Isaias maakt van de tuin een slagveld

Vanuit de Verenigde Staten schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: dor hout en orkaanamnesie. Wie herinnert zich nog de Long Island Express van 1938?
Illustratie Eliane Gerrits
Illustratie Eliane Gerrits

Mijn dagelijkse boswandeling is een hindernisbaan geworden. Overal liggen omgevallen bomen. Het is alweer een maand geleden, maar de gevolgen van de orkaan Isaias zijn nog overal te zien. Men is druk bezig huizen te repareren en boomstammen weg te slepen. De combinatie van dichte bossen, bovengrondse elektriciteitslijnen en orkanen is geen gelukkige. Zo’n drie miljoen huishoudens hebben dagen, soms weken, zonder stroom gezeten. Naast alle andere rampspoed is 2020 ook een recordjaar voor dit natuurgeweld. Er zijn al dertien vernoemde stormen geweest, zes sinds Isaias. De kans is groot dat we dit jaar uit het Latijnse alfabet lopen en naar het Griekse moeten overgaan.

Orkanen, vernoemd naar Huracan, de stormgod van de Maya’s, waren een verrassing voor de eerste kolonisten. De reuzenstormen vormen zich voor de kust van Afrika en gaan dan westwaarts, net als de ontdekkingsreizigers destijds. Het zojuist verschenen A Furious Sky van Eric Jay Dolin beschrijft hun vernietigende rol in de geschiedenis van het continent, te beginnen met Columbus die op z’n vierde reis werd getroffen. Ze zijn verantwoordelijk voor de helft van alle natuurlijke schade, met als dieptepunt Katrina, nu vijftien jaar geleden, met een rekening van 160 miljard dollar en 1.800 doden.

Tot voor kort waren orkanen moeilijk te voorspellen. Omdat ze niet zo vaak voorkomen, verdwijnen ze snel uit het geheugen. Men spreekt van ‘orkaanamnesie’. Zo kunnen de stormen steeds weer hun verwoestende werking doen. Wie herinnert zich nog de Long Island Express van 1938 die uit het niets grote delen van New York en New England kaalsloeg, inclusief drie miljard bomen?

Maar nu is er de weer-app. Terwijl we buiten in het zonnetje zaten, zagen we Isaias met hoge snelheid op ons afkomen. Anders dan bij de vorige orkaan, Sandy in 2012, wist ik dit keer wat me te doen stond. Alles wat los zat binnenhalen. Stoelen, tafels, gieters, badmintonrackets. Ik keek naar de oude bomen in de tuin met hun widowmakers - afgebroken, loshangende takken. Na Sandy had ik die het liefst allemaal gekapt en vervangen door onschuldige, manshoge fruitboompjes.

Hoveniers reden rond voor spoedklussen. Amerikanen geven een fortuin uit aan gezondheidszorg, ook van hun bomen. Die dragen linten in verschillende kleuren om aan te geven hoe ziek ze zijn. Maar een boom kappen is kostbaar en wordt vaak uitgesteld.

Daar was Isaias dan. Bomen bogen vervaarlijk door. Takken vlogen door de lucht. Alles rammelde en gierde. De stroom viel uit, kwam een paar keer plagerig terug, om daarna definitief uit te vallen. Even plotseling was het weer stil. De tuin was veranderd in een slagveld.

Dit keer was er een boom gevallen op het huis van de buren. Een enorme den lag pontificaal over de garage van het gezinnetje met het meisje dat net haar eerste verjaardag vierde. Enkele meters naar rechts en dit gezin zou een dramatisch lot hebben getroffen.

Zoals iedereen, pakte ik toch weer snel het leven op. Maar ik blijf wel met een scheef oog naar al die bomen kijken. Geen dor hout, maar stuk voor stuk levensgevaarlijke valbijlen. Voor mij geen orkaanamnesie.

Reacties naar pdejong@ias.edu