland in drie delen.

1 Versnipperd toezicht

De belangrijkste kritiek op BaFin gaat erover dat de toezichthouder jarenlang te weinig deed met signalen over mogelijk frauduleus handelen bij Wirecard. In plaats daarvan ging de waakhond achter journalisten en shortsellers aan die zouden samenspannen met marktmanipulatie als doel.

Maar de BaFin is niet de enige die zich met Wirecard bezighield. De toezichthouder bekijkt het gedrag van de onderneming, maar stelt voor onderzoek afhankelijk te zijn geweest van een andere partij, het privaatrechtelijke Financial Reporting Enforcement Panel (FREP). Die onderzoekt financiële rapportages op oneffenheden maar had slechts vijftien mensen in dienst. De controle op accountants was dan weer ondergebracht bij een andere organisatie, APAS, waarmee drie samenhangende taken bij drie instellingen lagen.

In Nederland is het toezicht anders geregeld en bevinden deze controletaken zich onder één dak, bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM). „Daardoor zitten zij veel dichter bij het vuur en is de informatieuitwisseling echt beter dan in Duitsland”, zegt Paul Koster van beleggersvereniging VEB.

2 Bank versus techbedrijf

Een van de eerste verdedigingslijnen die BaFin-topman Felix Hufeld optrok, was dat hij niet heel Wirecard kon overzien. Het controleerde het bankonderdeel maar een veel groter deel van de onderneming werd als techbedrijf gelabeld. Wirecard had een raamwerk aan dochterbedrijven en bleef voor een belangrijk deel onder de radar van het toezicht.

„De kans dat een fintechbedrijf tussen wal en schip valt in Nederland, is heel klein”, zegt Maurice Jongmans van de VBIN, de branchevereniging voor betaalinstellingen. Bedrijven komen volgens hem al vrij snel in beeld bij De Nederlandsche Bank, die vergunningen voor zowel banken als betaaldienstverleners uitgeeft. Jongmans: „Er kunnen best partijen zijn die betalingen verzorgen maar daar nog geen vergunning voor hebben. Dat zijn nooit hele grote partijen. Ze weten vaak niet eens dat ze een vergunning nodig hebben. DNB komt ze uiteindelijk wel op het spoor.”

Dat neemt niet weg dat fintechbedrijven iets heel anders doen dan traditionele banken. Daarvoor moet ook in Nederland meer aandacht komen, vindt VEB-voorman Paul Koster. „Geldstromen zijn anders dan vroeger. Nu stuur je een bedrag binnen enkele minuten de wereld over. Controleer je een fintechbedrijf dan moet je kennis hebben van programma’s en algoritmes. Ik hoop dat iedereen voldoende beseft dat dat echt anders is. Op dat vlak moet het Nederlandse toezicht veel meer toegespitst worden.”

3 Interne controle

Afgelopen weken kwam naar buiten dat medewerkers van de BaFin de afgelopen tijd hebben gehandeld in aandelen in Wirecard. Weliswaar in kleine volumes maar het levert in Duitsland vragen op over de onafhankelijkheid van het toezicht.

In Nederland is zoiets absoluut verboden, benadrukte AFM-bestuurder Hanzo van Beusekom afgelopen vrijdag bij een debat over Wirecard in de Beurs van Berlage in Amsterdam. „Wij beleggen niet in aandelen in fondsen die in Nederland genoteerd staan. De complianceregels zijn op dat gebied heel strikt.”

Nederland kent bovendien de zogeheten code-Tabaksblat, een gedragscode voor beursgenoteerde ondernemingen. Daarin is onder meer opgenomen dat bedrijven een interne auditcommissie hebben die controleert of de onderneming geen onaanvaardbare risico’s neemt. Wirecard had volgens Koster lange tijd niet zo’n commissie. „En toen die er anderhalf jaar geleden kwam, werd de voorzitter van de raad van commissarissen ook voorzitter van die commissie. Zoiets zul je in Nederland niet snel zien.”

We hebben het gevoel dat we er bovenop zitten

Hanzo van Beusekom AFM-bestuurder

Is het daarmee uitgesloten dat een Wirecard-achtig geval in Nederland opduikt? „Nee, ik kan geen garanties geven dat het niet gaat gebeuren of is gebeurd”, zei AFM-bestuurder Van Beusekom vrijdag. „Zeg nooit nooit, maar ik verwacht het niet. Wij hebben geen versnipperd mandaat en scannen actief media op mogelijke fraudesignalen. We hebben het gevoel dat we er bovenop zitten.”

Niet iedereen denkt daar zo over. NRC sprak met een forensisch onderzoeker die liever anoniem blijft omdat hij een aantal buiten beeld gebleven fraudegevallen onderzocht. Volgens hem komen „Wirecardjes” op „allerlei schalen” voor. Deze bedrijven wil de onderzoeker niet bij naam noemen.

Accountants controleren volgens hem het management „nauwelijks” en toezichthouders grijpen „heel beperkt en vaak after the act” in. „Regelmatig popt er weer een geval op, waar al het geld weg is en er nooit een echte opbrengst is geweest. Het hoort er gewoon bij. Het is van alledag.”

Dat er gefraudeerd wordt in Nederland, kan VBIN-voorzitter Jongmans evenmin uitsluiten. Dat het op de schaal van Wirecard gebeurt, lijkt hem onwaarschijnlijk. „Als NRC morgen mijn functioneren in twijfel trekt en ik net voor 5 miljoen euro een nieuwe woning heb gekocht, dan staat DNB bij mij op de stoep. Dan moet ik echt wel laten zien dat ik inderdaad de Staatsloterij heb gewonnen.”