In India opent een gespierd lijf de deur naar de middenklasse

bodybuilding De helden van Bollywood hadden een buikje, geen sixpack. Met buikspieren als het nieuwe schoonheidsideaal zien jongens uit arme milieus een kans om tot de middenklasse toe te treden: als de gespierde trainers van de rijken.

Vivek Neopany geeft vooral training thuis bij zijn klanten, vrijwel allemaal succesvolle zakenlui.
Vivek Neopany geeft vooral training thuis bij zijn klanten, vrijwel allemaal succesvolle zakenlui. Foto Samyukta Lakshmi

In zijn familie noemen ze hem motu, grapt Vivek Neopany. Dik. Het wereldje van bodybuilding is hun nog altijd vreemd, hoewel de sport het afgelopen decennium een vlucht nam in India, met competities vol geoliede en gespierde lijven in zelfs de meest afgelegen delen van het land. Dus als hun neef weer eens aankomt, zijn shirt strak gespannen door de biceps eronder, bovenbenen met een omtrek van 70 centimeter die nauwelijks in een normale broek passen, dan zien zij vooral dat. „Ha Vivek, je bent motu!”

Op het scherm van WhatsApp-video schiet de 31-jarige bodybuilder uit Kolkata smakelijk in de lach. Hij kan het ze niet kwalijk nemen. In het oude India werd een lijf als het zijne voornamelijk geassocieerd met goonda’s, onderwereldtypes. De helden in Bollywood-films hadden een buikje, geen sixpack, laat staan een eightpack. Maar Neopany is een kind van het nieuwe India: het India van economische groei, glimmende winkelcentra vol westerse ketens en Bollywood-sterren die op het witte scherm met hun afgetrainde torso pronken.

In dat India werden buikspieren niet alleen het schoonheidsideaal van een nieuwe, opkomende middenklasse, schrijft de Nederlandse antropoloog Michiel Baas in zijn onlangs verschenen boek Muscular India. Het werd ook een middel voor jongens uit veelal armere milieus om zich een weg tot die middenklasse te verschaffen. Met nieuwe carrières die beginnen bij de lokale sportschool in de hoop te eindigen als veelgevraagd personal trainer van de rijken. En dat alles met hun eigen gespierde lijf als uithangbord.

Maar daar was Neopany nog helemaal niet mee bezig toen hij als tiener voor 15 roepies per maand, amper 20 cent, in een lokale sportschool gewichten begon te heffen. Hij wilde simpelweg meer kunnen tillen dan zijn vrienden. Een lijf als „Arnold, Jean-Claude en Rambo”, wier films hij verslond. Kijken hoe het voelt om zo sterk te zijn.

Was alles volgens plan verlopen, dan had Neopany nu in een strak pak op het kantoor van een grote multinational gezeten. Ernst & Young, Accenture. Dat was de droom. Maar hij kwam niet binnen, net zoals hij niet werd toegelaten tot de masteropleiding accountancy, omdat niemand financieel garant voor hem kon staan. „In India gaan deuren pas open als je mensen kent”, zegt Neopany. Maar dat soort contacten had hij niet. Hij is de eerste in zijn familie met een diploma. Zijn vader stierf toen hij acht jaar oud was.

Lees ook over Indiase schoonheidsidealen: Indiër zoekt met lichte teint geluk

Sportleraar in India’s Silicon Valley

In 2010 verruilde hij Kolkata voor Bangalore. De Zuid-Indiase stad had zich ontpopt tot het Indiase antwoord op Silicon Valley. Maar toen de kantoorbaan uitbleef en Neopany de huur van zijn kamer niet meer kon betalen, klopte hij aan bij een kleine sportschool. Voor 6.000 roepies per maand, nog geen 70 euro, mocht hij als trainer aan de slag .

Neopany is een van de bodybuilders die de afgelopen jaren door Michiel Baas werden gevolgd. De antropoloog kwam al een tijdlang in India en raakte gefascineerd door de sportscholen die hij overal zag opkomen, de billboards waarop mannelijke modellen er ineens heel anders uitzagen. „Ik wilde weten wie deze makers van dat nieuwe lichaam zijn en waarom ze voor dit pad kiezen”, zegt Baas. „Want het is een omgeving die botst met veel van de conservatieve waarden van hun ouders.”

Het antwoord vond de onderzoeker in sociale mobiliteit. „Deze jongens hebben vaak een totaal andere komaf dan hun clientèle. Wat ik steeds hoorde, is dat ze dit zien als een kans ‘om te leren’. Hoe ze zich moeten kleden, gedragen, hoe ze Engels moeten spreken, in India cruciaal om hogerop te komen. Dingen die ze van huis uit niet hebben meegekregen.” Omgekeerd maakt hun lijf het interessant voor „middenklassetypes” om met hen om te gaan, zegt Baas. Iets wat buiten de sportschool ondenkbaar zou zijn.

Het obstakel om omhoog te klimmen in India is volgens hem dan ook vaak geen geld. „Waar het om gaat is sociaal kapitaal. Wie ken je? Wat is je netwerk? Het nieuwe India is wat dat betreft nog heel oud. Sociale lagen zitten erg vast.”

Het heeft een heel – bij vlagen schimmig – wereldje op zich gecreëerd. Met een wirwar aan bodybuildingcompetities, federaties en titels die deuren kunnen openen naar goed betalende personaltrainingklanten, of een baan bij de overheid dankzij speciale sportquota. Maar dat vraagt een flinke investering. Van de 60.000 roepies die Neopany op een gegeven moment per maand verdiende, ging zo’n 50.000 op aan voeding en supplementen. „Voor een competitie eet ik zo’n veertig eieren per dag.” Neopany: „Elk bedrijf moet eerst investeren voor het kan groeien. Zo zag ik het.”

Bodybuilder Vivek Neopany, thuis in Bangalore, maakt een onbijtshake met het eiwit van tien eieren en papaya.
Foto Samyukta Lakshmi

Van Mr. Karnataka tot Mr. World

De bodybuilder deed mee aan tal van competities, van Mr. Karnataka tot Mr. India. In 2017 werd hij geselecteerd voor Mr. World. Daar werd Neopany vijfde. Een mooi resultaat, vond hij zelf. „Voor het eerst stond ik op het podium met bodybuilders uit andere landen, dat heeft mij enorm gemotiveerd.” Met foto’s en livevideo’s op Facebook en Instagram, waar hij meer dan 200.000 volgers heeft, laat Neopany zien hoe hij zich klaarmaakt voor zo’n competitie. „Transformeren”, noemt hij dat. „Het helpt me aan nieuwe klanten.”

Inmiddels werkt hij alleen nog als personal trainer, waar hij zo’n 200.000 roepies mee verdient, een fors salaris in India. Althans, dat verdiende Neopany vóór corona. Door de lockdown bleven sportscholen maandenlang gesloten, waardoor hij minder werk had. Nu geeft hij vooral training thuis bij zijn cliënten, vrijwel allemaal succesvolle zakenlui. „Ze hebben hun eigen gym, die ik ook mag gebruiken.” Zelf was hij begin dit jaar aan het trainen voor Mr. Asia en Mr. World, maar ook dat ligt nu allemaal stil.

Dat is zijn droom nog, zegt Neopany. Een internationale titel winnen, de Indiase vlag ophouden op zo’n groot podium. Daarna, over een jaar of twee, stoppen met competities. Iets ‘slanker’ worden („zoals Sylvester Stallone in Rambo 2 en 3”) en, als zijn moeder haar zin krijgt, trouwen. „Ze vindt het nog steeds niets dat ik dit doe”, zegt hij lachend. „Volgens haar zie ik eruit alsof ik ziek ben wanneer ik aan wedstrijden meedoe.” Bovendien is hij bijna 32. „In India moet je dan eigenlijk al lang getrouwd zijn.” Nog even, zegt hij tegen haar. Eerst nog één titel.

Tijdens een work-out in een fitnessclub. Door de lockdown bleven sportscholen maandenlang gesloten.
Foto Samyukta Lakshmi